De epidemioloog en vaccinoloog Pierre Van Damme maalt er niet om dat hij dagelijks zowat 19 uur in de weer is om het coronavirus te bestrijden. "Ik ben 61 en heb hierover vele jaren gedoceerd. Nu moet ik mijn verantwoordelijkheid nemen", zegt de vicedecaan van de faculteit geneeskunde en gezondheidswetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Hij geeft ook les over infectieziektes en vaccinologie, en is diensthoofd van het Centrum voor Evaluatie van Vaccinaties (CEV). Dat is een referentiecentrum van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de Europese hub van het prestigieuze Vaccine Confidence Project van de antropologe Heidi Larson, de partner van viroloog Peter Piot. Het werd gelanceerd om de oorzaken van wantrouwen tegen vaccinatie te detecteren en er een antwoord op te bieden. Een kolfje naar de hand van Van Damme, die in de opeenvolgende expertengroepen de regering adviseert over de aanpak van covid-19.
...

De epidemioloog en vaccinoloog Pierre Van Damme maalt er niet om dat hij dagelijks zowat 19 uur in de weer is om het coronavirus te bestrijden. "Ik ben 61 en heb hierover vele jaren gedoceerd. Nu moet ik mijn verantwoordelijkheid nemen", zegt de vicedecaan van de faculteit geneeskunde en gezondheidswetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Hij geeft ook les over infectieziektes en vaccinologie, en is diensthoofd van het Centrum voor Evaluatie van Vaccinaties (CEV). Dat is een referentiecentrum van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de Europese hub van het prestigieuze Vaccine Confidence Project van de antropologe Heidi Larson, de partner van viroloog Peter Piot. Het werd gelanceerd om de oorzaken van wantrouwen tegen vaccinatie te detecteren en er een antwoord op te bieden. Een kolfje naar de hand van Van Damme, die in de opeenvolgende expertengroepen de regering adviseert over de aanpak van covid-19. PIERRE VAN DAMME. "Vaccintwijfel heeft altijd bestaan, maar ze neemt toe. Er is meer bezorgdheid over geneesmiddelen, over het milieu, over wat de overheid beslist. Mensen staan wantrouwig tegenover heel wat zaken, en dus ook tegenover vaccinaties. Natuurlijk wordt die twijfel gevoed door sociale media." VAN DAMME. "Ze komen allemaal terug. Dat van het DNA is enigszins nieuw. Maar we zien bijvoorbeeld opnieuw de bewering dat het vaccin gevaarlijk is omdat er kwik in zou zitten. Dat is allemaal fake news, maar het werkt wel in op mensen. Dus moeten we heel snel aan factchecking doen en die leugens weerleggen." VAN DAMME. "Altijd wordt de vrijheid van meningsuiting naar voren geschoven, maar die heeft wel grenzen. Als we vaststellen dat de samenleving door zulke leugens in gevaar komt, moeten we ingrijpen, vind ik. Hoe? Dat is iets voor minister van Binnenlandse Zaken Nathalie Verlinden (CD&V) en minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open Vld). Maar we moeten vermijden dat het escaleert en bekijken wat de juridische mogelijkheden zijn om daartegen iets te doen." VAN DAMME. "Het lastigste om te bestrijden, is echt wel de verspreiding van leugens, van fake news. Bij sommigen wordt het betoog fanatiek. Die mensen zijn heel moeilijk te overtuigen." VAN DAMME. "De vaccinatiegraad hangt samen met de doeltreffendheid van het vaccin. Met 90 procent doeltreffendheid, zoals bij het vaccin van Pfizer en Moderna, hebben we een vaccinatiegraad van 70 procent nodig, om aan die groepsimmuniteit van minstens 60 procent te raken. Als de samenleving voor 60 procent beschermd is, weten we, kunnen we de epidemie onder controle krijgen en zal het virus vanzelf verdwijnen. Het kan ruim een jaar duren eer de vaccinatiegraad hoog genoeg is en we zullen ons nog aan maatregelen moeten houden. Zeker als mensen volop beginnen te reizen, wordt dat een uitdaging voor de groepsimmuniteit." VAN DAMME. "Dan moet je een vaccinatiegraad van bijna 100 procent hebben. Dat is pas een uitdaging. Laten we blij zijn dat we starten met vaccins die voor meer dan 90 procent doeltreffend zijn." VAN DAMME. "En zo zul je binnenkort horen dat de experts weer niet op dezelfde lijn zitten ( lacht). Als we alleen de risicogroepen vaccineren, zal het virus daar ongelofelijk van profiteren. Dan blijft het circuleren bij jongeren en in de samenleving, terwijl er geen groepsimmuniteit wordt opgebouwd. Jongeren kunnen ook zwaar ziek worden, zelfs mensen die ongelofelijk sportief en gezond zijn. Er zijn al dertigers opgenomen en sommigen zijn overleden. We zien dat wie genezen is van covid-19, er opnieuw vatbaar voor wordt. Bovendien moet de groepsimmuniteit indirect diegenen beschermen die niet onmiddellijk worden ingeënt, bijvoorbeeld zwangere vrouwen, of de 10 procent kwetsbaren bij wie het vaccin misschien geen bescherming biedt." VAN DAMME. "Ik kan mij indenken dat bepaalde organisatoren nu onderzoeken of dat juridisch kan, om een aantal dingen te laten doorgaan. Dat zou je dan zelfs kunnen combineren met een sneltest, bijvoorbeeld voor een festival, zodat je de risico's zo goed mogelijk onder controle hebt. We moeten in 2021 op een creatieve manier bekijken wat mogelijk is, met de nieuwe middelen die dan voorhanden zijn." VAN DAMME. "Ik ben daar in principe niet tegen. Mensen zullen dat zelf kunnen downloaden van Vaccinnet, het vaccinatiesysteem van de overheid. We moeten natuurlijk voorzichtig zijn dat er geen valse attesten beginnen te circuleren. Maar we moeten toch overwegen wat mogelijk is. Zo heb je bijvoorbeeld voor een aantal landen een bewijs van gelekoortsvaccinatie nodig. Dat is niet zo gek. Zo bescherm je de mensen en probeer je de samenleving te beschermen, binnen en buiten onze grenzen." VAN DAMME. "Dat is misschien een stok achter de deur. De laatste twintig, dertig jaar is dat hier niet meer gebeurd voor nieuwe vaccinaties, en toch halen wij heel goede vaccinatiegraden. We zijn een van de betere leerlingen in Europa. In Vlaanderen halen we voor het HPV-virus (dat baarmoederhalskanker kan veroorzaken, nvdr) een vaccinatiegraad van meer dan 90 procent bij jongens en meisjes. We moeten het eerst gewoon de kans geven, met een goede communicatie en bewustmaking, en over een aantal maanden kijken waar we staan." VAN DAMME. "We moeten enkel de communicatie versnellen, ervoor zorgen dat de eerste lijn goed geïnformeerd is, en daarna het brede publiek. Die eerste lijn, de huisartsen en de apothekers, krijgt heel veel vragen. Als zij niet op tijd worden ingelicht, kan dat leiden tot frustraties. En als zij niet kunnen antwoorden op de vragen, gaan de mensen op zoek naar antwoorden via de sociale media of Google, en komen ze terecht op websites die niet gevalideerd zijn. "Ik heb webinars gegeven voor apothekers. Per webinar waren ze met duizend. Het illustreert de honger naar informatie. We doen hetzelfde voor huisartsenkringen en CRA-artsen (coördinerend en raadgevend arts voor woon-zorgcentra, nvdr). Als we die grote groepen niet informeren, zodat zij de munitie hebben om de vragen te beantwoorden, denk ik dat het nooit zal lukken een goede vaccinatiegraad te halen." VAN DAMME. "Er zijn fouten gemaakt in de snelheid van de versoepeling van maatregelen, en er wordt veel te weinig en niet goed gecommuniceerd. Via het tv-nieuws, programma's als Terzake en kranten en tijdschriften kun je misschien 2 miljoen Belgen informeren, maar laat je 9 miljoen Belgen in de kou staan in je communicatie. We moeten dus veel gerichter informeren naar jongeren en culturele gemeenschappen, om duidelijk te maken wat het effect is als je maatregelen niet volgt." VAN DAMME. "Ik heb ermee leren leven dat de politiek rekening houdt met andere wetmatigheden dan de wetenschap. Ik put heel veel energie uit de stappen die we zetten en soms ook uit de reacties in mijn mailbox. Het zijn niet allemaal haatmails ( lacht). Ik sta er ook niet alleen voor. We vormen een heel goede groep van collega-experts en vrienden." VAN DAMME. "Steven Van Gucht, Erika Vlieghe, Marc Van Ranst, Geert Molenberghs, Niel Hens, Philippe Beutels, Maarten Van Steenkiste ¬ kortom virologen, epidemiologen, modellers en psychologen, met wie ik elke dag of avond contact heb, via WhatsApp of teleconferenties. We vormen een sterk front dat niet uit elkaar kan worden gespeeld. Af en toe werd gezegd dat we niet op één lijn staan. Dat klopt niet, maar soms word je verkeerd geciteerd of halen de media iets uit je woorden om toch polemiek te creëren." VAN DAMME. "In het verleden soms op een beslissing van een overlegcomité, waarvan het voorspelbaar is dat ze een probleem zal geven, zoals toen vijftien verschillende contacten per week toegelaten werden. Dat was de kroniek van een aangekondigde epidemie. Wij, experts, hadden harder op tafel moeten slaan toen we het oneens waren met beslissingen. Deze zomer hadden we nog duidelijker moeten zeggen dat we op een tweede golf afstevenden. We zijn nog te braaf geweest. Het zal ons geen tweede keer overkomen." VAN DAMME. "Daarmee moeten we rekening houden. Mensen komen meer buiten om te shoppen, telewerk wordt niet optimaal gevolgd, met de feestdagen zullen familie en vrienden toch meer samenkomen, en mensen zullen reizen. Dat zal leiden tot meer infecties. Hoe mobieler we zijn, hoe liever het virus dat heeft." VAN DAMME. "Het zal een overgangsjaar zijn, met heel veel uitdagingen. Het zal heel moeilijk zijn de mensen te overtuigen om toch nog een hele tijd maatregelen te volgen, terwijl we vaccineren. Hier zijn de motivatie- en communicatie-experts aan zet. We zouden twee barometers moeten hebben: de ene om de vaccinaties en de vaccinatiegraad in de verschillende leeftijdsgroepen op te volgen, de andere om de epidemiologische gegevens in kaart brengen, om na te gaan hoe we kunnen versoepelen. Als die barometers elkaar misschien tegen de zomer kruisen, zouden we geleidelijk naar een normalisering van het leven kunnen gaan." VAN DAMME. "Tegen eind 2021, verwacht ik. Al zullen we wel de nadruk moeten blijven leggen op zaken als handen wassen, iets wat velen bijna verleerd waren. Scholen zullen veel meer moeten inzetten op hygiëne. En waarom zouden we tijdens de winter niet een mondmasker blijven dragen in het openbaar vervoer?" VAN DAMME. "Dit is een heel heftig jaar. Ik ben bijna 19 uur per dag aan het werk of met corona bezig, en probeer dat zo goed mogelijk te combineren met lesgeven, thesissen opvolgen en publicaties uitwerken. Het is een hele uitdaging om dat evenwicht te vinden, ook in mijn relatie en in de relatie met mijn kinderen. Gelukkig zijn onze zonen al wat ouder." VAN DAMME. ( Lacht) "Wij houden het vol omdat wij een heel hechte band hebben, en omdat mijn vrouw perfect begrijpt wat ik moet en wil doen. Zij is huisarts en bezorgt me veel nuttige informatie, omdat ze de moeilijkheden voor de patiënten ziet en hoort. Wij staan met beide voeten in de realiteit, net als onze zonen. Zij zijn door de crisis werkloos geworden. De ene werkte in de horeca, de andere in de evenementensector. Dus als iemand tegen mij zegt dat ik in een ivoren toren zit, moet ik die persoon tegenspreken. Als de horeca dicht moet, voel ik dat thuis. Ook de evenementensector lijdt vreselijk, en ook dat voel en zie ik thuis. Wij maken deze crisis dus van heel dichtbij mee." VAN DAMME. "Ik toets bij hen wel eens af of een maatregel te verdedigen is, en soms moet ik hen overtuigen waarom we bepaalde zaken doen. Dat ik argumenten moet zoeken, leidt soms tot leuke discussies, en dat is ook heel nuttig."