Eerst en vooral: het is de verdienste van het team achter Collibra dat het bedrijf in tien jaar een recurrente omzet van 100 miljoen dollar kan bereiken, gereputeerde investeerders heeft zoals de investeringstak van Google en de vermogensbeheerder van Mark Zuckerberg en co, en dan ook nog eens de grootste bedrijven ter wereld als klant heeft. CEO Felix Van de Maele en zijn medeoprichters Stijn Christiaens, Pieter De Leenheer, Damien Trog en Benny Verhaeghe waren destijds hun tijd ver vooruit toen ze een platform bedachten waarmee bedrijven hun data beter kunnen ontsluiten en controleren wat met die data gebeurt. Er is keihard gewerkt voor die status van unicorn, de term in Silicon Valley voor het relatief zeldzame fenomeen van een waardering van meer dan een miljard dollar.

Collibra rijdt een zo goed als vlekkeloos parcours. Ongetwijfeld zullen andere Belgische beloftevolle techspelers weleens brokken maken, door foute keuzes of brute pech. Daar kan de beste steun van de overheid en uit de privésector weinig aan doen. Maar we kunnen wel zorgen dat de omstandigheden voor hen zo goed mogelijk worden als voor Collibra.

We kunnen nog meer Belgische eenhoorns zoals Collibra krijgen.

Collibra is ontstaan in de schoot van de VUB. De universiteit heeft meegeholpen om het eerste startkapitaal te verzamelen. Daarnaast konden de oprichters via familieconnecties de aandacht trekken van Tony Mary, die door zijn succesvolle carrière bij IBM een zeer groot netwerk heeft in de techsector. Mary is nog altijd voorzitter van de raad van bestuur. De eerste inkomsten kwamen dankzij een consultancycontract voor de Vlaamse overheid en Collibra heeft aandeelhouders die de boel niet blokkeren of via een vroegtijdige verkoop snel willen incasseren.

Voor veel andere Belgische bedrijven slaat de deur nog te vaak op het verkeerde moment dicht. Startfinanciering tegen aantrekkelijke voorwaarden is meestal geen probleem meer. Maar de toegang tot een netwerk van mentors en potentiële klanten, dat kan nog veel beter. Net als de overheid die niet alleen subsidies geeft, maar ook meer producten van die bedrijven moet afnemen.