Na het bericht dat er in het eerste halfjaar van 2015 10.000 nieuwe banen zijn bijgekomen in de privésector, kwam er vandaag weer goed nieuws voor de regering-Michel: het begrotingstekort daalt van -3,1 procent van het bbp in 2014 naar -2,7 procent in 2015, leren cijfers van de Europese Commissie.

Daarmee bevindt België zich niet meer in de budgettaire gevarenzone. Voor de komende jaren voorspelt de Commissie een verdere daling van het begrotingstekort tot 2,3 procent in 2017. De licht aantrekkende economische groei zorgt er volgens de Europese Commissie voor dat de Belgische overheidsfinanciën in rustiger vaarwater terechtkomen. De Belgische economie zou dit en volgend jaar met 1,3 procent groeien, en in 2017 zelfs met 1,7 procent. Mede dankzij de competitiviteitsmaatregelen en de daaraan gekoppelde jobcreatie zullen de overheidsinkomsten stijgen en de uitgaven afnemen.

'De overheidsuitgaven moeten nog lager'

Voor de regering-Michel mag dit alles geen reden zijn op op haar lauweren te gaan rusten. De begroting mag dan wel uit de gevarenzone zijn, deze regering heeft nog maar een begin gemaakt van een structurele sanering van de uitgaven. De overheidsuitgaven zonder de rentelasten zullen de komende jaren licht dalen, maar zullen voor het einde van de legislatuur nog altijd rond de 50 procent van het bbp zitten. Dat is veel te hoog. De uitgaven moeten verder naar beneden. België heeft de voorbije jaren - onder Leterme en Di Rupo - vooral gekozen voor een begrotingsconsolidatie via extra inkomsten, vooral met belastingverhogingen. Die weg mag de komende jaren niet meer worden bewandeld. De begroting zal tussen 2016 en 2019 enkel op koers blijven als de uitgaven blijven dalen.

Tien jaar geleden bedroegen de overheidsuitgaven 46 procent van het bbp. Weer naar dat niveau afdalen moet de doelstelling van de regering-Michel zijn. En het kan nog beter: in 2000 bedroegen de overheidsuitgaven amper 42 procent van het bbp. Het is ook de enige manier om de nog altijd torenhoge schuld van 107 procent van te doen dalen. Minder uitgaven zullen leiden tot een hoger primair saldo (ontvangsten min uitgaven zonder rentelasten) en dat overschot kan de schuld langzaam doen dalen.