Econoom, filosoof, hoogleraar, politicus, essayist..., Rudy Aernoudt is het allemaal. Zijn jongste boek, over de manier waarop ons land na de coronacrisis kan verrijzen, is een nieuw bewijs van zijn brede interesse. Hij beschrijft alle problemen van België, van schulden tot gebrek aan ondernemerschap, van belastingen tot migratie, van school tot werk. "Het is een holistische benadering", zegt hij. "Het is geen restaurant dat alleen een voorgerecht of een dessert serveert."
...

Econoom, filosoof, hoogleraar, politicus, essayist..., Rudy Aernoudt is het allemaal. Zijn jongste boek, over de manier waarop ons land na de coronacrisis kan verrijzen, is een nieuw bewijs van zijn brede interesse. Hij beschrijft alle problemen van België, van schulden tot gebrek aan ondernemerschap, van belastingen tot migratie, van school tot werk. "Het is een holistische benadering", zegt hij. "Het is geen restaurant dat alleen een voorgerecht of een dessert serveert." Rudy Aernoudt begint met een onthutsend cijfer. Op het hoogtepunt van de crisis werd twee derde van alle Belgen door de staat betaald: 1 miljoen werknemers in technische werkloosheid, 350.000 zelfstandigen die een overbruggingsrecht kregen, 400.000 structureel werklozen, 400.000 langdurig zieken, 850.000 ambtenaren, 650.000 werknemers in de gezondheidszorg, en 2 miljoen gepensioneerden. RUDY AERNOUDT. "Het probleem is niet dat de regering heeft ingegrepen tijdens de coronacrisis. Ze heeft de juiste maatregelen genomen. Het probleem is dat het gewicht van de overheid en de overheidsschuld al veel te groot waren vóór de crisis. We zijn de crisis ingegaan als een kreupele eend. Ik zeg niet dat overheidsuitgaven noodzakelijkerwijs minder effectief zijn. Maar tal van studies wijzen uit dat de overheidsuitgaven in de OESO-landen optimaal in een vork van 35 en 42 procent van het bruto binnenlands product (bbp) liggen. In België zitten we daar 10 procentpunt boven. Dat is enorm. Er is te veel staat, en dat doodt het privé-initiatief. "Een staat moet efficiënt zijn. De gezondheidsuitgaven in België zijn aanzienlijk (8% van het bbp, nvdr), maar de burgers zijn tevreden over de kwaliteit die ze krijgen. In andere domeinen is de kwaliteit van de door de staat geleverde diensten dan weer slecht." AERNOUDT. "De Belgische administratiekosten liggen een derde hoger dan het OESO-gemiddelde. Ik ben bereid belasting te betalen, als het geld goed wordt besteed. Is dat niet het geval, dan is er een probleem. Onze ambtenaren worden voor het leven benoemd en hebben een pensioen dat 2,2 keer hoger is dan in de privésector. Alleen ambtenaren kunnen zich nog een rusthuis veroorloven. Toen ik secretaris-generaal van de Vlaamse administratie was, kreeg ik ooit een 42-jarige doctor in de economie over de vloer. "Je moet niet meer op mij rekenen", zei hij. "Ik ben gedemotiveerd. Als je me iets vraagt te doen, ga ik met ziekteverlof." Toen ik hem suggereerde een andere baan te nemen, liet hij mij zien welk pensioen hij zou krijgen. "Als ik nu overstap naar de privé, kom ik daar nooit aan", was zijn repliek. Het is dus geen kwestie van mensen, het gaat om het systeem. Onze ambtenaren zijn niet lui. "De inefficiëntie wordt nog versterkt door de hervorming van de staat. Neem de buitenlandse handel. Duizend ambtenaren doen nu hetzelfde werk als de 400 van de Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel vóór de regionalisering van die bevoegdheid." AERNOUDT. "België heeft een uniek systeem: onze middenklasse betaalt verhoudingsgewijs meer belastingen dan ze bijdraagt aan het bbp. Er is dus een overdracht van rijkdom van de middenklasse naar de armen - wat normaal is - maar ook naar de rijken. Ons belastingstelsel is niet alleen ondoorzichtig en complex, het is bovendien niet eerlijk. Het legt alle lasten op degenen die werken. Die geraken dus gedemotiveerd." AERNOUDT. "Het probleem is veel meer zichtbaar in het zuiden, maar het bestaat ook in Vlaanderen. Niemand gelooft mij, als ik aan buitenlanders uitleg dat een werkloze in België wordt uitbetaald door de vakbonden, die ook geld ontvangen om die betaling te garanderen. De vakbonden moeten veranderd worden. En als de arbeidsparticipatie van migranten in België lager is dan in andere landen, dan is dat niet de schuld van de migranten, maar van het systeem. Als mijn loon nauwelijks hoger is dan mijn werkloosheidsuitkering, waarom zou ik dan gaan werken? Dat is des mensen. Je moet de wortel en de stok hanteren. Maar wij gebruiken geen van beide. "Ik pleit voor een elektroshock, op alle gebieden. Veel bedrijven worden zwaar gesubsidieerd. Maar bedrijven hebben helemaal geen subsidies nodig. Ze hebben een context nodig waarin ze zich kunnen ontwikkelen. Onlangs heb ik geluncht met een bedrijfsdirecteur die liefst 22 jaar had gewacht op een bouwvergunning. Hoe kun je in zulke omstandigheden economische groei creëren? Je moet de cultuur veranderen, duidelijk maken dat ondernemers rijkdom creëren. We moeten een context creëren die het voor hen gemakkelijker maakt. "Ooit ontmoette ik de burgemeester van Sjanghai. Ik gaf haar het dossier van een Vlaams bedrijf dat van de overheid twee weken had gekregen om zijn Chinese vestiging te verplaatsen, want die stond in de weg van de vijfde ringweg die rond de stad zou worden gebouwd. Ze keek mij aan en zei: "Mijnheer Aernoudt, wilt u dan niet dat we onze nieuwe ring bouwen?" Zo ver moeten wij natuurlijk niet gaan, maar het voorval toont het verschil in cultuur tussen China en België. U weet hoeveel tijd in de Antwerpse Oosterweelverbinding is gekropen. "We kunnen zo niet doorgaan. Onze ondernemers zijn het beu. Laten we een omgeving creëren waarin ze weer kunnen ondernemen, en een tweede kans krijgen als het de eerste keer niet lukt." AERNOUDT. "Er zijn geen Europese studies over de voordelen van bedrijfsverplaatsingen, maar de Amerikanen hebben dat wel onderzocht. Daaruit blijkt dat 56 procent van de Amerikaanse bedrijven die naar China zijn verhuisd, beter kunnen terugkeren. Dat komt door de stijging van de lonen in China, de kosten van de logistiek, de ecologische kosten, de toenemende digitalisering en robotisering, enzovoort. Daarnaast leert de coronacrisis dat we voor veel geneesmiddelen sterk afhankelijk zijn van de Chinezen. Heeft het dan nog zin te proberen de kosten op korte termijn te optimaliseren? Kunnen we niet beter op de lange termijn denken? Let wel, ik ben geen antiglobalist. Sommige activiteiten kunnen overal ter wereld gebeuren, andere doe je beter lokaal." AERNOUDT. "Dat is een heel moeilijke vraag. Maar de Amerikaanse schrijver Mark Twain zei ooit: "Niemand vertelde hun dat het onmogelijk was, dus deden ze het." Het is belangrijk dat de burgers zeggen dat ze dit willen. Dat is al gebeurd. De burgers hebben het klimaatprobleem eindelijk op tafel gelegd. En dit door het coronavirus gecreëerde moment is een mooie kans om de betekenis van ons werk, de betekenis van wat we doen, de betekenis van de staat, ter discussie te stellen."