De federale ambtenaren leggen op 30 april het werk neer. Hun grieven: de vaste benoeming wordt afgebouwd, er wordt gesnoeid in de verlofregeling, het ziektekrediet wordt afgebouwd en na de Vlaamse regering zal ook de federale uitzendarbeid bij de overheid mogelijk maken.
...

De federale ambtenaren leggen op 30 april het werk neer. Hun grieven: de vaste benoeming wordt afgebouwd, er wordt gesnoeid in de verlofregeling, het ziektekrediet wordt afgebouwd en na de Vlaamse regering zal ook de federale uitzendarbeid bij de overheid mogelijk maken. Voorts zijn de vakbonden niet te spreken over de uitgavenbeperkingen bij de overheidsadministraties. Een van hun argumenten is dat er zoveel bespaard wordt dat de overheid niet langer haar cruciale taken kan vervullen. Het blijft onbegrijpelijk dat de vakbonden zich zo rigide opstellen. Besparingen zijn noodzakelijk, want jarenlang bleef het overheidsapparaat in omvang toenemen. Daarnaast moet de publieke sector zich net als de privésector aanpassen aan een wijzigende maatschappelijke en sociaaleconomische omgeving. Tegelijk moet de overheid een aantrekkelijke werkgever worden. Daarom is een aanpassing van het statuut van het overheidspersoneel nodig.De vakbonden focussen te veel op wat zij als de negatieve kanten van de hervorming van het ambtenarenstatuut zien. De contractuele ambtenaren kunnen straks bijvoorbeeld echt carrière maken bij de overheid en krijgen volwaardige promotiekansen. Het is ook de bedoeling dat er een individueel begeleidingstraject komt voor ambtenaren zodat ze hun loopbaan in een bepaalde richting kunnen duwen. Wie kan daar tegen zijn? En dan is er nog de uitzendarbeid in de overheid waarmee België eindelijk aansluiting vindt met alle andere EU-landen, Griekenland uitgezonderd. Daarmee kunnen werkgevers snel inspelen op bepaalde noden zoals de vervanging van tijdelijk afwezig personeel of de toename van het werk. De vakbonden hebben geen oog voor die positieve evolutie.