Slechts een derde van sanering overheidsfinanciën gebeurt via sociale zekerheid

Premier Charles Michel (MR) © BELGA
Alain Mouton
Alain Mouton Redacteur bij Trends

De begrotingscontrole belooft een harde dobber te worden. Vooral CD&V wil niet dat de federale verder bespaart in de sociale zekerheid. Nochtans gebeurt dit jaar slechts een derde van de sanering van de overheidsfinanciën via de sociale zekerheid.

De federale regering werkt volop aan de begrotingscontrole 2015. Volgens de recentste cijfers moet de regering-Michel op zoek naar 1,2 miljard euro. Ze kijkt vooral naar structurele maatregelen; one shots zijn niet aan de orde. En de federale excellenties moeten er niet op rekenen dat de euro’s zomaar binnenrollen dankzij een sterkere economische groei.

Wie structurele maatregelen zegt, zegt besparingen in de sociale zekerheid. Maar voor CD&V is daar geen sprake van. Voorzitter Wouter Beke vindt dat er al voldoende is bespaard in het stelsel. Hij wordt daarin grotendeels bijgetreden door MR-voorzitter Olivier Chastel.

Sociale uitgaven en NMBS

Nochtans geven de officiële cijfers een ander beeld. In de zogenoemde entiteit 1 – de combinatie federale overheid-sociale zekerheid – heeft vooral de federale overheid de voorbije jaren de vinger op de knip gehouden. Volgens het jongste jaarverslag van de Nationale Bank van België zijn de uitgaven van de federale overheid in 2014 gedaald met 0,4 procent. In 2013 waren de besparingen nog belangrijker: -1,4 procent. Dat is duidelijk anders in de sociale zekerheid, waar de uitgaven in 2013 en 2014 met respectievelijk 1,5 en 2,2 procent toenamen.

Bekijken we de evolutie van de uitgaven op lange termijn, dan zien we dat tussen 2000 en 2012 de sociale uitgaven, gezondheidszorg incluis, met zo’n 5 procent van het bbp zijn toegenomen. (zie grafiek). Dat komt neer op zo’n 20 miljard euro meeruitgaven. In andere domeinen zijn de uitgaven amper toegenomen. Enkel de post ‘economische zaken’ stijgt nog sterk. Daaronder vallen onder andere de miljardensubsidies aan de NMBS.

Uiteraard staan deze cijfers los van de maatregelen die de regering bij haar aantreden heeft genomen en vanaf 2015 bijdragen tot een structureel herstel van de overheidsfinanciën. Voor dit jaar staan 1,4 miljard euro besparingen in de sociale zekerheid ingeschreven.

Dat is niet weinig, maar wie het hele plaatje bekijkt merkt dat de sociale zekerheid slechts een derde van sanering van de overheidsfinanciën uitmaakt. Het federale saneringsplan bij het aantreden van de regering-Michel rekende voor dit jaar op 4,2 miljard euro. Die 1,4 miljard in de sociale zekerheid is dus een derde van de totale sanering.

Slechts een derde van sanering overheidsfinanciën gebeurt via sociale zekerheid
© .

Slechts 1,2 miljard zijn nieuwe inkomsten, waar voor 600 miljoen euro aan fiscale lastenverlagingen tegenover staan. Daarnaast zijn er voor 521 miljoen euro aanpassingen van eerder genomen maatregelen gepland. Verder zijn er voor goed 1 miljard euro besparingen in primaire uitgaven ingeschreven, die komen uit het afbouwen van het overheidsapparaat.

Vertraagd effect

Het is dus niet zo dat deze regering zwaar snijdt in de sociale zekerheid. De 1,4 miljard euro betekent dat op een totaal budget van 85 miljard euro in de sociale zekerheid dit jaar 1,6 procent wordt bespaard. En ondanks belangrijke ingrepen zoals de verstrenging van vervroegd pensioen, brugpensioen, de beperking van de inschakelingsuitkering in de tijd en het minder aantrekkelijk maken van loopbaanonderbreking en brugpensioen, wordt vooral in de gezondheidszorg gesaneerd. De helft van de besparingen in de sociale zekerheid is te danken aan de beperking van de uitgavengroei in de gezondheidszorg. Die uitgaven stijgen nog met 1,5 procent bovenop inflatie, waar dat vroeger 3 procent was.

Zijn er dan nog besparingen in de sociale zekerheid mogelijk? Zeker wel, maar het probleem is dat de effecten ervan niet vanaf de eerste dag te merken zijn. De regering-Michel pakt de stelsels van vervroegde uittreding aan die langer werken afremmen en niet-werken aanmoedigen. Ook de regering-Di Rupo deed stappen in die richting. Door de verstrenging van SWT (het vroegere brugpensioen) liggen de uitgaven (1,4 miljard euro) voor dat stelsel weliswaar al opnieuw op het niveau van 2007, maar in reële termen zijn ze nog altijd 1,3 procent hoger dan het niveau van 2003. Een bewijs dat de hervormingen op de arbeidsmarkt en in de sociale zekerheid slechts langzaam leiden tot gezondere overheidsfinanciën.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content