Sinds de coronapandemie speelt de overheid weer een centrale economische rol, onder meer met steunmaatregelen en de tijdelijke werkloosheid. De vaccinatiecampagne kreeg eerst slechte punten omdat ze te traag op gang kwam, maar nu ze op snelheid is, verstomt de kritiek. Is dat een bewijs dat ons overheidsapparaat toch goed functioneert? Eén zwaluw maakt de lente niet.

België en de deelstaten leveren te weinig kwaliteit in verhouding tot de vele en hoge belastingen. In fiscale druk staat België in de ranking van de 24 Europese OESO-landen op de derde plaats. Maar in kwaliteit van de overheid zijn we slechts de zestiende. De Belgische belastingbetaler betaalt topprijzen voor een matige kwaliteit, leren berekeningen van Voka.

Gezocht: kwaliteitsvolle overheid.

Dat is niet houdbaar. De overheid mist efficiëntie en houdt zich niet aan haar kerntaken. Verder betalen we de ondermaatse investeringen van de voorbije decennia cash: het niveau van het onderwijs daalt, de gezondheidszorg vertoont hiaten, de activering van kansengroepen op de arbeidsmarkt is ondermaats en reguleringen op de product- en dienstenmarkten fnuiken de groei.

Daar moet iets aan worden gedaan, maar dat lijkt niet de prioriteit van de regeringen. Federaal ligt de focus straks op een belastinghervorming die de fiscaliteit groeivriendelijker moet maken door bijvoorbeeld arbeid nog minder te belasten en voor een verschuiving richting groene belastingen te kiezen. Op zich is dat geen probleem, maar de fiscale druk blijft te hoog en de Belg blijft te weinig waar voor zijn geld krijgen. Men kiest beter voor minder overheidsuitgaven, een lagere fiscale druk en een kwaliteitsvolle overheid. EU-lidstaten met een vergelijkbare omvang, zoals Nederland en Oostenrijk, tonen dat het kan.

Sinds de coronapandemie speelt de overheid weer een centrale economische rol, onder meer met steunmaatregelen en de tijdelijke werkloosheid. De vaccinatiecampagne kreeg eerst slechte punten omdat ze te traag op gang kwam, maar nu ze op snelheid is, verstomt de kritiek. Is dat een bewijs dat ons overheidsapparaat toch goed functioneert? Eén zwaluw maakt de lente niet. België en de deelstaten leveren te weinig kwaliteit in verhouding tot de vele en hoge belastingen. In fiscale druk staat België in de ranking van de 24 Europese OESO-landen op de derde plaats. Maar in kwaliteit van de overheid zijn we slechts de zestiende. De Belgische belastingbetaler betaalt topprijzen voor een matige kwaliteit, leren berekeningen van Voka. Dat is niet houdbaar. De overheid mist efficiëntie en houdt zich niet aan haar kerntaken. Verder betalen we de ondermaatse investeringen van de voorbije decennia cash: het niveau van het onderwijs daalt, de gezondheidszorg vertoont hiaten, de activering van kansengroepen op de arbeidsmarkt is ondermaats en reguleringen op de product- en dienstenmarkten fnuiken de groei. Daar moet iets aan worden gedaan, maar dat lijkt niet de prioriteit van de regeringen. Federaal ligt de focus straks op een belastinghervorming die de fiscaliteit groeivriendelijker moet maken door bijvoorbeeld arbeid nog minder te belasten en voor een verschuiving richting groene belastingen te kiezen. Op zich is dat geen probleem, maar de fiscale druk blijft te hoog en de Belg blijft te weinig waar voor zijn geld krijgen. Men kiest beter voor minder overheidsuitgaven, een lagere fiscale druk en een kwaliteitsvolle overheid. EU-lidstaten met een vergelijkbare omvang, zoals Nederland en Oostenrijk, tonen dat het kan.