"In de Noordzee liggen nog honderdduizenden mijnen. Dat is het drukst bevaarde gebied ter wereld, met vitale havens als Antwerpen en Rotterdam. Als marineschepen die mijnen vernietigen, vervullen ze niet alleen een militaire maar ook een maatschappelijke taak. Mijnenjagers zijn de brandweer van de zee. Het belang van de bouw van nieuwe Nederlandse en Belgische mijnbestrijdingsschepen kan niet worden overschat." Aan het woord is Richard Keulen, een voormalige Nederlandse marineofficier die director naval sales support is bij de scheepswerf Damen Schelde Naval Shipbuilding in Vlissingen (DSNS). De zetel van de scheepsbouwer ademt maritieme geschiedenis. In de inkomhal staan alle namen van de schepen gebeiteld die Damen sinds 1874 heeft gebouwd. Straks komen daar misschien vier fregatten en twaalf mijnenjagers bij - zes voor Nederland en zes voor België.
...

"In de Noordzee liggen nog honderdduizenden mijnen. Dat is het drukst bevaarde gebied ter wereld, met vitale havens als Antwerpen en Rotterdam. Als marineschepen die mijnen vernietigen, vervullen ze niet alleen een militaire maar ook een maatschappelijke taak. Mijnenjagers zijn de brandweer van de zee. Het belang van de bouw van nieuwe Nederlandse en Belgische mijnbestrijdingsschepen kan niet worden overschat." Aan het woord is Richard Keulen, een voormalige Nederlandse marineofficier die director naval sales support is bij de scheepswerf Damen Schelde Naval Shipbuilding in Vlissingen (DSNS). De zetel van de scheepsbouwer ademt maritieme geschiedenis. In de inkomhal staan alle namen van de schepen gebeiteld die Damen sinds 1874 heeft gebouwd. Straks komen daar misschien vier fregatten en twaalf mijnenjagers bij - zes voor Nederland en zes voor België. Damen is een van de kandidaten voor de bouw en het onderhoud van de mijnenjagers van de nieuwe generatie. In 2016 besloot minister van Defensie Steven Vandeput (N-VA) in samenspraak met zijn Nederlandse collega de vloot fregatten en mijnenjagers vanaf 2023 te vervangen, goed voor een investering van 4 miljard euro. De aanbesteding van de vier fregatten wordt door Nederland verzorgd. Voor de mijnenbestrijdingsvaartuigen is België de opdrachtgever. Er werd een Europese aanbesteding uitgeschreven en drie consortia tekenden daarop in. Naast Damen, dat in zee stapt met het Belgische ingenieursbedrijf Imtech (onderdeel van de bouwgroep Cordeel uit Temse) en een hele reeks andere ondernemingen, zijn ook twee Frans-Belgische consortia kandidaat (zie kader Lobbywerk vanuit Parijs). Nog voor de paasvakantie zou de regering in lopende zaken de knoop doorhakken. Richard Keulen verdedigt het project van Damen-Imtech: "Ons consortium sluit aan bij de decennialange en zeer hechte samenwerking tussen de Belgische en de Nederlandse marine. Ook heb je een sterk trackrecord nodig om zo'n groot project tot een goed einde te kunnen brengen. En wij leveren al bijna 150 jaar aan de Koninklijke Marine en andere landen. We werken samen met de Zweedse marinebouwer Saab Kockums met het oog op de vervanging van de onderzeeboten van de Nederlandse marine. Ook technologisch staan we sterk. We hebben als eerste ter wereld een scheepsschroef ge-3D-geprint en die werkt perfect onder een van onze schepen." Zijn collega Ric Dekkers, ook een voormalige marineofficier en senior naval advisor bij Damen, vult aan: "Als privébedrijf kunnen wij gemakkelijk partnerschappen aangaan met andere privébedrijven voor de levering van bepaalde onderdelen. Damen kan bijvoorbeeld shoppen op de wereldmarkt om de radar te vinden die de klant vraagt. Bij andere marinebouwers om ons heen ligt dat minder voor de hand, omdat de maker van radars of commandosystemen daar vaak in hetzelfde bedrijf zit." Net zoals de andere kandidaten benadrukt Damen dat een belangrijk deel van de productie van de mijnenjagers in België kan plaatsvinden. En dat het contract veel meer behelst dan de bouw en het onderhoud van de vaartuigen. Om te beginnen worden de scheepsrompen in het Roemeense Galati gebouwd. Een mijnenjager zou in Vlissingen worden afgewerkt, de elf andere in België met de technologische en de ballistische uitrusting op de scheepswerf Gardec in Zeebrugge. Naast een mijnbestrijdingsvaartuig van meer dan 90 meter moet ook een toolbox worden afgeleverd voor de bestrijding van zeemijnen. Die moet het mogelijk maken dat zeemijnen worden bestreden, zonder dat het schip in een mijnenveld terechtkomt. Zeemijnen worden onschadelijk gemaakt met onbemande bootjes, oppervlaktedrones, onderwaterdrones en vliegende drones. Zo zou een Seafox-onderwatervoertuig worden ontwikkeld die een mijn herkent met behulp van hoge resolutie en optische sensors en het gevaarte vier keer sneller kan opruimen dan nu. In de Noordzee liggen nog heel wat mijnen uit de twee wereldoorlogen, maar mijnbestrijdingsschepen moeten ook voorbereid zijn op het neutraliseren van de nieuwste types. Klassiek komt een mijn tot ontploffing door een verandering in een magnetisch veld, bijvoorbeeld een ijzeren object dat boven een mijn beweegt. "Maar ondertussen heb je mijnen die zelf varen, die tellen, die aan en uit gaan of die enkel een schroef van een schip herkennen", zegt Ric Dekkers. "Er is een technologische wapenwedloop aan de gang. De tijden zijn voorbij dat de marine schepen kocht waarvan de uitrusting zonder problemen twintig tot dertig jaar kon meegaan met regelmatig onderhoud." "De Belgische marine schat dat die toolbox maximaal tien jaar meekan", vult Richard Keulen aan. "Die snelle technologische ontwikkeling maakt regelmatige upgrades van delen van de toolbox noodzakelijk. Dat is een kans om specialisten in automatisering en dronetechnologie voor een lange periode bij het project te betrekken." In het bod van Damen-Imtech zitten twee ontwerpen voor de toolbox: een van het Duitse Atlas Elektronik en een van het Belgische OIP uit Oudenaarde, een wereldspeler in nachtkijkers en optische sensoren voor de dronetechnologie. Andere Belgische bedrijven die bij het Damen-Imtech-consortium betrokken zijn, zijn FN Herstal voor de wapensystemen, ABC voor de scheepsmotoren en Fabricom voor elektronische installaties. Een andere partner is het ingenieursbureau Multi uit Temse. "Onze maritieme poot organiseert het onderhoud van schepen en volgt het op", zegt COO Niko Fierens. "Multi heeft al meermaals samengewerkt met Damen. Een marineopdracht is belangrijk voor ons. Toen we 22 jaar geleden begonnen, hadden veel mensen meegewerkt aan militaire projecten. Maar toen werd veel minder in defensie geïnvesteerd. Een tiental jaar geleden hebben we een belangrijk deel van de haalbaarheidsstudie voor de vervanging van mijnenvegers uitgevoerd. Dat was het. Zonder nieuw project voor de marine dreigt onze expertise verloren te gaan." "Damen wil met zijn Belgische partners verder gaan dan alleen de bouw en het onderhoud van de twaalf schepen", zegt Keulen. "Wij willen een convenant opstellen met de Belgische defensie- industrie en onderwijsinstellingen ter versterking van de Belgische Defensie en Technologische Industriële Basis (DTIB)." Er zou een MCM ( mine countermeasure) Valley komen in Zeebrugge waar de overheid, de bedrijven en de kennisinstellingen samenwerken. De economische waarde van de DTIB wordt geraamd op 667 miljoen euro toegevoegde waarde, met 71 bedrijven en 4743 werknemers. Dat zou toenemen tot 80 bedrijven, 4832 werknemers en een toegevoegde waarde van 987 miljoen euro. Het totale contract zou in twintig jaar een return van 1,9 miljard euro genereren. "Dat is niet alleen een langetermijnproject voor onze beide marines. Veel NAVO-landen zijn toe aan de vervanging van hun mijnenjagers", zegt Keulen. "Het nieuwe Belgische concept van mijnenbestrijding op zee zal zeker de aandacht trekken van andere marines." "We kunnen samenwerken met de mijnbestrijdingsschool in Oostende. Daar is kennis aanwezig", vult Dekkers aan. Er zou ook een brug worden geslagen naar Antwerpen waar Multi, als Damen-Imtech de opdracht binnenhaalt, een nieuw bureau zou openen van 20 tot 25 ingenieurs en ontwerpers die zich zullen specialiseren in militaire scheepsbouw. Dat zou dan een onderdeel vormen van een Maritieme Campus Antwerpen (MCA) die zich ook richt op de commerciële maritieme sector. De militaire investeringen hebben op die manier spill-overeffecten richting innovaties in burgerlijke industrie en scheepvaart. "Dat was in het verleden al het geval. Denk maar aan de gps en het internet", zegt Niko Fierens. Freddy Versluys, de topman van OIP dat voor het Damen-Imtech-project de technologie voor drones, sonars en sensoren kan leveren, ziet een kans voor de ontwikkeling van een Vlaamse drone-industrie. "Op dat gebied heeft Vlaanderen weinig te bieden. Dat kan veranderen via de spin-offs die in een MCM Valley ontstaan. Autonome en onbemande systemen zijn in volle opgang, of het nu via drones is of iets anders. Deze regio kan zich de komende jaren op de kaart zetten. Zo zie ik de binnenscheepvaart volledig autonoom worden en containerschepen zullen op termijn maar een viertal bemanningsleden tellen."