De totale nominale loonkosten per gewerkt uur in Duitsland stegen in het tweede kwartaal met 4,7 procent, in Frankrijk met 3,1 procent en in Nederland met 4,1 procent.

De voorbije kwartalen bleef de Belgische loonstijging wel lager dan die in de buurlanden. Een verklaring voor het tweede kwartaal geeft Eurostat niet, maar mogelijk speelt de automatische loonindexering in ons land een rol. De inflatie stijgt snel en dus volgen ook de lonen in België met enige vertraging. De meeste andere landen hebben geen automatische loonindexering.

De grootste loonstijgingen in het tweede kwartaal waren voor Oost-Europese landen zoals Bulgarije (+14,4 procent), Hongarije (+12,7 procent) en Litouwen (+12,5 procent).

De cijfers van Eurostat hebben betrekking op zowel de lonen en andere vergoedingen als de niet-loongerelateerde kosten, bijvoorbeeld de sociale bijdragen en belastingen die de werkgever betaalt voor een werknemer, minus subsidies.

De totale nominale loonkosten per gewerkt uur in Duitsland stegen in het tweede kwartaal met 4,7 procent, in Frankrijk met 3,1 procent en in Nederland met 4,1 procent. De voorbije kwartalen bleef de Belgische loonstijging wel lager dan die in de buurlanden. Een verklaring voor het tweede kwartaal geeft Eurostat niet, maar mogelijk speelt de automatische loonindexering in ons land een rol. De inflatie stijgt snel en dus volgen ook de lonen in België met enige vertraging. De meeste andere landen hebben geen automatische loonindexering. De grootste loonstijgingen in het tweede kwartaal waren voor Oost-Europese landen zoals Bulgarije (+14,4 procent), Hongarije (+12,7 procent) en Litouwen (+12,5 procent). De cijfers van Eurostat hebben betrekking op zowel de lonen en andere vergoedingen als de niet-loongerelateerde kosten, bijvoorbeeld de sociale bijdragen en belastingen die de werkgever betaalt voor een werknemer, minus subsidies.