De voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), Christine Lagarde, heeft sinds haar aantreden in november 2019 al meermaals gezegd dat haar instelling meer moet doen voor het klimaat. Daarmee wil ze het monetaire beleid op dezelfde lijn brengen als het economische beleid van de Europese Unie. De Europese Commissie zet met de Green Deal in op de vergroening van de Europese economie. Ze wil ook de relance na de coronacrisis zo duurzaam mogelijk maken door een derde van het Europese herstelpakket te reserveren voor groene uitgaven en investeringen. In de ECB loopt onder meer een strategische denkoefening over de manier waarop de instelling die Europese duurzaamheidsdoelstellingen mee kan ondersteunen. De Nederlandse onderzoekers Rens van Tilburg en Jens van 't Klooster schreven daar een rapport over voor de ngo Positive Money Europe en het Sustainable Finance Lab in Utrecht.

Er is al meer dan 1700 miljard euro via goedkope leningen naar de banken gevloeid. Daar mag iets tegenover staan' Jens van 't Klooster, KU Leuven

Op het eerste gezicht lijken de opkoopprogramma's van de ECB het belangrijkste instrument waarmee ze haar beleid kan verduurzamen. Sinds 2015 heeft de bank voor zo'n 2500 miljard euro aan overheidsobligaties en net geen 250 miljard euro aan bedrijfsobligaties opgekocht.

Via die laatste zou de ECB een groene toets kunnen geven aan het ongewoon soepele geldbeleid van de laatste vijf jaar. Het opkoopprogramma voor bedrijfsobligaties heeft nu nefaste bijwerkingen voor het klimaat, omdat vooral bedrijven met een negatieve klimaatimpact zich financieren op de obligatiemarkten. "Het gaat om sectoren met een bovengemiddeld slechte invloed op het klimaat, zoals de auto-, de energie- en de fossielebrandstoffensector", verduidelijkt Jens van 't Klooster, die verbonden is aan de KU Leuven.

Ondanks die grote klimaatvoetafdruk wil de ECB haar beleid niet verduurzamen met dat opkoopprogramma. "Daar heeft ze een goede uitleg voor", stelt Van 't Klooster. "Er zijn gewoon niet zoveel duurzame obligaties in omloop. Daarnaast is het ook omstreden welke obligaties echt groen zijn."

De groene hefboom

Van 't Klooster ziet meer heil in het reguliere monetaire beleid. Het belangrijkste beleidsinstrument van de ECB is de rente op de leningen die ze verschaft aan de Europese banken. Sinds 2014 hanteert de ECB een lager tarief op een deel van die leningen, op voorwaarde dat de banken dat geld gebruiken voor bedrijfs- en consumentenkrediet, en niet voor hypotheken. In het ECB-jargon heten die targeted long term refinancing operations (TLTRO's). Volgens de onderzoekers zijn die goedkope ECB-leningen een veel beter instrument om het monetaire beleid mee te vergroenen.

Momenteel is het voordeligste tarief waartegen banken bij de ECB lenen -1 procent, terwijl het hen maar 0,5 procent kost om hun overtollige liquiditeiten bij de ECB te parkeren. "In feite is het een subsidie voor de bankensector. Er is zo al meer dan 1700 miljard euro naar de banken gevloeid. Daar mag iets tegenover staan", stelt Van 't Klooster.

De twee onderzoekers pleiten ervoor om bijkomende duurzaamheidsvoorwaarden te verbinden aan die voordelige leningen. Zo zouden banken alleen nog goedkoop kunnen lenen als ze dat geld gebruiken voor kredieten die groene bedrijfsinvesteringen of duurzame uitgaven van particulieren financieren. "Dat kan de banken een extra zetje geven om zulke projecten te financieren. Voor de bedrijven en de gezinnen kan het een extra stimulans zijn om hun investeringen en uitgaven zo duurzaam mogelijk te maken", meent Jens van 't Klooster.

Binnen het mandaat

Het belangrijkste bezwaar luidt dat die duurzaamheidsdoelen niets te maken zouden hebben met het centrale mandaat van de ECB: de prijsstabiliteit bewaken. Maar volgens Van 't Klooster kunnen die goedkope groene ECB-leningen meer bijdragen aan de inflatiedoelstellingen dan gewone leningen. "Nu financieren banken met dat goedkope geld investeringen die niet duurzaam zijn. Als die daarom sneller dan verwacht moeten worden afgeschreven, kan dat schokken van inflatie of deflatie veroorzaken", stelt hij. Omdat duurzame investeringen veel minder abrupt in waarde dalen, zullen die het prijsniveau in de economie voor een lange periode stabiel houden.

Een ander bezwaar is dat die duurzaamheidsvoorwaarden het monetaire beleid selectief maken. De ECB zou haar boekje te buiten gaan door duurzame economische activiteiten een voorkeursbehandeling te geven. Maar ook dat gaat niet op, vindt Van 't Klooster: "Het monetaire beleid heeft ook voordelen voor bepaalde sectoren. Zo wakkert de ECB met haar lagerentebeleid investeringen aan die anders niet zouden gebeuren."

Een mogelijk knelpunt is wel hoe de ECB zal bepalen of de kredieten die banken verschaffen met goedkoop ECB-geld duurzaam zijn of niet. "De ECB staat er heel huiverachtig tegenover om zelf te moeten zeggen wat groen is en wat niet", legt Jens van 't Klooster uit. Volgens hem kan de nieuwe Europese taxonomie voor duurzame activiteiten een oplossing bieden: "Die verordening helpt investeerders te bepalen welke investeringen duurzaam zijn. Ze stelt voor meer dan 600 activiteiten de voorwaarden waaraan ze moeten voldoen om als groene investering te worden gezien. Wij stellen voor dat de banken die taxonomie gebruiken om aan te tonen dat de kredieten duurzaam zijn. Als ze voldoen aan de taxonomie, kunnen ze daarvoor voordelig lenen bij de ECB."

Het monetaire beleid is al enkele jaren het onderwerp van een hevige controverse. Tot nu beperkte die zich tot het soepele geld- en het lagerentebeleid. Als de ECB zich ook in de klimaatstrijd gooit, zal een nieuwe golf van kritiek op gang komen. Volgens Jens van 't Klooster is het een uitgemaakte zaak dat de ECB die weg zal inslaan. "Er is een duidelijke consensus dat het klimaat een belangrijkere rol zal spelen in het monetaire beleid. De vraag is alleen hoe", stelt hij. De vergroening van die goedkope leningen is volgens hem een waardevol denkspoor dat binnen het wettelijke mandaat van de ECB valt.

Beluister ook de Trends Podcast met Jens van 't Klooster

De voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), Christine Lagarde, heeft sinds haar aantreden in november 2019 al meermaals gezegd dat haar instelling meer moet doen voor het klimaat. Daarmee wil ze het monetaire beleid op dezelfde lijn brengen als het economische beleid van de Europese Unie. De Europese Commissie zet met de Green Deal in op de vergroening van de Europese economie. Ze wil ook de relance na de coronacrisis zo duurzaam mogelijk maken door een derde van het Europese herstelpakket te reserveren voor groene uitgaven en investeringen. In de ECB loopt onder meer een strategische denkoefening over de manier waarop de instelling die Europese duurzaamheidsdoelstellingen mee kan ondersteunen. De Nederlandse onderzoekers Rens van Tilburg en Jens van 't Klooster schreven daar een rapport over voor de ngo Positive Money Europe en het Sustainable Finance Lab in Utrecht. Op het eerste gezicht lijken de opkoopprogramma's van de ECB het belangrijkste instrument waarmee ze haar beleid kan verduurzamen. Sinds 2015 heeft de bank voor zo'n 2500 miljard euro aan overheidsobligaties en net geen 250 miljard euro aan bedrijfsobligaties opgekocht. Via die laatste zou de ECB een groene toets kunnen geven aan het ongewoon soepele geldbeleid van de laatste vijf jaar. Het opkoopprogramma voor bedrijfsobligaties heeft nu nefaste bijwerkingen voor het klimaat, omdat vooral bedrijven met een negatieve klimaatimpact zich financieren op de obligatiemarkten. "Het gaat om sectoren met een bovengemiddeld slechte invloed op het klimaat, zoals de auto-, de energie- en de fossielebrandstoffensector", verduidelijkt Jens van 't Klooster, die verbonden is aan de KU Leuven. Ondanks die grote klimaatvoetafdruk wil de ECB haar beleid niet verduurzamen met dat opkoopprogramma. "Daar heeft ze een goede uitleg voor", stelt Van 't Klooster. "Er zijn gewoon niet zoveel duurzame obligaties in omloop. Daarnaast is het ook omstreden welke obligaties echt groen zijn." Van 't Klooster ziet meer heil in het reguliere monetaire beleid. Het belangrijkste beleidsinstrument van de ECB is de rente op de leningen die ze verschaft aan de Europese banken. Sinds 2014 hanteert de ECB een lager tarief op een deel van die leningen, op voorwaarde dat de banken dat geld gebruiken voor bedrijfs- en consumentenkrediet, en niet voor hypotheken. In het ECB-jargon heten die targeted long term refinancing operations (TLTRO's). Volgens de onderzoekers zijn die goedkope ECB-leningen een veel beter instrument om het monetaire beleid mee te vergroenen. Momenteel is het voordeligste tarief waartegen banken bij de ECB lenen -1 procent, terwijl het hen maar 0,5 procent kost om hun overtollige liquiditeiten bij de ECB te parkeren. "In feite is het een subsidie voor de bankensector. Er is zo al meer dan 1700 miljard euro naar de banken gevloeid. Daar mag iets tegenover staan", stelt Van 't Klooster. De twee onderzoekers pleiten ervoor om bijkomende duurzaamheidsvoorwaarden te verbinden aan die voordelige leningen. Zo zouden banken alleen nog goedkoop kunnen lenen als ze dat geld gebruiken voor kredieten die groene bedrijfsinvesteringen of duurzame uitgaven van particulieren financieren. "Dat kan de banken een extra zetje geven om zulke projecten te financieren. Voor de bedrijven en de gezinnen kan het een extra stimulans zijn om hun investeringen en uitgaven zo duurzaam mogelijk te maken", meent Jens van 't Klooster. Het belangrijkste bezwaar luidt dat die duurzaamheidsdoelen niets te maken zouden hebben met het centrale mandaat van de ECB: de prijsstabiliteit bewaken. Maar volgens Van 't Klooster kunnen die goedkope groene ECB-leningen meer bijdragen aan de inflatiedoelstellingen dan gewone leningen. "Nu financieren banken met dat goedkope geld investeringen die niet duurzaam zijn. Als die daarom sneller dan verwacht moeten worden afgeschreven, kan dat schokken van inflatie of deflatie veroorzaken", stelt hij. Omdat duurzame investeringen veel minder abrupt in waarde dalen, zullen die het prijsniveau in de economie voor een lange periode stabiel houden. Een ander bezwaar is dat die duurzaamheidsvoorwaarden het monetaire beleid selectief maken. De ECB zou haar boekje te buiten gaan door duurzame economische activiteiten een voorkeursbehandeling te geven. Maar ook dat gaat niet op, vindt Van 't Klooster: "Het monetaire beleid heeft ook voordelen voor bepaalde sectoren. Zo wakkert de ECB met haar lagerentebeleid investeringen aan die anders niet zouden gebeuren." Een mogelijk knelpunt is wel hoe de ECB zal bepalen of de kredieten die banken verschaffen met goedkoop ECB-geld duurzaam zijn of niet. "De ECB staat er heel huiverachtig tegenover om zelf te moeten zeggen wat groen is en wat niet", legt Jens van 't Klooster uit. Volgens hem kan de nieuwe Europese taxonomie voor duurzame activiteiten een oplossing bieden: "Die verordening helpt investeerders te bepalen welke investeringen duurzaam zijn. Ze stelt voor meer dan 600 activiteiten de voorwaarden waaraan ze moeten voldoen om als groene investering te worden gezien. Wij stellen voor dat de banken die taxonomie gebruiken om aan te tonen dat de kredieten duurzaam zijn. Als ze voldoen aan de taxonomie, kunnen ze daarvoor voordelig lenen bij de ECB." Het monetaire beleid is al enkele jaren het onderwerp van een hevige controverse. Tot nu beperkte die zich tot het soepele geld- en het lagerentebeleid. Als de ECB zich ook in de klimaatstrijd gooit, zal een nieuwe golf van kritiek op gang komen. Volgens Jens van 't Klooster is het een uitgemaakte zaak dat de ECB die weg zal inslaan. "Er is een duidelijke consensus dat het klimaat een belangrijkere rol zal spelen in het monetaire beleid. De vraag is alleen hoe", stelt hij. De vergroening van die goedkope leningen is volgens hem een waardevol denkspoor dat binnen het wettelijke mandaat van de ECB valt. Beluister ook de Trends Podcast met Jens van 't Klooster