Op de Europese top van juli bereikten de staatshoofden en regeringsleiders een akkoord over een nieuw, tijdelijk instrument om het economisch herstel na de coronacrisis te financieren. Voor dat instrument, dat de naam Next Generation EU meekreeg, mag de Europese Commissie op de kapitaalmarkten 750 miljard euro lenen: 360 miljard euro bestemd voor leningen en 390 miljard euro voor subsidies. De leningen en het gros van de subsidies worden samengevoegd in een nagelnieuw herstelfonds, de 'faciliteit voor herstel en veerkracht'.

De Europese Commissie heeft nu bekendgemaakt hoe de lidstaten gebruik zullen kunnen maken van de 672,5 miljard euro die in dat fonds wordt gestopt. België zou, volgens een raming die eerder deze week al bekend gemaakt is, aanspraak maken op 5,15 miljard euro aan subsidies. Het kan ook leningen aanvragen, voor een bedrag dat niet hoger is dan 6,8% van zijn bruto nationaal inkomen. Voor wat het waard is: op basis van het bni van 2019, zou het voor België om een slordige 32 miljard euro gaan, geld dat op termijn dus wel terugbetaald moet worden. In uitzonderlijke omstandigheden, en als de middelen voorhanden zijn, kan dat percentage nog opgetrokken worden, zegt de Commissie.

Ontwerpplannen

Om van het herstelfonds gebruik te kunnen maken, verwacht de Commissie 'ontwerpplannen voor herstel en veerkracht', met daarin een overzicht van de nationale investerings- en hervormingsagenda. Als het van de Commissie afhangt, zal de focus op een zevental domeinen liggen, gaande van propere technologieën en hernieuwbare energiebronnen, over het energie-efficiënt maken van gebouwen en het uitrollen van snelle breedbanddiensten, tot het stimuleren van digitale vaardigheden in het onderwijs.

De Commissie hoopt dat het Europees Parlement en de lidstaten het snel eens kunnen worden over de exacte modaliteiten van het herstelfonds, zodat het op 1 januari 2021 operationeel kan worden. De lidstaten zouden hun plannen dan uiterlijk op 30 april moeten indienen, maar worden aangemoedigd om al vanaf 15 oktober een voorontwerp te presenteren, na het indienen van hun ontwerpbegroting voor volgend jaar dus.

In België zal niet alleen beslist moeten worden voor welke projecten Europese subsidies en leningen worden aangevraagd, maar ook hoe het geld verdeeld wordt over het federale niveau en de deelstaten. Vlaams minister van Begroting Matthias Diependaele (N-VA) liet zich woensdagavond tegenover de krant De Tijd al ontvallen dat het wat hem betreft 'de logica der dingen' is dat Vlaanderen van de 5,15 miljard euro aan beschikbare subsidies ruim 3 miljard krijgt. Belgische technici waren donderdagmiddag nog volop de nieuwe richtsnoeren van de Commissie aan het uitvlooien en konden nog niet antwoorden op vragen over de manier waarop de Europese middelen verdeeld zouden worden.

Op de Europese top van juli bereikten de staatshoofden en regeringsleiders een akkoord over een nieuw, tijdelijk instrument om het economisch herstel na de coronacrisis te financieren. Voor dat instrument, dat de naam Next Generation EU meekreeg, mag de Europese Commissie op de kapitaalmarkten 750 miljard euro lenen: 360 miljard euro bestemd voor leningen en 390 miljard euro voor subsidies. De leningen en het gros van de subsidies worden samengevoegd in een nagelnieuw herstelfonds, de 'faciliteit voor herstel en veerkracht'.De Europese Commissie heeft nu bekendgemaakt hoe de lidstaten gebruik zullen kunnen maken van de 672,5 miljard euro die in dat fonds wordt gestopt. België zou, volgens een raming die eerder deze week al bekend gemaakt is, aanspraak maken op 5,15 miljard euro aan subsidies. Het kan ook leningen aanvragen, voor een bedrag dat niet hoger is dan 6,8% van zijn bruto nationaal inkomen. Voor wat het waard is: op basis van het bni van 2019, zou het voor België om een slordige 32 miljard euro gaan, geld dat op termijn dus wel terugbetaald moet worden. In uitzonderlijke omstandigheden, en als de middelen voorhanden zijn, kan dat percentage nog opgetrokken worden, zegt de Commissie. Om van het herstelfonds gebruik te kunnen maken, verwacht de Commissie 'ontwerpplannen voor herstel en veerkracht', met daarin een overzicht van de nationale investerings- en hervormingsagenda. Als het van de Commissie afhangt, zal de focus op een zevental domeinen liggen, gaande van propere technologieën en hernieuwbare energiebronnen, over het energie-efficiënt maken van gebouwen en het uitrollen van snelle breedbanddiensten, tot het stimuleren van digitale vaardigheden in het onderwijs. De Commissie hoopt dat het Europees Parlement en de lidstaten het snel eens kunnen worden over de exacte modaliteiten van het herstelfonds, zodat het op 1 januari 2021 operationeel kan worden. De lidstaten zouden hun plannen dan uiterlijk op 30 april moeten indienen, maar worden aangemoedigd om al vanaf 15 oktober een voorontwerp te presenteren, na het indienen van hun ontwerpbegroting voor volgend jaar dus. In België zal niet alleen beslist moeten worden voor welke projecten Europese subsidies en leningen worden aangevraagd, maar ook hoe het geld verdeeld wordt over het federale niveau en de deelstaten. Vlaams minister van Begroting Matthias Diependaele (N-VA) liet zich woensdagavond tegenover de krant De Tijd al ontvallen dat het wat hem betreft 'de logica der dingen' is dat Vlaanderen van de 5,15 miljard euro aan beschikbare subsidies ruim 3 miljard krijgt. Belgische technici waren donderdagmiddag nog volop de nieuwe richtsnoeren van de Commissie aan het uitvlooien en konden nog niet antwoorden op vragen over de manier waarop de Europese middelen verdeeld zouden worden.