Een ding is duidelijk geworden de afgelopen weken: de globalisering is op dunner ijs gebouwd dan gedacht. Ook al is covid-19 een zwarte zwaan die niemand zag komen aanvliegen, toch moeten we lessen trekken uit de kwetsbaarheid die dat beest heeft blootgelegd.

De economische mantra van de afgelopen drie decennia over hyperefficiënte, uiterst complexe en globaal verspreide productieketens heeft zonder twijfel veel economische voordelen opgeleverd. Het nieuwe coronavirus dwingt het internationale bedrijfsleven om niet langer alleen te kijken naar de economische efficiëntiewinsten, maar ook naar de risico's.

Maar de tere punten van de globalisering zijn niet alleen economisch van aard: ze kunnen ook perfect politiek worden uitgebuit. De coronacrisis toont ook aan dat een aantal internationale politieke vanzelfsprekendheden op losse schroeven staan.

De globalisering is op dunner ijs gebouwd dan gedacht.

We lijken in een wereld terecht te komen van ieder voor zich. De Verenigde Staten kiezen er steeds meer voor om hun eigen economie en markt af te schermen. China wil tot elke prijs zijn economische groei op peil te houden, zelfs als het daarvoor moet ingaan tegen de regels van het internationale handelsspel. Turkije gebruikt vluchtelingen als geopolitiek wapen om van Europa meer geld los te krijgen. Als kers op de taart kiest Saudi-Arabië ervoor de geglobaliseerde energiemarkt, en in haar zog de beurzen, in chaos te storten.

Na decennia van ongebreideld geloof in de voordelen van de geglobaliseerde marktwerking, gaan we een periode van toenemende onzekerheid en argwaan tegemoet. De belangrijkste remedie daartegen is een internationale politieke klasse die bereid is samen te werken om de ontwrichting van onvoorziene zwarte zwanen zoals corona op te vangen, in plaats van daar ieder voor zich garen van te spinnen.

Een ding is duidelijk geworden de afgelopen weken: de globalisering is op dunner ijs gebouwd dan gedacht. Ook al is covid-19 een zwarte zwaan die niemand zag komen aanvliegen, toch moeten we lessen trekken uit de kwetsbaarheid die dat beest heeft blootgelegd. De economische mantra van de afgelopen drie decennia over hyperefficiënte, uiterst complexe en globaal verspreide productieketens heeft zonder twijfel veel economische voordelen opgeleverd. Het nieuwe coronavirus dwingt het internationale bedrijfsleven om niet langer alleen te kijken naar de economische efficiëntiewinsten, maar ook naar de risico's. Maar de tere punten van de globalisering zijn niet alleen economisch van aard: ze kunnen ook perfect politiek worden uitgebuit. De coronacrisis toont ook aan dat een aantal internationale politieke vanzelfsprekendheden op losse schroeven staan. We lijken in een wereld terecht te komen van ieder voor zich. De Verenigde Staten kiezen er steeds meer voor om hun eigen economie en markt af te schermen. China wil tot elke prijs zijn economische groei op peil te houden, zelfs als het daarvoor moet ingaan tegen de regels van het internationale handelsspel. Turkije gebruikt vluchtelingen als geopolitiek wapen om van Europa meer geld los te krijgen. Als kers op de taart kiest Saudi-Arabië ervoor de geglobaliseerde energiemarkt, en in haar zog de beurzen, in chaos te storten. Na decennia van ongebreideld geloof in de voordelen van de geglobaliseerde marktwerking, gaan we een periode van toenemende onzekerheid en argwaan tegemoet. De belangrijkste remedie daartegen is een internationale politieke klasse die bereid is samen te werken om de ontwrichting van onvoorziene zwarte zwanen zoals corona op te vangen, in plaats van daar ieder voor zich garen van te spinnen.