Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) wil tegen het einde van de legislatuur een grote fiscale hervorming voorbereiden. De bedoeling is in eerste instantie de fiscale en parafiscale lasten op arbeid te verlagen via een hervorming van de personenbelasting. Het hoogste tarief van onze personenbelasting van 50 procent geldt vanaf een veel lager inkomensniveau dan in onze buurlanden. De verschillende uitzonderingsstelsels vormen bovendien geen coherent geheel. Een aanpassing van die uitzonderingsstelsels moeten de kosten van een lagere personenbelasting compenseren.
...

Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) wil tegen het einde van de legislatuur een grote fiscale hervorming voorbereiden. De bedoeling is in eerste instantie de fiscale en parafiscale lasten op arbeid te verlagen via een hervorming van de personenbelasting. Het hoogste tarief van onze personenbelasting van 50 procent geldt vanaf een veel lager inkomensniveau dan in onze buurlanden. De verschillende uitzonderingsstelsels vormen bovendien geen coherent geheel. Een aanpassing van die uitzonderingsstelsels moeten de kosten van een lagere personenbelasting compenseren.De Hoge Raad van Financiën formuleerde in dat verband vorig jaar al een aantal hervormingsvoorstellen. Nu volgt een nieuw rapport. Een laatste advies wordt de komende maanden verwacht. Trends filterde een aantal voorstellen uit het rapport.Momenteel bedraagt de belastingvrije som in België - dat deel van het inkomen waarop geen belasting moet worden betaald - 9050 euro per jaar. De Hoge Raad van Financiën raadt aan dat op te trekken tot het leefloon van 11.816 euro. Dat is een verlaging van de belasting op arbeid die werken aantrekkelijker maakt voor de laagste inkomens maar ook het inkomen na belastingen voor de andere inkomens. In de eerste vijf inkomensdecielen (dat zijn de 50 procent laagste inkomens) kan de winst van zo'n belastingverlaging oplopen tot 400 à 500 euro per jaar. Voor de 20 procent hoogste inkomens is er een belastingvoordeel van 750 tot meer dan 800 euro.Maar zo'n hervorming slaat natuurlijk een gat in de begroting. De Hoge Raad berekent dat op 4 miljard euro tegen 2021. Besluit men de belastingvrije som te verhogen met de helft van het verschil tussen de belastingvrije som en het leefloon, dan kost die maatregel nog altijd 2 miljard euro.Er moet dus op zoek worden gegaan naar alternatieve fiscale inkomsten. De Hoge Raad van Financiën schuift verschillende sporen naar voren. Eén ervan is het herbekijken van het fiscaal gunstregime van topsporters, wat al in het federale regeerakkoord wordt vermeld. Zowel atleten als scheidsrechters, trainers, coaches en begeleiders genieten van een afzonderlijk belastingtarief op de eerste 19.670 euro (aanslagjaar 2019) van de inkomsten uit hun sportactiviteit. Voor sportbeoefenaars tussen 16 en 25 jaar bedraagt dat afzonderlijk tarief 16,5 procent. Voor atleten van 26 jaar en ouder en voor scheidsrechters, trainers, coaches en verzorgers bedraagt het tarief 33 procent.De Hoge Raad berekende wat de impact zou zijn indien de inkomsten van atleten worden belast als gewone inkomsten. De budgettaire winst (voor de federale en de regionale niveaus) als gevolg van de afschaffing van de afzonderlijke belastingregeling voor sporters en scheidsrechters zou beperkt blijven en wordt geraamd op 7,2 miljoen euro.Ook een verhoging van de accijnzen op huisbrandolie en aardgas zou niet zoveel opbrengen: respectievelijk 93 en 116 miljoen euro. Anders is het met een kerosinetaks: de 1,1 miljard euro opbrengst zou al de helft van de voorzichtige hervorming van de personenbelasting via een hogere belastingvrije som compenseren.Ten slotte buigt de Hoge Raad zich ook over het fiscaal aantrekkelijke stelsel van auteursrechten. Steeds meer gebeurt een deel van de verloning in auteursrechten. En dat geldt niet alleen voor schrijvers, copywriters of journalisten maar ook voor beroepen als software-ontwikkelaars of grafische designers. Het fiscale regime op auteursrechten is zeer voordelig waarbij inkomsten die daaronder vallen aan 7,5 tot 15 procent worden belast en niet tegen de klassieke tarieven die kunnen oplopen tot 50 procent. De Hoge Raad van Financiën pleit voor de algehele afschaffing van dat regime. Momenteel worden 50.000 werkenden in België via auteursrechten betaald. Dat is een stuk meer dan de 20.045 in 2013. De bruto-inkomsten uit auteursrechten zijn gestegen van 107 miljoen euro in 2013 tot bijna 400 miljoen euro vandaag. Hoeveel de afschaffing van het regime de staatskas zou opleveren, heeft de Hoge Raad nog niet berekend.