Gent is niet alleen door de aanwezigheid van een rist vooraanstaande biotechbedrijven en van het interuniversitaire VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie) de onbetwiste officieuze biotechhoofdstad van België.
...

Gent is niet alleen door de aanwezigheid van een rist vooraanstaande biotechbedrijven en van het interuniversitaire VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie) de onbetwiste officieuze biotechhoofdstad van België. Ook Rudi Mariën is een cruciale factor in de uitbouw van de sector. Nadat hij op korte tijd een internationaal imperium van klinische labo's had uitgebouwd, stond hij in 1985 mee aan de wieg van Innogenetics, een stamvaderbedrijf van de Vlaamse biotech. Mariën investeerde en belegde nadien succesvol in het gros van de prominente Vlaamse biotechbedrijven, en was er vaak ook voorzitter of bestuurder van. Zijn aandelentransacties worden dan ook met argusogen bekeken, ook toen hij onlangs zijn belang in het Mechelse diagnosticabedrijf Biocartis halveerde. Waarnemers beschouwden dat als een desavouering van de strategie. "Ik ben een beetje geschrokken. Ik dacht 'wat is dat nu allemaal?'", zegt Rudi Mariën. "Die transactie heeft niks te maken met mijn visie op het management. Dat gaat over ons familiaal geld. Het is toch normaal dat één participatie geen te groot deel van je privévermogen uitmaakt. Ik heb de helft van mijn belang verkocht en hou nog voor 25 miljoen euro aandelen over. Maar plots klinkt het van 'meneer Mariën, dat kan niet, u bent wel de verankering'." RUDI MARIËN. "Met 4, 7 of 8 procent ben je geen verankeraar, wel met 30 procent. Verankering is trouwens totaal overroepen. Soms doen we in Vlaanderen echt wel aan overschatting. We doen fantastische dingen, maar om nu te denken dat we from scratch een nieuw Janssen Pharmaceutica zullen uitbouwen? Jongens, blijf met beide voeten op de grond. Toen ik dat al eens stelde, zei de CEO van Ablynx (Edwin Moses, die Mariën tijdens het gesprek geen enkele keer bij naam zal noemen, nvdr) dat ik een gebrek aan ambitie had. Wel, Ablynx is nu verkocht. Is dat dan ook een gebrek aan ambitie? We zijn heel belangrijk in biotech, maar we zijn een klein land. Dat weet je goed als je de wereld rondreist, zoals ik de voorbije dertig jaar heb gedaan. Op de meeste plaatsen weten ze België niet liggen." MARIËN. "Toen ik met Innogenetics begon in 1985, was hier geen biotech. Dankzij Innogenetics en Plant Genetic Systems (Het Gentse plantenbiotechbedrijf dat in 2002 werd gekocht door Bayer, nvdr) tellen we hier nu 30.000 mensen in die sector. Overal waar je komt, zijn er ex-Innogenetics- en ex-PGS-mensen. Dat is toch fantastisch? En dan nog al die mensen die werken voor toeleveranciers. Nochtans hebben mensen mij de verkoop van Innogenetics kwalijk genomen. Het had nog moeten bestaan, en een groter bedrijf moeten zijn, heet het. Ook de verkoop van Devgen is mij kwalijk genomen." MARIËN. "Neen, omdat ik vooruit kijk. Ik hoef daar geen rekening mee te houden en me schuldig te voelen. Ik trek me daar geen fluit van aan. Of ik olifantenvel heb gekweekt? Ja, maar misschien heb ik dat altijd gehad. Ik weet dat wat ik doe, goed is. En ik heb nog altijd het recht om met mijn geld te doen wat ik wil. Ik heb ook een verantwoordelijkheid tegenover mijn kinderen en kleinkinderen." MARIËN. "Misschien dat daaruit over tien jaar tien parels zullen zijn gegroeid zijn. Neem argenx, dat vorige week de plaats van Ablynx in de Bel-20-index heeft ingenomen. CEO Tim Van Hauwermeiren kwam van Ablynx, ging niet akkoord met de CEO en is met een eigen bedrijf begonnen dat vandaag enkele miljarden waard is. Trouwens, Janssen Pharma is ook verkocht. Is dat dan ook spijtig? Misschien was het anders nooit zo groot geweest en een lokaal farmabedrijf gebleven. Er komt heel wat bij kijken als je wereldwijd aanwezig wil zijn. Misschien was ook UCB veel groter geworden als het verkocht was geweest." MARIËN. "Ja, maar als passieve investeerder. Ik was er allicht niet vroeg genoeg bij. Ik heb trouwens vooral centen in bedrijven gestopt waar ik in het bestuur zit of zat, zoals Biocartis of MDxHealth en vroeger ActoGeniX, Devgen en Multiplicom, die intussen alledrie succesvol zijn overgenomen." MARIËN. "Het bedrijf is natuurlijk grotendeels actief in de Verenigde Staten en heeft hier een veel kleinere visibiliteit omdat het management ook vaak in de VS zit. In een latere fase wordt het allemaal gemakkelijker, en is het belang van het bedrijf ook duidelijk. Het heeft unieke biomerkers die het vermoeden van prostaatkanker kunnen bevestigen of uitsluiten. Veel urologen hebben de neiging te snel te opereren op basis van de veelgebruikte PSA-bloedtest." MARIËN. "Een moeilijke vraag. Technisch bekeken zou je inderdaad tests van MDxHealth kunnen gebruiken op zo'n Idylla-minilabo van Biocartis, maar MDx is al 220 miljoen euro waard en dan moet er ook nog een overnamepremie worden betaald. Dat is een zware brok voor Biocartis." MARIËN. "Neen, daar ben ik met veel miserie uitgestapt. En ik wil u eraan herinneren dat het van ongeveer 45 euro komt. Dat heeft me veel geld gekost, miljoenen euro's, en daar was ik niet gelukkig mee. Maar ik heb geen spijt dat ik er ooit ben ingestapt, want het had goed kunnen uitdraaien." MARIËN. "Spijt is ongepast in biotech. Dan investeer je er beter niet in. Ik ken de risico's die eraan verbonden zijn, en weet dat er al eens iets zal mislopen." MARIËN. "Als een bedrijf mislukt, is dat dikwijls door de kwaliteit van het topmanagement. Ze vervangen is een moeilijke opgave. Daar zie je een duidelijk verschil tussen Europa, en zeker Vlaanderen, en de Angelsaksische wereld. Daar zijn ze veel minder toegeeflijk voor zwakker management." MARIËN. "Dat is toch anders. Hij is vooral een heel grote vastgoedman, met een goede neus voor biotech. Ik heb hem ontmoet in het kader van Devgen waar hij ook inzat. Toen wij zes jaar geleden naar een exit zochten, heb ik daarover met hem ernstige gesprekken gehad en heb ik hem overtuigd dat de verkoop aan het Zwitserse Syngenta de beste keuze was. Van Herk is schuw en heeft mensen niet zo graag, maar hij is een veel vriendelijkere man dan wordt gedacht." MARIËN. "Je mag al je eieren nooit in één mand leggen. We zijn dus ook belangrijk in private equity, bijvoorbeeld via Vendis Capital (opgericht door het voormalige management van de retailholding Mitiska van zijn goede vriend Luc Geuten. Vendis zit achter bedrijven als ZEB, Eyes & More, Alexandre de Paris en de producent van natuurlijke oliën Inula, nvdr), en andere Belgische private-equitybedrijven. We beleggen ook in fondsen, zoals dat van Value Square in Gent. Value Square wordt geleid door Koen Hoffman. Ik ken hem nog van zijn periode bij KBC (Hoffman was CEO van KBC Securities, nvdr). Het is belangrijk dat je de mensen kunt vertrouwen. Ik zal nooit investeren in onbekenden." MARIËN. "Neen, hij is met andere dingen bezig. En voetbal interesseert mij niet direct." MARIËN. "Onroerend goed doen we alleen voor biotech. We doen geen kantoren. Dat doen tientallen anderen al. Ik heb inderdaad mijn nek uitgestoken en dat helemaal zelf gefinancierd. Toen ik begon te bouwen op mijn grond (de bio-incubator Bioscape werd gebouwd op de vroegere terreinen van Innogenetics, nvdr) kreeg ik vaak de vraag of ik al huurders had. Neen dus. 'Je gaat toch niets bouwen als je nog geen huurder hebt?' kreeg ik te horen. Mensen die kantoren bouwen, beginnen er pas aan als de helft verhuurd is." MARIËN. "Ik wil er zo nog zetten, afhankelijk van de marktomstandigheden. Er zal vraag naar zijn, al zullen we weleens het risico lopen dat er enkele etages een tijdje leeg staan. Ik zal het niet te luid roepen, maar er is nog grond hier in de regio." MARIËN. "Ik minimaliseer noch Leuven noch Antwerpen, maar Gent heeft in het buitenland een sterke biotechreputatie. Ik heb overigens zelfs al de vraag gekregen uit Nederland of ik daar een vergelijkbaar biotechpark wil bouwen. Ik heb neen gezegd. Ik zie niet in waarom ik naar het buitenland zou trekken, als dichtbij mogelijkheden zijn en je het zo veel gemakkelijker kan managen. Dichtbij creëer je een campusgevoel. Je moet dat ecosysteem zo groot mogelijk maken, zoals die grote campussen in de VS. Natuurlijk houden sommige CEO's er niet van dat hun werknemers praten met die van een ander bedrijf omdat ze vrezen dat ze die dan zullen verliezen." MARIËN. "Ik heb altijd vooruit gekeken. Ik had ooit labo's in Singapore, de VS, Australië, Frankrijk, Engeland, Zuid-Afrika, ... Voor een groot farmacontract voor klinische testen moest ik ook in China zijn. We zijn er naartoe gevlogen en kwamen terug met een contract met een universiteit, en het was voor die farmamultinational in orde. Zo ging dat twintig jaar geleden. Toen waren de Chinezen vragende partij, nu niet meer. Ze zijn zich er nu van bewust dat ze belangrijker zijn dan jij of ik." MARIËN. "Goed dat hij dat doet, al betwijfel ik of hij er nog zelf veel in actief is. Maar er is geen synergie met ons. Laat ik het erop houden dat het tussen ThromboGenics en mezelf nooit heel vlot is gelopen. Maar geen negatieve gevoelens. Ook op mijn leeftijd kijk ik naar de toekomst." MARIËN. "Het zal in ieder geval langer zijn. Om uit de bedrijven te stappen waar ik nu nog in zit, zal ik toch 80 jaar moeten worden, maar daarna zal mijn zoon Stefan het overnemen. Hij is ook geboeid door biotech. Voorlopig houdt hij zich vooral bezig met de vastgoedkant van ons verhaal, en met de fondsen. Ik ben niet iemand die betuttelt, ik wil dat hij zelf zijn strepen verdient. Nu, heel veel mensen op mijn leeftijd zijn al tien jaar met pensioen. Stel u voor dat ik op 60 jaar gestopt zou zijn. Gelukkig ben ik daaraan ontsnapt, aan de verveling en aan het niet meer mee zijn."