In 2021 konden we maandenlang winkelen tegen ongeveer dezelfde prijzen als voor de coronacrisis. Maar intussen heeft de inflatie ook onze supermarkten bereikt. Wie regelmatig chips koopt in de supermarkt, had al een voorsmaakje gekregen van de prijsstijgingen om de inflatie door te rekenen aan de klant. De coronacrisis valt samen met slechte aardappeloogsten en er zijn problemen met de aanvoer van frituurolie. Daardoor waren de prijzen van de aardappelchips al vrij spectaculair gestegen.
...

In 2021 konden we maandenlang winkelen tegen ongeveer dezelfde prijzen als voor de coronacrisis. Maar intussen heeft de inflatie ook onze supermarkten bereikt. Wie regelmatig chips koopt in de supermarkt, had al een voorsmaakje gekregen van de prijsstijgingen om de inflatie door te rekenen aan de klant. De coronacrisis valt samen met slechte aardappeloogsten en er zijn problemen met de aanvoer van frituurolie. Daardoor waren de prijzen van de aardappelchips al vrij spectaculair gestegen. De naturel chips van de marktleider Lay's kostten in november 2019 in de Colruyt van Ledeberg 3,16 euro per kilogram voor een grote verpakking. Toen kon je wellicht nergens anders in België een goedkoper groot pak zoute chips van Lay's kopen. Zowat alle concurrenten hebben een vestiging in die regio, waardoor Colruyt er rekening moet houden met de prijzen en de promoties van zowat al zijn concurrenten. Colruyt Group biedt een laagsteprijsgarantie in een straal van 20 kilometer om de winkel. Dezelfde chips kostten toen bij Delhaize, Carrefour en zelfs de Nederlandse prijsvechter Jumbo zo'n 5 euro per kilogram. Nu zijn de prijsverschillen kleiner, en zijn de chips overal fors duurder geworden. In de Colruyt van Ledeberg kostten de zoute chips van Lay's vorige week 6,15 euro per kilogram. Enkel Albert Heijn België volgde Colruyt op de hielen, met 6,18 euro per kilogram. De chips zijn dus bijna dubbel zo duur geworden. Lees verder onder de video (reportage Kanaal Z)Misschien is de verleiding groot om de grens over te steken en bij Albert Heijn in Nederland een winkelkar te gaan vullen. De supermarkten net over de grens hebben de reputatie veel goedkoper te zijn, iets wat Albert Heijn bij zijn opstart in België in 2011 fors uitspeelde. 'Belgische kwaliteit, Hollandse prijzen', luidde de slogan. Maar het is opletten geblazen. De chips uit ons voorbeeld kosten nu bij Albert Heijn Nederland 7,07 euro per kilogram. Jumbo Nederland is wel goedkoper, met 5,96 euro per kilo. "Bij de Belgen leeft de perceptie dat de Nederlandse supermarkten altijd goedkoper zijn, maar dat klopt niet. Albert Heijn heeft in Nederland relatief hoge standaardprijzen in vergelijking met de concurrentie. Producten die niet in promotie staan, zijn er vaak gelijk of zelfs hoger geprijsd dan in de Belgische supermarkten. Albert Heijn zet wel veel meer in op promoties, waardoor er tijdelijk een groot prijsverschil kan zijn", verklaren Alexander De Lancker en Bob Van der Vleuten van de prijzenanalist Daltix. Colruyt Group is sinds 2020 de meerderheidsaandeelhouder van Daltix, maar het bedrijf opereert onafhankelijk en verkoopt zijn data ook aan andere retailers en leveranciers, zoals Unilever, Henkel en Iglo. Naast software om de prijzen van de onlinewinkels van de retailers te volgen, schakelt het nu ook teams in om de prijzen op te volgen in de ketens die niet online verkopen, zoals Aldi en Lidl. Daltix ziet ook in zijn data dat 2021 een uitzonderlijk jaar was. Traditioneel worden de prijzen aangepast in januari. Meestal stijgen ze, om de hogere kosten door te rekenen. Maar die prijsverhoging dook nu de voorbije maanden al op. "In het vierde kwartaal van 2021 zagen we bij zowat alle grote ketens grotere prijswijzigingen dan normaal", merkt Daltix op. Gemiddeld kwam er 0,5 tot 1 procentpunt bij tegenover de prijswijziging in het vorige kwartaal. Behalve bij de Vlaamse Colruyt-winkels, daar was het 0,4 procent. Omwille van zijn laagsteprijsgarantie moet Colruyt op alle prijzen in de markt letten, en in Vlaanderen is de concurrentie het sterkst. Die algemene stijging is atypisch, want doorgaans dalen de prijzen in het najaar licht, onder meer omdat de ketens op elkaars promoties inspelen. De concurrentie drukt in de loop van het jaar traditioneel de prijsverhogingen die in januari zijn doorgevoerd. In het najaar van 2020 was die correctie zelfs relatief sterk, waardoor je ook na de prijsverhogingen van januari 2021 in de grote supermarkten over het algemeen evenveel of zelfs minder betaalde voor dezelfde winkelkar bij dezelfde winkel als voor de coronacrisis. Maar het afgelopen najaar is er duidelijk een kentering gekomen, waardoor de prijzen in de winkels begonnen te stijgen." "In de eerste week van januari is die trend nog wat versneld. De prijzen van de hypermarkten van Carrefour zijn de afgelopen week al gemiddeld 4,4 procent hoger dan aan het begin van de coronacrisis", stellen De Lancker en Van der Vleuten. "Bij Delhaize is er een gemiddelde prijsstijging van 3 procent. Carrefour en Delhaize passen hun prijzen traditioneel als eerste aan. Zij hebben in de eerste week van januari respectievelijk 4 en 8 procent van hun assortiment aangepast. Wellicht zullen ze dus nog meer prijzen aanpassen. Bij de Colruyt-winkels in Vlaanderen gaat het voorlopig om een prijsstijging van 0,4 procent, ook weer exclusief promoties. Het is nog afwachten wat Albert Heijn België zal doen. De keten speelt hier wel de rol van prijsbreker, en zet daardoor de meeste druk op de markt. Dat zal grotendeels de prijsstijgingen bij de Colruyt-supermarkten bepalen in de komende maanden." Een andere vraag is of deze trein van prijsstijgingen nog te stoppen is. "De stijgingen zien er nu uit als een exponentiële curve, maar het is onwaarschijnlijk dat dat zo blijft", meldt Daltix. "Tegen het najaar zouden de reguliere prijzen op zijn minst moeten stabiliseren, of zelfs weer licht zakken. Er is nu druk van de leveranciers om de prijzen te verhogen, maar de concurrentie tussen de supermarkten zal na verloop ook weer meer opspelen en dat drukt onvermijdelijk de prijzen." De retailspecialist Jorg Snoeck van RetailDetail meent dat een daling van de prijzen afhangt van het coronavirus. "De meeste ketens voelen nu weinig druk om hun verkoopprijzen te laten zakken. We zitten nog altijd met een totaal ander consumentengedrag dan voor corona", legt hij uit. "We gaan bijna niet of veel minder op restaurant, en hebben meer maaltijdboxen of afhaalmaaltijden besteld en vooral veel meer thuis gekookt. Er vloeit nog altijd meer geld van de consument naar de supermarkten. Daardoor concurreren de supermarkten nu ook iets minder op de prijs met elkaar." "Dat zal compleet veranderen zodra de pandemie de samenleving niet langer in haar macht heeft. De restaurants worden dan weer een geduchte concurrent voor een supermarktbezoek, en intussen staan ook Deliveroo en co klaar om boodschappen te bezorgen", gaat Snoeck voort. "Bovendien vormen de flitsbezorgers in steden een bedreiging voor de trip naar de buurtwinkel om snel nog enkele ontbrekende ingrediënten te kopen. De supermarkten zullen hun positie moeten verdedigen. Vooral voor de grote supermarkten wordt dat een zorg, want tijdens de coronacrisis hebben de kleinere buurtsupermarkten marktaandeel afgesnoept van de grotere winkels. Zij spelen in op gemak, en dat kan voor veel consumenten blijven wegen. De grotere winkels zullen dus meer hun best moeten doen om klanten te lokken, en wellicht zullen ze dat met scherpe promoties doen." In afwachting kijkt de consument tegen een duurdere winkelkar aan, zeker omdat het gros van de prijsverhogingen er nog aankomt. De voorbije maanden circuleerden onheilspellende cijfers met voorspelde stijgingen van tientallen procenten en meer, zoals voor de chips waarmee dit verhaal begon. Volgens Wim Edom van Comeos, dat de grote retailers vertegenwoordigt, hoeven we niet te wanhopen: "De soep wordt nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend. Niemand weet hoe snel de inflatie zal terugvallen, terwijl de leveranciers en de retailers in hun onderhandelingen moeten inschatten hoe zwaar de kosten het komende jaar stijgen. Eind 2021 was er een groeivoet van 7 procent, maar het Planbureau gaat uit van een inflatie van 2,5 procent tegen eind volgend jaar. Enerzijds gaan veel voedingsproducenten in hun onderhandelingen uit van het worstcasescenario. Anderzijds is er de concurrentie tussen de supermarkten en met de maaltijdboxen en de maaltijdbezorgers. De onderhandelingen zijn lastig door de gestegen kosten, maar geen enkele supermarkt wil als slechtste onderhandeld hebben en met te hoge prijzen zitten."