Ze ontwerpen huizen van miljoenen euro's voor vermogende klanten. Hun profiel oogt wat cliché: ze grijpen graag terug naar de wereld van de kunst en weten mooie materialen te waarderen. We hebben het over namen zoals Vincent Van Duysen, Axel Vervoordt, Bruno Erpicum, Marc Corbiau, Charly Wittock (AWAA), Olivier Dwek, Daphné Daskal, Stéphanie Laperre en Olivier Lempereur. Ze zijn met niet zovelen, de architecten die de huizen van de happy few ontwerpen.
...

Ze ontwerpen huizen van miljoenen euro's voor vermogende klanten. Hun profiel oogt wat cliché: ze grijpen graag terug naar de wereld van de kunst en weten mooie materialen te waarderen. We hebben het over namen zoals Vincent Van Duysen, Axel Vervoordt, Bruno Erpicum, Marc Corbiau, Charly Wittock (AWAA), Olivier Dwek, Daphné Daskal, Stéphanie Laperre en Olivier Lempereur. Ze zijn met niet zovelen, de architecten die de huizen van de happy few ontwerpen. "Als een van die architecten voor het ontwerp tekent, stijgt de waarde van het onroerend goed", weet David Chicard, de directeur van het makelaarskantoor Sotheby's Belgium. "Voor een huis van Corbiau ligt de verkoopprijs 20 tot 30 procent hoger. Zijn architectuur wordt gewaardeerd en hij heeft veel ervaring. Er staat momenteel maar één Corbiau-woning te koop in Brussel." Sommige van die architecten zijn een referentie geworden. Een woning van hun hand vermindert niet in waarde. Oudere voorbeelden zijn Jacques Dupuis en Victor Horta. "Hun huizen zijn heel gewild en worden ook verkocht tegen 20 tot 30 procent hogere prijzen", zegt Chicard. "Normaal gesproken is 20 procent van de huizen in onze portefeuille door een bekende architect gebouwd. Er is een grote vraag naar dat soort eigendommen. Onze klanten weten wat ze willen: een eigendom waarvan ze kunnen genieten en die hen een zekere status geeft." De meeste architecten bevestigen dat ze aan een huis van 5 miljoen euro niet meer werk hebben dan aan een eigendom van 500.000 euro. Voor beide is de dialoog met de klant essentieel, en de zoektocht naar evenwicht in ruimte en licht. De meerkosten hangen vooral samen met de materialen en de specifieke details. "De architectuur is niet per definitie beter", zegt architect Bruno Erpicum, de oprichter van de Bruno Erpicum en Partners Architecture Studio. "De prijs maakt niet de kwaliteit van een project. Mijn werk blijft hetzelfde. Ik heb heel mooie familiehuizen gemaakt voor 1,3 miljoen of 2 miljoen euro (exclusief btw, nvdr). Een van de belangrijkste verschillen is het culturele niveau van de klant en zijn hang naar kwaliteit." Charly Wittock, de oprichter van het architectenbureau AWAA, deelt die mening: "Ik heb lang in de Verenigde Staten gestudeerd en gewerkt. Daar leerde ik het belang van de service. Die opent de deur naar het luxevastgoed. Dat soort klanten is een onberispelijke service gewend. Ze accepteren geen fouten en houden je bij de les. In ruil mag je werken met een soms onbeperkt budget." "Almaar meer klanten willen merkarchitectuur, een handtekening", zegt Charly Wittock. "Het gaat om mensen die gewend zijn risico's te nemen in hun beroep en die bereid zijn nieuwe horizonten te verkennen. Ze willen iets speciaals. Ze zijn ook milieubewust. Ons werk bij AWAA is anders. We hebben misschien geen gewilde handtekening, maar een bepaalde visie. Onze projecten verschillen dan ook enorm van elkaar." De topper van het moment, Marc Corbiau, houdt een oogje in het zeil wanneer een door hem ontworpen huis van eigenaar verandert. "Twee derde van de huizen die ik heb ontworpen, is intussen van eigenaar veranderd", zegt hij. "Regelmatig vragen nieuwe kopers mij naar mijn standpunt over werken die ze willen uitvoeren. Ik zorg ervoor dat de interventies zo voorzichtig mogelijk gebeuren. Niets verplicht hen mij te consulteren, maar ik zie het als een vorm van respect voor mijn werk. Het recept voor een succesvol project is relatief eenvoudig. Je moet verschillende factoren kunnen verzoenen: de omgeving, het uitzicht, de wensen van de eigenaars en de zon." Zoals veel collega's heeft Bruno Erpicum in het buitenland gewerkt. Daardoor heeft hij nog meer erkenning gekregen in België. "Ik heb één gedragslijn: alle overbodige elementen, alle vormen van decoratie schrap ik", zegt hij. "Zelfs het plafond zie ik als een decoratief element waaraan ik kan werken. Ook de juiste verhoudingen zijn belangrijk. Voor de rest is het bij prestigieuze projecten, bijvoorbeeld een huis van 700 vierkante meter, moeilijk het evenwicht te bewaren. Alle kamers en functies moeten samen een harmonieus geheel vormen. Dat vergt een grote beheersing van de ruimte, het licht, het perspectief en de materialen. De architect mag zich niet vergissen, want het gebouw blijft lang staan, goed of fout." Dat hij zich geen zorgen hoeft te maken over het budget, is voor een architect een grote een luxe. Het biedt de kans het werk vanuit andere invalshoeken te benaderen. De luxearchitecten maken ook niet zelden gebruik van zeldzame of complexe materialen. Dat helpt ook om zich te onderscheiden. "Het stelt ons in staat verder te gaan in de zoektocht naar details en terug te grijpen naar vakmanschap", geeft Charly Wittock toe. "We hebben een grotere keuze in de gebruikte materialen. En we kunnen een beroep doen op vakmensen, ambachtslui en specialisten. We kunnen veel meer onderzoeken en experimenteren. Sommige klanten willen iets unieks. Dat is heel bevredigend voor een architect." Het segment van het luxevastgoed bloeit. De architecten hebben geen gebrek aan werk. De betonstop zal hen niet tegenhouden. "Dit soort klanten kan zich veroorloven wat ze maar willen en waar ze het willen", verklaart Marc Corbiau. "Meestal zijn ze op zoek naar een uitzonderlijke omgeving, en die vinden ze ook." Charly Wittock is het daarmee eens: "Ik ben er niet van overtuigd dat er meer klanten zijn dan vroeger. Ik heb de indruk dat er meer projecten zijn omdat we tegenwoordig veel meer communiceren." Het actieterrein van deze architecten reikt intussen verder dan enkel villa's. Ook ontwikkelaars doen een beroep op hen. "De nieuwe trends in de maatschappij met betrekking tot bouwen veranderen ook de markt voor luxevastgoed", erkent Bruno Erpicum. "Het wordt almaar ingewikkelder om een bouwvergunning te krijgen. Tegelijk wenden almaar meer ontwikkelaars zich tot topprojecten. Het gaat voornamelijk om complexen met een tiental appartementen. Het doelpubliek zijn senioren die van hun villa naar een appartement willen verhuizen. We verwachten almaar meer van zulke projecten in de toekomst."