De jobsdeal bevat 28 maatregelen waarmee de regering de mismatch op onze arbeidsmarkt wil aanpakken, met een focus op opleiding richting knelpuntberoepen. Het gaat om een pakket van 28 ingrepen, waarvan het leeuwendeel langs de regeringstafel is gepasseerd. 'Daarmee is 95 procent van de jobsdeal uitgevoerd', stelde vicepremier Kris Peeters (CD&V) na afloop van de ministerraad.

De overige 5 procent slaat op de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen. Dat betekent dat iemand die zijn job verliest, in een eerste fase zijn uitkering zal zien stijgen, om ze nadien sneller te voelen afnemen. Volgende week zal minister Peeters daarover met voorstellen naar de regering stappen, waarna werkgroepen aan de slag zullen gaan.

Bedoeling is dat het pakket beslissingen dat nu al groen licht kreeg, na het advies van de Raad van State in een Wet Arbeidsdeal naar de Kamer verhuist. Dat moet het mogelijk maken de verschillende maatregelen op 1 januari 2019 van start te laten gaan. De regering mikt erop dat ze met de deal 12.500 extra jobs kan creëren en dat de maatregelen ruim 500 miljoen euro bijdragen aan de begroting.

Het Rekenhof had zich vorige week serieuze vragen gesteld bij die raming. De begrotingswaakhond vond dat de regering al te optimistische cijfers hanteerde. Minister Peeters weerlegt die kritiek. 'Onze berekening is oordeelkundig gebeurd. We zijn ervan overtuigd dat, indien de economie op niveau blijft, dit zeer realistisch is.'

De Wet Arbeidsdeal zal de maatregel bevatten die outplacementbegeleiding (ter waarde van 1.800 euro) voorziet voor wie zijn job verliest door medische overmacht. Daarnaast zal iemand die zijn werk verliest, zich sneller (binnen de maand) moeten aandienen bij de arbeidsbemiddelingsdiensten. Dat moet ervoor zorgen dat sneller werk kan worden gemaakt van toeleiding naar een nieuwe job.

Opleidingen

Het akkoord voert ook soepelere voorwaarden in voor scholingsbedingen voor opleidingen richting knelpuntberoepen. Bedoeling is dat werkgevers meer investeren in de opleiding van pas aangeworven personeel. Het beding maakt het mogelijk dat de werkgever een deel van de kosten van de opleiding van een werknemer kan terugvorderen indien die eerder dan afgesproken het bedrijf verlaat.

Voorts komt er een technische bijsturing van het systeem van starterslonen voor jongeren. En wie werkt na zijn 65ste en ziek valt, wordt niet meer bijna de facto verplicht om met pensioen te gaan. Voortaan zal hij of zij tot zes maanden kunnen genieten van een ongeschiktheidsuitkering en daarna weer aan de slag kunnen gaan. Iemand die na een ingreep enkele weken herstel nodig heeft, kan dus nadien terug gaan werken, legde minister van Sociale Zaken Maggie De Block (Open Vld) uit.

Evaluatie

De regering breidt ook het aantal toegelaten overuren uit van 130 naar 180 uren voor alle sectoren. Binnen twee jaar volgt een evaluatie. De gewestelijke opleidingspremies worden fiscaal aftrekbaar voor werkzoekenden die in de opleiding slagen. Er komt ook een uitbreiding van de ploegenarbeid naar de binnenscheepvaart. Minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) verwacht een positief effect op de tewerkstelling en de 'aantrekkelijkheid van onder Belgische vlag te varen'.

Vorige week keurde de ministerraad al twee kb's met afspraken uit het Tweede Zomerakkoord goed. Die sloegen enerzijds op de uitbreiding van het tijdskrediet voor opleidingen tot knelpuntberoepen van 36 naar 48 maanden, en anderzijds op de aanscherping van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag - het vroegere brugpensioen. Vanaf 2020 kan SWT (Stelsel van Werkloosheid met bedrijfstoeslag) pas vanaf 60 jaar bij bedrijven in herstructurering.