Jaren geleden, toen je op de Boekenbeurs nog door de menigte moest dringen, wachtten de bezoekers op het monster van Lochness: een kunst- en boekenminnend persoon, en de woordvoerder van een Belangrijke Bijeenkomst ter Bevordering van het Betere Boek, die vurig pleitte voor de vaste boekenprijs.
...

Jaren geleden, toen je op de Boekenbeurs nog door de menigte moest dringen, wachtten de bezoekers op het monster van Lochness: een kunst- en boekenminnend persoon, en de woordvoerder van een Belangrijke Bijeenkomst ter Bevordering van het Betere Boek, die vurig pleitte voor de vaste boekenprijs. Dit jaar ontbreekt dat pleidooi, want sinds 1 juli heeft Vlaanderen een gereglementeerde boekenprijs. Eindelijk. De boekenminnende meute - bewonder ook hier mijn alliteratie - wist dat het monster dit jaar niet meer zou opduiken en is massaal naar de betere boekhandel getrokken. Het boekenvak is gered. Van wie? Voor een zakenblad als Trends is het boeiend te lezen dat bij de toelichting bij het decreet de vijand met naam en toenaam wordt genoemd: de lezer wordt benadeeld door de lage prijs van de boeken in de supermarkt. Na mijn e-mail over dat nieuwe economische inzicht heeft Paul Krugman de vijfde editie van zijn handboek economie aangepast. We verhogen de gemiddelde boekenprijs en dus verhoogt de vraag. Wie ben ik om die wijsheid tegen te spreken? De autosector heeft moeilijkheden. Leve de vaste autoprijs! Voortaan geen kortingen meer! De supermarkten kunnen wel onschuldig pleiten dat de boekenmarkt een winner-takes-allmarkt is geworden. Aan de ene kant heb je J.K. Rowling, Dan Brown, Lize Spit, Jeroen Olyslaegers, Griet Op de Beeck, Tom Lanoye. Zij verkopen tienduizenden exemplaren. Volgens het modelcontract van het Vlaams Fonds der Letteren geldt een heel simpel principe: hoe meer boeken je verkoopt, hoe meer je per boek verdient! Dat is kapitalistisch, dat zweemt naar supermarkten. Omdraaien, die auteursvergoedingen. Maak ze torenhoog voor de eerste duizend exemplaren en maak er nul van boven de vijfduizend. Er is nog meer . De toppers winnen de ene mooie geldprijs na de andere. Schaf al die prijzen af, verknoei onze beste talenten niet met geld! Laat ze niet lijken op managers van supermarkten, die soms onzindelijke bonussen krijgen. En dan heb je nog de reclame. Je mag niet naar de radio luisteren of je hoort de stem van de publieksliefhebbers. Dat heet marketing bij de verfoeide Carrefours van deze wereld! Reclame herleidt een edel product zoals een boek tot waspoeder. Laten we daar zeker ingrijpen en die toppers een spreekverbod opleggen. Die moeten schrijven verdorie, niet spreken. Telkens opnieuw zie ik columns van Herman Brusselmans, Lize Spit, Arnon Grunberg. Laat een commissie oordelen of hun columns wel literair genoeg zijn! Zo'n commissie kan snel beslissen, na een maand of drie heb je hun advies. Of beter nog: laat niet toe dat kunstenaars, die toch regelmatig overheidsbeurzen krijgen, schnabbels bijverdienen. Geld verdienen is scabreus, dat doen alleen die stoute supermarkten, en geld trekt kunstenaars weg van hun volgende meesterwerk. Daartegenover staan ellenlange rijen jonge, arme, getalenteerde schrijvers, die geen beurs krijgen, en die op radio en tv niet mogen vertellen hoezeer ze geworsteld hebben met drank en nu op zondag vaak nuchter zijn. Zij verkopen enkele tientallen boeken en krijgen lage auteursrechten. Aan die wantoestand wil ik meteen een einde zien komen. De overheid moet nog verregaander ingrijpen in het verfoeide mechanisme dat 'markt' heet. De prijs is gelukkig al gereglementeerd voor stripverhalen, kookboeken, stationsromans, boeken over gelukkig zijn of rijk worden in vijf eenvoudige stappen, thrillers over viezeriken die vrouwenlijken in stukken hakken. Maar het kan beter. Pak het geld waar het te vinden is! Bij die succesauteurs! Dat zijn meer en meer ondernemers of authorpreneurs. Hoe vies. Topauteurs zijn de supermarkten onder de schrijvers. Laten we hen boycotten! Hier en daar hoor ik fluisteren: hoe gek, waarom wil die man ingrijpen, laat die volwassen auteurs, lezers, uitgevers en verkopers toch hun ding doen. Ik fluister terug: ik geef toe, ik ben een beetje gek, maar niet veel gekker dan de vaste boekenprijs. En ik zie het lijk van het monster van Lochness in staat van ontbinding voorbijdrijven.