Liefst 89 procent van de Vlaamse leerkrachten liet leerlingen de afgelopen maanden taken maken op een digitaal platform. Dat is niet alleen meer dan het Europese gemiddelde van 87 procent, maar bovendien een forse stijging tegenover precoranatijden. Toen deed 62 procent van de leerkrachten dat al.
...

Liefst 89 procent van de Vlaamse leerkrachten liet leerlingen de afgelopen maanden taken maken op een digitaal platform. Dat is niet alleen meer dan het Europese gemiddelde van 87 procent, maar bovendien een forse stijging tegenover precoranatijden. Toen deed 62 procent van de leerkrachten dat al.De enquête is begin juni afgenomen door Sanoma Learning, het Finse moederbedrijf van de educatieve uitgever en marktleider in digitale leerplatformen Van In. Het gebruik van Diddit, het leerplatform voor het secundair onderwijs, en vooral van Bingel, voor het basisonderwijs, is geëxplodeerd. De dagpiek voor oefeningen voor Diddit steeg van 132.000 naar 236.000. Bij Bingel was dat zelfs van 1,9 miljoen naar 9,2 miljoen. "We zien al enkele jaren een groei van onze digitale leerplatformen, maar door de coronapandemie zijn alle records verpulverd", zegt Winfried Mortelmans, de CEO van Van In. "Dat heeft te maken met de uitzonderlijke omstandigheden, maar we denken wel dat een deel van die stijging blijvend is. Voorheen merkten we ook al dat het gebruik van onze platformen elk jaar toenam. Wie ermee begon te werken, bleef ze ook gebruiken."In tegenstelling tot wat soms wordt aangenomen, is Vlaanderen niet het kneusje in de Europese klas. Voor de coronapandemie liet al 62 procent van de Vlaamse leerkrachten oefeningen maken op een digitaal leerplatform. Het Europese gemiddelde lag op 59 procent. Anders is de situatie voor de digitale afstandslessen. Daar scoorde Vlaanderen met 10 procent onder het Europese precoronagemiddelde van 17 procent. De pandemie veranderde dat volledig. Volgens de enquête gaf 77 procent van de Vlaamse leerkrachten tijdens de lockdown les vanop afstand. Ook namen onze leerkrachten meer webcasts (50%) op dan het Europese gemiddelde (35%). En ze verstuurden meer leermateriaal op in digitale vorm. De coronapandemie heeft dus duidelijk ook in het onderwijs de digitalisering versneld, net als in het bedrijfsleven. Leerkrachten die al gebruikmaakten van digitale leerplatformen, deden dat nog meer. Wie tot voor kort wat weigerachtig stond tegenover de digitalisering in het onderwijs, kon niet anders dan mee op de trein te springen. Dat gebeurde ook massaal. Tijdens de paasvakantie volgden zo'n 6000 leerkrachten bij Van In webinars over het gebruik van Bingel en Diddit."De tevredenheid is groot, maar leerkrachten zeggen wel dat ze beduidend meer werk hadden door de digitale toepassingen", zegt Mortelmans. "Ik denk dat de verklaring te vinden is in het feit dat voor veel leerkrachten de stap toch wel onverwacht is gekomen. Ik kan me voorstellen dat bepaalde zaken daardoor nog meer tijd vergden dan nodig is."Volgens de enquête vond 84 procent het digitale lesgeven moeilijker, en had 72 procent het idee dat de kennis evalueren bij de leerlingen lastiger was via het digitale kanaal. De communicatie met de ouders (42%), het geven van opdrachten (57%) en het verrichten van administratieve taken (41%) vonden leraars dan weer gemakkelijker via het digitale platform. Uiteindelijk leidt dat tot de paradox dat 82 procent van de leerkrachten gelooft dat de leerlingen minder tijd moesten besteden aan hun schoolwerk, terwijl 79 procent vond dat ze zelf meer voorbereidingstijd staken in het lesgeven.