"Voor onze groepsreis naar de expo van Dubai hadden we aanvankelijk gemikt op 50 deelnemers", zegt Gwen Maenhout van de werkgeversorganisatie Unizo Oost-Vlaanderen. "Na amper enkele dagen was de reis volgeboekt. We breidden de capaciteit uit, maar de boekingen bleven binnenkomen. We hebben de teller moeten stopzetten. Op 170."
...

"Voor onze groepsreis naar de expo van Dubai hadden we aanvankelijk gemikt op 50 deelnemers", zegt Gwen Maenhout van de werkgeversorganisatie Unizo Oost-Vlaanderen. "Na amper enkele dagen was de reis volgeboekt. We breidden de capaciteit uit, maar de boekingen bleven binnenkomen. We hebben de teller moeten stopzetten. Op 170." Aan belangstelling van ondernemers voor de wereldtentoonstelling van Dubai is geen gebrek. Officieel heet die Expo 2020 Dubai, want door corona liep ze een jaar vertraging op. Allicht heeft dat uitstel de belangstelling nog aangewakkerd. Op de Olympische Spelen van Japan moesten bezoekers nog wegblijven, en dus wordt de Expo het eerste mondiale event waar ze opnieuw welkom zijn. Tot eind maart zullen zowat 200 landen en tal van bedrijven en organisaties het beste van zichzelf tonen, elk in hun paviljoen, verspreid over een expoterrein van 483 hectare. Alleen al de paviljoenen maken de reis de moeite waard, zegt Patrick Vercauteren Drubbel, de commissaris-generaal van BelExpo, het federale orgaan dat instaat voor de Belgische deelname. "Elk land heeft zijn beste of beroemdste architect aangesproken. De Expo wordt een hoogtepunt van de wereldarchitectuur." Het evenement is opgebouwd rond de thema's duurzaamheid, mobiliteit en kansen, maar saai en belerend mag het niet worden. "De Expo is een soort pedagogisch pretpark", zegt Vercauteren Drubbel. "In het Belgisch paviljoen bijvoorbeeld zal een interactieve digitale replica van Antwerpen en zijn verkeersstromen te zien zijn. Bezoekers zullen virtueel kunnen ingrijpen op de verkeersstromen in de stad, zodat ze spelenderwijs het effect van mobiliteitsmaatregelen leren kennen" (zie kader Expo Dubai, vijf belevenissen). De Expo belooft nog andere hoogstandjes, maar vernuft en spektakel waren ook al op andere wereldtentoonstellingen te zien. De primeur zit elders: dit wordt de eerste wereldtentoonstelling in een Arabisch land. De setting is een olieafhankelijke Golfregio die nood heeft aan economische diversificatie. Voor ondernemers zijn er dus kansen. Wellicht is dat de voornaamste verklaring voor hun grote belangstelling. De zakkende olieprijzen tijdens de coronacrisis deden de economie van de Golfstaten vorig jaar krimpen met bijna 5 procent. Intussen keerde de groei terug, met een voorspelde 2,2 procent voor 2021, maar hopelijk hebben de Golfstaten de les begrepen, schrijft de Wereldbank in een rapport. "In alle Golfstaten is de olieafhankelijkheid lager dan tien of twintig jaar geleden, maar er blijft nog veel werk." Golfstaten als Koeweit en Qatar leven nog altijd voor zowat de helft van olie en gas. De Verenigde Arabische Emiraten (VAE), waarvan het emiraat Dubai deel uitmaakt, behoort tot de betere leerlingen, met nog slechts 30 procent olieafhankelijkheid. De VAE zien het groots. Dankzij het Centennial Plan moeten de VAE "het beste land ter wereld worden tegen 2071", via excellent onderwijs, een gediversifieerde kenniseconomie en een 'gelukkige samenleving'. In Dubai zelf is het olietijdperk al bijna vergeten. Met zijn wolkenkrabbers, palmvormige kunstmatige eilanden, zevensterrenhotels, marmeren shoppingcentra en groene golfterreinen in de woestijn heeft het emiraat zich op vastgoed en toerisme gegooid. Als draaischijf tussen Europa en Azië is Dubai ook een wereldhaven en een knooppunt van internationaal luchtverkeer. Voor ondernemers blijft er dus veel te beleven in Dubai, zodat de Expo niet eens de voornaamste reden is waarom ook Voka Antwerpen er een groepsreis naartoe organiseert, aldus gedelegeerd bestuurder Luc Luwel. "Wij werken al 25 jaar samen met de machtige Kamer van Koophandel van Dubai. De deelnemers krijgen er briefings en ontmoeten lokale ondernemers. We trekken ook naar CEO's van Vlaamse bedrijven in Dubai, die de mogelijkheden én de valkuilen zullen aanwijzen in het emiraat. Misschien levert de reis niet meteen contracten op, maar in elk geval contacten. Wie de Expo wil bezoeken, zal dat uiteraard kunnen. Daar kun je internationale contacten leggen. Maar dat zullen wij niet organiseren." Dat zal ook niet nodig zijn, aldus Vercauteren Drubbel. "Op de Expo staat een lange reeks seminars, conferenties en themaweken op stapel. Daar zullen ondernemers uit alle windstreken op afkomen, en dat is niet verwonderlijk voor het eerste grote wereldforum na de pandemie. Zo veel ondernemers die elkaar op eenzelfde plek kunnen ontmoeten: dat was al een hele tijd geleden. Belgische sectorfederaties blijven zich maar aanmelden voor groepsreizen. We tellen nu al meer dan 60 van die reizen. Dat zegt genoeg." Aan vergaderruimte is er geen gebrek op de Expo. Naast de hoogstandjes heeft elk paviljoen ook wel een businesscenter. Dat van het Belgische paviljoen telt 130 zitplaatsen. Vercauteren Drubbel raadt sectorfederaties ook aan de reis te combineren met een van de vele beurzen in Dubai, zoals de voeding- en drankenbeurs Gulfood, of de beurs voor medische technologie Arab Health. "Veel Belgische bedrijven nemen deel aan die beurzen omwille van de massa aan potentiële kopers. Het luchtvaartknooppunt Dubai is in nauwelijks enkele uren te bereiken vanuit India, Oost-Afrika en Centraal-Europa, en dan zwijg ik nog over de Golfstaten zelf." Voor de ondernemers is de Expo dus meer dan prestigieus toerisme. "Een bedrijf is geen vzw", zegt Vercauteren Drubbel. "Een uitgave moet iets opbrengen, ook een reis naar Dubai." De opbrengsten vallen lang niet altijd in harde centen uit te drukken. Vercauteren Drubbel verwijst daarvoor naar het Belgisch paviljoen, The Green Arch gedoopt en een opgemerkt ecologisch hoogstandje. "Het paviljoen is waarschijnlijk veel meer waard dan de 8 miljoen euro die de Belgische overheid ervoor heeft betaald. Dat bedrag omvat alle kosten: architecturaal ontwerp, bouw, binneninrichting, meubilair, bewaking, schoonmaak en demontage na de Expo. Er kwamen 93 Belgische leveranciers aan te pas. Daarvan leverden 43 ofwel gratis ofwel tegen sterk verminderde prijs, omdat zij het belang inzien van zo'n mondiaal event. Het paviljoen is een vitrine waar de hele wereld zal passeren." Het export- en investeringsagentschap Flanders Investment & Trade (FIT) coördineert de Vlaamse deelname aan de Expo. Van 23 tot 28 oktober houdt FIT een Vlaamse week, met seminars en workshops over onze innovaties in mobiliteit, gezondheid, voeding en nog meer. Het Vlaamse onderzoeksinstituut VITO zal er zijn jaarlijkse G-STIC-conferentie houden over technologische oplossingen voor duurzaamheid. Zelfs de Vlaamse expertise in de paardenfokkerij komt aan bod tijdens de Vlaamse week, wat ongetwijfeld goed zal vallen in de Arabische wereld. Volgens cijfers van FIT exporteerden de Vlaamse bedrijven vorig jaar voor 2,5 miljard euro goederen uit naar de VAE, waarmee het land tot de top twintig van de Vlaamse exportbestemmingen behoort. "Sinds de edities van Sjanghai in 2010 en Milaan in 2015 zijn de wereldtentoonstellingen uitgegroeid tot volwaardige businessevents", zegt Claire Tillekaerts, de CEO van FIT. "Of onze export naar China en Italië steeg na de Vlaamse deelname aan die wereldexpo's, valt moeilijk te becijferen. Maar FIT registreerde wel een toegenomen interesse voor beide markten. Marktdiversificatie is een must voor de Vlaamse exporteurs, en een wereldtentoonstelling is daarvoor een uitgelezen kans. Uiteraard is het ook een kwestie van prestige en publiciteit. Een aantal sponsors en toeleveranciers aan de Belgische paviljoenen in Sjanghai en Milaan hebben het label 'official supplier of the Belgian Pavilion' later uitgespeeld op vakbeurzen en handelsmissies." Ook al draait een wereldexpo om prestige, een land kan er moeilijk wegblijven. De baten zijn niet meteen tastbaar, maar zijn daarom niet minder reëel. "Je moet je tonen aan de wereld," vat Luwel samen. "Een wereldexpo is een investering die je niet strikt boekhoudkundig mag bekijken. Als je daar niet bent, zal je gemist worden."