De vakbonden schreeuwen moord en brand omdat het uitzendbedrijf Accent Jobs zijn werknemers beloont als niemand deelneemt aan de sociale verkiezingen. De kritiek is dubbelzinnig en zelfs hypocriet. Want ook voor de 900.000 ambtenaren worden geen sociale verkiezingen gehouden. Dan verschuilen de vakbonden zich achter de 'neutraliteit van de overheid'. Terwijl de politiek gekleurde vakbonden wel zeer actief zijn bij de ambtenarij.
...

De vakbonden schreeuwen moord en brand omdat het uitzendbedrijf Accent Jobs zijn werknemers beloont als niemand deelneemt aan de sociale verkiezingen. De kritiek is dubbelzinnig en zelfs hypocriet. Want ook voor de 900.000 ambtenaren worden geen sociale verkiezingen gehouden. Dan verschuilen de vakbonden zich achter de 'neutraliteit van de overheid'. Terwijl de politiek gekleurde vakbonden wel zeer actief zijn bij de ambtenarij.De hr-dienstverlener Accent Jobs roept zijn werknemers op niet deel te nemen aan de sociale verkiezingen. Want dan moet het bedrijf geen verkiezingen organiseren en geen ondernemingsraad oprichten. Als dat lukt, krijgt iedere werknemer een smartphone en een dag vakantie extra.Minister van Werk Kris Peeters (CD&V) is kritisch voor Accent Jobs en vraagt een onderzoek door de sociale inspectie. De vakbonden reageren woedend. Zij zien dit als een aantasting van de democratische besluitvorming in het bedrijf.De houding van de vakbonden is hypocriet. Want in de overheidssector - administratie en overheidsbedrijven - worden in mei ook geen sociale verkiezingen gehouden. Dat is zeer merkwaardig, omdat de syndicalisatiegraad in de overheidssector 57 procent bedraagt en de vakbonden in sommige overheidsbedrijven (vooral de NMBS) bekend staan voor hun militante houding. In de ambtenarij en de overheidsbedrijven bestaan er trouwens wel degelijk sociale overlegorganen, maar de vakbonden zijn er vertegenwoordigd in verhouding tot hun ledenaantal.Dat in de overheidsdiensten- en bedrijven geen sociale verkiezingen worden gehouden, heeft officieel alles te maken met de 'neutraliteit van de overheid.' Volgens die theorie kan het niet dat de overlegorganen in een overheidsdienst, die nauw samenwerkt met de politiek, één specifieke syndicale kleur hebben. Daarom willen de vakbonden er geen sociale verkiezingen organiseren. Een vreemde redenering, want in de ambtenarij en overheidsbedrijven zijn wel degelijk politiek gekleurde vakbonden actief: het socialistische ACOD, het christendemocratische ACV Transcom, de CCOD,... Bovendien krijgen stakingen in de publieke sector zeer snel een politiek karakter. Als een centrum-rechtse regering bespaart in de ambtenarij, zijn de overheidsvakbonden er als de kippen bij om dat beleid af te schilderen als een poging om de publieke sector om louter ideologische redenen af te bouwen. Maar niemand stelt de vraag wat de democratische legitimiteit is van vakbondsacties bij de overheid. Als de vakbonden hun pleidooi voor democratische sociale verkiezingen ernstig nemen, dan moeten ze die ook in de overheidsdiensten toelaten.