Een krimp van 9,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2020 gevolgd door een herneming van de groei met 5,7 procent in 2021. Die recentste voorspellingen hebben KBC-economen voor België gemaakt. Er is geen sprake meer van het V-herstel waarvan de Nationale Bank en het Planbureau begin april uitgingen. De KBC-economen verwachten dat er dit jaar 80.000 banen verloren gaan en in 2021 netto nog eens 10.000. De werkloosheidsgraad stijgt van 5,2 procent in 2019 naar 6,9 procent in 2020.

Nadenken over een relancebeleid is op zijn plaats. PS-voorzitter Paul Magnette ziet zo'n plan als het cement van een volwaardige regering met een echte meerderheid in het parlement. Hij bepleit een relanceplan van 40 tot 50 miljard euro. Dat is indrukwekkend, als we weten dat het begrotingstekort straks wellicht richting 8 procent van het bbp of 36 miljard euro spurt.

Magnette denkt bij zo'n relanceplan aan meer investeringen om de productiviteit te verhogen maar ook en vooral aan maatregelen om de koopkracht te garanderen en zo veel mogelijk banen te behouden. Dat is een nobel opzet, want de binnenlandse vraag is opgedroogd. De particuliere consumptie zou dit jaar met 7,6 procent krimpen om in 2021 maar met 3,3 procent toe te nemen. Magnette denkt aan een vraagstimulering via maatregelen voor het behoud van jobs en directe koopkrachtpremies om de binnenlandse consumptie te stimuleren.

Dat zal zeker voor een deel een effect hebben, maar dat kan enkel als het tijdelijk is en deel uitmaakt van een groter plan. Wellicht zal het systeem van tijdelijke werkloosheid nog een hele tijd in voege blijven, maar in België moeten we opletten dat wat ooit als tijdelijke maatregel werd ingevoerd niet permanent wordt. Na de oliecrisis van 1973 zag het brugpensioen het levenslicht. Het is ondertussen aan het uitdoven, maar we zitten er nog altijd mee. Het komt nu opnieuw op tafel met de herstructurering bij Brussels Airlines.

Paul Magnette keert 40 jaar terug in de tijd.

KBC-econoom Jan Van Hove maakte in dat verband een terechte bedenking: "Het is een illusie te denken dat beleidsmakers de coronacrisis kunnen oplossen door in te grijpen op de arbeidsmarkt. Tijdelijke werkloosheid is een nuttig instrument om de schade op langere termijn te beperken, maar ook een duur instrument dat geleidelijk zijn effectiviteit verliest. Te lang zulke systemen aanhouden leidt tot artificiële jobcreatie, wat opnieuw veel geld kost en bovendien de arbeidsmarkt verstoort."

Wat met de export?

Maatregelen om de binnenlandse vraag te stimuleren hebben pas zin als ze in een breder plaatje passen. Voor de export, een belangrijkere Belgische groeimotor, is er bij Paul Magnette minder aandacht. Nochtans is de uitvoer in ons land goed voor 30 procent van de directe banengroei. Een open economie als de Belgische zal pas herstellen wanneer de internationale handel weer op volle toeren draait.

En andere hefboom voor groei zijn investeringen. Daar pleit Magnette ook voor, maar de vraag is of hij hier productieve investeringen op het oog heeft, dan wel als investeringen vermomde lopende uitgaven.

De focus moet liggen op productieve overheidsinvesteringen en een klimaat dat bedrijfsinvesteringen stimuleert. Jan Van Hove: "In een risicovolle omgeving willen ondernemers enkel investeren mits er garanties zijn. Daarin kan de overheid een belangrijke rol spelen. De jobcreatie zal dan wel volgen. Samen zullen investeringen en jobcreatie ons de weg uit de coronacrisis wijzen."

Mitterrand achterna

Met zijn focus op de binnenlandse vraag dreigt Paul Magnette de fouten van de Franse president François Mitterrand uit 1981 te herhalen. Na de tweede oliecrisis hoopte Mitterrand de Franse economie er weer bovenop te krijgen met een expansief beleid van loonsverhogingen, hogere uitkeringen en overheidstewerkstelling. Ook werd de pensioenleeftijd verlaagd. Toen dacht men nog dat er een vaste hoeveelheid banen waren en dat die door werklozen konden worden ingevuld als men andere mensen maar op vervroegd pensioen kon sturen.

Daarbovenop werd een extra week vakantie toegekend en werd de arbeidsweek verkort met loonbehoud. Het expansieve beleid zou worden betaald met een vermogensbelasting (ook vandaag een eis van de Belgische PS). Het gevolg was een vlucht van kapitaal uit Frankrijk. De concurrentiekracht van de bedrijven werd zwaar aangetast en de werkloosheid steeg dag na dag. Vanaf 1982 moest Mitterrand drie devaluaties van de Franse frank na elkaar doorvoeren. Besparen op de overheidsuitgaven werd plots onvermijdelijk. Voor de verkeerde keuzes die de socialistische president veertig jaar geleden maakte, betalen de Fransen nog altijd.

Een krimp van 9,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2020 gevolgd door een herneming van de groei met 5,7 procent in 2021. Die recentste voorspellingen hebben KBC-economen voor België gemaakt. Er is geen sprake meer van het V-herstel waarvan de Nationale Bank en het Planbureau begin april uitgingen. De KBC-economen verwachten dat er dit jaar 80.000 banen verloren gaan en in 2021 netto nog eens 10.000. De werkloosheidsgraad stijgt van 5,2 procent in 2019 naar 6,9 procent in 2020.Nadenken over een relancebeleid is op zijn plaats. PS-voorzitter Paul Magnette ziet zo'n plan als het cement van een volwaardige regering met een echte meerderheid in het parlement. Hij bepleit een relanceplan van 40 tot 50 miljard euro. Dat is indrukwekkend, als we weten dat het begrotingstekort straks wellicht richting 8 procent van het bbp of 36 miljard euro spurt.Magnette denkt bij zo'n relanceplan aan meer investeringen om de productiviteit te verhogen maar ook en vooral aan maatregelen om de koopkracht te garanderen en zo veel mogelijk banen te behouden. Dat is een nobel opzet, want de binnenlandse vraag is opgedroogd. De particuliere consumptie zou dit jaar met 7,6 procent krimpen om in 2021 maar met 3,3 procent toe te nemen. Magnette denkt aan een vraagstimulering via maatregelen voor het behoud van jobs en directe koopkrachtpremies om de binnenlandse consumptie te stimuleren.Dat zal zeker voor een deel een effect hebben, maar dat kan enkel als het tijdelijk is en deel uitmaakt van een groter plan. Wellicht zal het systeem van tijdelijke werkloosheid nog een hele tijd in voege blijven, maar in België moeten we opletten dat wat ooit als tijdelijke maatregel werd ingevoerd niet permanent wordt. Na de oliecrisis van 1973 zag het brugpensioen het levenslicht. Het is ondertussen aan het uitdoven, maar we zitten er nog altijd mee. Het komt nu opnieuw op tafel met de herstructurering bij Brussels Airlines.KBC-econoom Jan Van Hove maakte in dat verband een terechte bedenking: "Het is een illusie te denken dat beleidsmakers de coronacrisis kunnen oplossen door in te grijpen op de arbeidsmarkt. Tijdelijke werkloosheid is een nuttig instrument om de schade op langere termijn te beperken, maar ook een duur instrument dat geleidelijk zijn effectiviteit verliest. Te lang zulke systemen aanhouden leidt tot artificiële jobcreatie, wat opnieuw veel geld kost en bovendien de arbeidsmarkt verstoort."Maatregelen om de binnenlandse vraag te stimuleren hebben pas zin als ze in een breder plaatje passen. Voor de export, een belangrijkere Belgische groeimotor, is er bij Paul Magnette minder aandacht. Nochtans is de uitvoer in ons land goed voor 30 procent van de directe banengroei. Een open economie als de Belgische zal pas herstellen wanneer de internationale handel weer op volle toeren draait.En andere hefboom voor groei zijn investeringen. Daar pleit Magnette ook voor, maar de vraag is of hij hier productieve investeringen op het oog heeft, dan wel als investeringen vermomde lopende uitgaven.De focus moet liggen op productieve overheidsinvesteringen en een klimaat dat bedrijfsinvesteringen stimuleert. Jan Van Hove: "In een risicovolle omgeving willen ondernemers enkel investeren mits er garanties zijn. Daarin kan de overheid een belangrijke rol spelen. De jobcreatie zal dan wel volgen. Samen zullen investeringen en jobcreatie ons de weg uit de coronacrisis wijzen."Met zijn focus op de binnenlandse vraag dreigt Paul Magnette de fouten van de Franse president François Mitterrand uit 1981 te herhalen. Na de tweede oliecrisis hoopte Mitterrand de Franse economie er weer bovenop te krijgen met een expansief beleid van loonsverhogingen, hogere uitkeringen en overheidstewerkstelling. Ook werd de pensioenleeftijd verlaagd. Toen dacht men nog dat er een vaste hoeveelheid banen waren en dat die door werklozen konden worden ingevuld als men andere mensen maar op vervroegd pensioen kon sturen.Daarbovenop werd een extra week vakantie toegekend en werd de arbeidsweek verkort met loonbehoud. Het expansieve beleid zou worden betaald met een vermogensbelasting (ook vandaag een eis van de Belgische PS). Het gevolg was een vlucht van kapitaal uit Frankrijk. De concurrentiekracht van de bedrijven werd zwaar aangetast en de werkloosheid steeg dag na dag. Vanaf 1982 moest Mitterrand drie devaluaties van de Franse frank na elkaar doorvoeren. Besparen op de overheidsuitgaven werd plots onvermijdelijk. Voor de verkeerde keuzes die de socialistische president veertig jaar geleden maakte, betalen de Fransen nog altijd.