Wordt Michaël Roebben voor het Vlaamse vergunningenbeleid wat Jean-Marc Bosman heeft betekend voor het transfersysteem in het voetbal? De uitbater van het familiebedrijf Hoevekip Mich GCV in Kortessem kon wellicht niet vermoeden wat de impact van zijn plannen voor een megastal met 177.000 kippen zou zijn.
...

Wordt Michaël Roebben voor het Vlaamse vergunningenbeleid wat Jean-Marc Bosman heeft betekend voor het transfersysteem in het voetbal? De uitbater van het familiebedrijf Hoevekip Mich GCV in Kortessem kon wellicht niet vermoeden wat de impact van zijn plannen voor een megastal met 177.000 kippen zou zijn. De Raad van Vergunningsbetwistingen oordeelde dat Roebben niet kan bewijzen dat de stikstof die na de uitbreiding zou vrijkomen, de draagkracht van het nabijgelegen Bellevuebos niet verder aantast. Dat bos is een Natura 2000-gebied, beschermd door de Europese habitatrichtlijn. Maar de vernietiging van de vergunning reikt veel verder dan het protest van buren en milieubewegingen. De Europese habitatrichtlijn verplicht de lidstaten hun beschermde natuurgebieden gezond te houden. Die moeten tegen 2050 allemaal in goede staat zijn, iets waar nu amper 3 van de 46 Vlaamse natuurgebieden aan voldoen. Tot het zover is, mag de toestand niet verslechteren. Voor de meeste soorten schadelijke uitstoot volgt Vlaanderen de Vlarem-regels. Maar onze regio zit al jaren in de knoop met veel te hoge stikstofwaarden. 80 procent van de natuurgebieden kreunt onder te veel stikstof. De Vlaamse regering discussieert al sinds 2014 over een boekhoudsysteem voor de uitstoot van stikstof, de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) in het jargon. Maar er is nog altijd geen beslissing over wie - landbouw, industrie, woningbouw en transport - hoeveel mag uitstoten. Daarom koos de vorige Vlaamse regering in 2016 voor een 'significantiedrempel'. Een activiteit die minder dan 5 procent van de kritische drempel van een gebied bijdraagt, kan een vergunning krijgen. Maar wanneer er meer dan twintig stallen, woonwijken of nieuwe fabrieken worden gebouwd, gaat de totale stikstofdruk hopeloos in het rood. Voor dat significantiekader is geen wetenschappelijke onderbouw. De rechter heeft die redenering dan ook van tafel geveegd. Volgens het arrest is elke impact op natuurgebieden die al onder druk staan, te veel. Ook wordt uitdrukkelijk verwezen naar de uitspraak van het Europees Hof van Justitie in de Nederlandse stikstofkwestie. Dat verwierp de Nederlandse PAS-regeling. Daardoor liggen maar liefst 18.000 projecten stil: van nieuwe woonwijken, uitbreidingen van landbouw- en industriële bedrijven tot wegenbouw. Vooral de landbouwsector, leert het recentste Jaarrapport Lucht van de Vlaamse Milieumaatschappij. Al mag daar een kanttekening bij. Uit het buitenland afkomstig stikstof, goed voor de helft van wat in België neervalt, komt grotendeels van het verkeer en de industrie. Er is echter een verschil tussen de uitstoot en de neerslag. Stikstoxiden (52%) en ammoniak (48%) nemen elk ongeveer de helft van de stikstofuitstoot voor hun rekening. Stikstofoxiden komen vooral van het verkeer (63%). Vlaanderen exporteert overigens bijna drie keer zoveel stikstofoxiden als het importeert. Bij ammoniak is het plaatje eenduidiger: 95 procent komt van de landbouw. Belangrijker is de stikstofdepositie, dat is de stikstof die uiteindelijk neervalt. Die komt voor een kleine helft (48%) uit het buitenland aanwaaien. Van de binnenlandse bronnen komt twee derde van de landbouw. De rest komt van het verkeer (22%), huishoudens (5%), industrie (5%) en de energiesector (0,9%). Dat wil de Vlaamse regering vermijden. Potentieel komt elk project dat een negatieve impact heeft op Natura 2000-gebieden in het gedrang. Omdat die gebieden over heel Vlaanderen verspreid liggen, kan dat een mokerslag voor tal van bedrijven worden. Ook infrastructuurwerken en nieuwe woonwijken zijn bedreigd. Al die initiatieven moeten op zijn minst zorgen dat de stikstofimpact wetenschappelijk berekend wordt. Dat vergt tijd en geld. De meeste experts gaan ervan uit dat 95 tot 100 procent van de aanvragen momenteel zou worden verworpen. Nieuwe projecten hebben bijna onvermijdelijk een impact op de beschermde gebieden. Bovendien is het niet uitgesloten dat ook vergunningen die al verleend zijn, alsnog kunnen worden aangevochten. Het significantiekader waarmee de vergunning is verleend, is immers juridisch en wetenschappelijk ongegrond. Vlaams minister van Omgeving en Natuur Zuhal Demir (N-VA) waarschuwt dat "de economie dreigt stil te vallen als we dit niet oplossen". Tegelijk wil haar collega, minister van Economie en Landbouw Hilde Crevits (CD&V), een oplossing die "toelaat dat landbouwbedrijvigheid en elke economische activiteit in ons land kunnen blijven plaatsvinden". De Vlaamse regering riep begin dit jaar al een panel van experts en academici bijeen, die haar moet adviseren over een betere stikstofregeling. Er zijn juridische vluchtwegen, maar ook die hebben hun obstakels. Artikel 6.4 van de habitatrichtlijn laat toe dat er wordt afgeweken van de regels, als het algemeen belang dat kan rechtvaardigen. Dat kan wellicht een uitweg bieden voor de gasgestookte elektriciteitscentrales. Die zijn nodig om de kerncentrales te vervangen, wanneer die tussen 2023 en 2025 worden stilgelegd. Het algemeen belang aantonen voor relatief weinig stikstof uitstotende gascentrales is wellicht niet zo moeilijk. Ook voor landbouwbedrijven die instaan voor de voedselvoorziening is dat misschien een optie. De Vlaamse regering kan inspiratie halen uit het pleidooi van de Duitse advocaat-generaal Juliane Kokott in de Nederlandse PAS-zaak. Zij meent dat de toepassing van de habitatrichtlijn niet tot gevolg kan hebben dat de landbouw en de economische activiteit in grote mate worden ontmanteld: "Dwingende redenen van groot openbaar belang dienen naar behoren in aanmerking te worden genomen." Toch zal Europa wellicht enkel genoegen nemen met een oplossing die leidt tot voldoende grote stikstofreducties. Demir wil dat tegen eind dit jaar rond hebben. Maar dan zal ons land beter voor de dag moeten komen dan het tot nu heeft gedaan. Een week voor het stikstofarrest werd België door Europa verder in gebreke gesteld voor zijn luchtbeleidsplan. Samengevat klinkt het dat België de Europese Commissie al jaren aan het lijntje houdt over verbeteringen van de luchtkwaliteit in de Brusselse en de Antwerpse regio, maar dat die er eenvoudigweg niet zijn. Ook industrie, mobiliteit en verkeer moeten beter doen. De Europese Commissie verwacht antwoorden en actie, tegen midden april.Er is niet alleen de stikstofdiscussie. De rechtbank van eerste aanleg in Brussel behandelt op 16 maart de klacht van de vzw Klimaatzaak. Die vraagt dat de federale en de regionale regeringen van ons land een klimaatwet met ambitieuze doelstellingen aannemen. Ze spiegelen zich aan het voorbeeld van het de Urgenda-zaak in Nederland. De vzw Urgenda kreeg gelijk van de rechters, waardoor de Nederlandse regering haar klimaatdoelen fors moest optrekken. Toch is het kort door de bocht om te zeggen dat de rechters voortaan het klimaatbeleid bepalen, vindt Kurt Deketelaere, professor milieurecht aan de KU Leuven en voorzitter van het Sustainability College Bruges. "Voor stikstof is er een duidelijk bindend Europees wetgevend kader, dat Nederland en België niet goed toepassen. Dat maakt een afstraffing door een rechter niet zo moeilijk of uitzonderlijk, en eigenlijk zelfs vanzelfsprekend. Dat is een heel ander soort dispuut dan Urgenda in Nederland of Klimaatzaak in België. Daarbij proberen activisten te verkrijgen dat de overheden zich houden aan beloftes met niet wettelijk bepaalde doelstellingen. Urgenda eist dat de overheid beter en meer doet dan de wet voorschrijft. De enige juiste benadering is dan dat er nieuwe wetten moeten komen. Anders dreigt er een funest opbod."Kan de uitstoot van stikstof worden opgenomen in een veelomvattende CO2-taks, die zou kunnen gelden voor tal van vervuilende activiteiten? Deketelaere ziet alvast een juridisch probleem. "De helft van de stikstof die in Vlaanderen neerslaat, komt uit het buitenland. Hoe ga je die belasten?" Minister Demir is een heel koele minnaar van een CO2-taks. Die komt volgens haar neer op een belastingverhoging, niet op een verschuiving. Om de grote vervuilers minder CO2 te doen uitstoten, heeft Europa al jaren het ETS, een handelssysteem voor emissierechten voor bedrijven die veel broeikasgassen de lucht insturen. Ze betalen voor het recht om CO2 te mogen uitstoten. De prijs van die uitstootrechten slabakte jaren, maar scheert de jongste maanden hoge toppen. Nederland voerde een systeem van verhandelbare stikstofrechten in. Een landbouwer kan de rechten van een stoppende collega overnemen. Maar ook bedrijven en bouwontwikkelaars azen op die rechten. Dat drijft de prijs zo op dat er nog amper boeren hun rechten aan collega's verkopen. Dat systeem kopiëren naar Vlaanderen is bijna een garantie op boerenprotesten.