Sinds de bankencrisissen van 2008 en 2011 is veel veranderd in de financiële sector. Banken moesten hun activiteiten herstructureren, fors besparen en zich aanpassen aan een massa nieuwe regels en verplichtingen.
...

Sinds de bankencrisissen van 2008 en 2011 is veel veranderd in de financiële sector. Banken moesten hun activiteiten herstructureren, fors besparen en zich aanpassen aan een massa nieuwe regels en verplichtingen. Maar de appetijt om het businessmodel grondig te hervormen, bleef de voorbije jaren aan de lage kant. Nochtans dringt een hervorming zich op. De lage rente weegt op de marges en op de belangrijkste inkomstenbron: de rente-inkomsten uit de transformatie van deposito's in kredieten. Technologiebedrijven dreigen de omzet en de winstgevende activiteiten zoals betalingen, financieel advies enzovoort weg te halen bij de banken. Dat gaat zowel om starters die op een innovatieve manier technologie en financiëledienstverlening koppelen (de zogenaamde fintech-bedrijven), als over de giganten uit Sillicon Valey (Google, Apple, Facebook, Amazon). En laat ons de telecombedrijven niet vergeten: Orange Bank trekt in Frankrijk dagelijks 3000 nieuwe klanten aan. Aan de klantenzijde holt het gebruik van online en mobiele kanalen het kantoorbezoek uit. "Het consumentengedrag is de voorbije jaren razendsnel veranderd als gevolg van de doorbraak van de smartphone en de digitale technologie", zegt Olivier de Groote, partner en financial services industry leader bij Deloitte België. "In alle sectoren ontstaan digitale platformen en nieuwe ecosystemen. Klanten worden er vlot, snel en goedkoop bediend. Financiële instellingen denken na over welke rol ze in die nieuwe wereld zullen spelen, met welke producten en diensten, en met welke partners. Dat is een goede zaak." Het platformmodel vergt een compleet andere aanpak. Honderden jaren waren de banken gewoon hun klanten unilateraal een product of dienst aan te bieden (een spaarrekening, een lening, een verzekering, betalingsmogelijkheden, financieel advies, ...). Het businessmodel van de digitale economie steekt anders in elkaar. Daarin werken verschillende partijen samen, ze vullen elkaar aan en creëren samen waarde. "Ecosystemen worden de nieuwe norm", zegt De Groote. "Voor banken is dat een nieuw gegeven. In een economie die steeds meer open, verbonden en door data gedreven is, zal elke bank haar plaats moeten zoeken. Van welk ecosysteem wil ze deel uitmaken? Wat wordt haar rol in dat ecosysteem? Moet de bank zelf een platform ontwikkelen of sluit ze zich aan bij een ander?" Het zijn vragen die aan de orde van de dag zijn in veel bestuurs- en directiekamers. Begin volgend jaar treedt de nieuwe Europese betalingsrichtlijn PSD2 in werking, met de bedoeling de markt open te gooien en het monopolie van de banken in betalingen te doorbreken. PSD2 verplicht banken hun klantenbestanden en alle betalingsgegevens via de zichtrekening openbaar te maken voor andere spelers, mits de klant toestemming geeft. Die andere spelers kunnen andere financiële instellingen zijn, maar ook derde partijen, zoals fintechspelers, retailers of technologiereuzen. "PSD2 is een eerste stap in het openzetten van de deuren van de financiële sector", zegt De Groote. "De banken beseffen dat nieuwe concurrenten zullen opstaan, die toegang krijgen tot klantengegevens en op basis daarvan zelf financiële diensten kunnen aanbieden." Die nieuwe wereld van open banking biedt de traditionele financiële spelers ook kansen, zegt De Groote. "Enerzijds kunnen ze aan partners de kans bieden nieuwe diensten en toepassingen te ontwikkelen op basis van hun eigen informaticasystemen. Anderzijds kunnen ze zelf digitale platformen ontwikkelen die andere dan bancaire diensten aanbieden." Hoever gaat een bank daarin? Moeten mensen en agentschappen plaatsmaken voor mobiele apps, robots en algoritmes? Hoe ziet de bank van de toekomst eruit? Op al die vragen moet elke financiële instelling, vertrekkende van de eigen sterktes, een antwoord zoeken, aldus De Groote. "Er is niet zoiets als één zaligmakend model. Een lokale bank zal andere keuzes maken dan een internationale groep. Kleinere of gespecialiseerde banken hebben een andere positie dan grote en gediversifieerde instellingen." Deloitte voerde een Europese studie uit, die de uitdagingen voor de komende jaren blootlegt. "De conclusie is dat technologie alle ontwikkelingen in de banksector zal overheersen, maar dat uiteindelijk toch de mens het verschil zal maken", zegt Olivier de Groote. "Enkel technologische banken zullen overleven, maar de meest succesvolle zullen de instellingen zijn die de menselijke factor goed uitspelen." Trends vroeg de CEO's van de belangrijkste Belgische banken hoe ze tegen die ontwikkelingen aankijken. In Trends van deze week leest u de bedenkingen van Max Jadot (BNP Paribas Fortis), Marc Raisière (Belfius), Erik Van den Eynden (ING België), Daniël Falque (KBC België), Marc Lauwers (Argenta), Philippe Voisin (Crelan) en Philippe Masset (Degroof Petercam). Ook Thierry Geerts, de CEO van Google België, geeft zijn mening. "Uit de vele gesprekken concludeer ik dat de Belgische banken goed geplaatst zijn om een leidinggevende rol te blijven spelen in de financiëledienstverlening", zegt De Groote. "Op voorwaarde dat ze bereid zijn samen te innoveren, zoals ze gedaan hebben met Bancontact, Isabel enzovoort. En op voorwaarde dat ze openstaan voor partnerships met andere actoren. Samenwerking wordt een cruciaal gegeven, net als de keuze voor het juiste klantenplatform. Als dat te weinig toegevoegde waarde en geen excellente en gepersonaliseerde klantenervaring biedt, zit je niet goed." "De Belgische banken hebben heel veel troeven", besluit Erik Van den Eynden, de CEO van ING België. "Maar we moeten ervoor zorgen dat we relevant blijven in een wereld waarin digitale platformen de plak zwaaien. Bedrijven als Alibaba of Amazon creëren een marktplaats die volledig draait rond de consument. We moeten voorkomen dat technologiereuzen met hun platform tussen ons en de klant komen te staan, en de bank naar het achterplan duwen."