Voor de zoveelste keer in korte tijd trekt de Nationale Bank aan de alarmbel over de ongebreidelde kredietverstrekking door de banken. Bij de presentatie van het Financial Stability Report 2019, zeg maar het rapport van de financiële sector in België, werden enkele onthutsende cijfers gepubliceerd. Het uitstaande bedrag aan hypotheekleningen aan Belgische gezinnen is gestegen van 50 miljard euro in 2000 naar 200 miljard euro vorig jaar. Sinds 2015 groeit de kredietverstrekking aan gezinnen en ondernemingen jaarlijks nog eens met 6 procent. Iedereen steekt zich duchtig in de schulden, en de banken zijn het glijmiddel naar bijna gratis geld.

Voor de financiële stabiliteit is dat geen goede zaak. De banken laden hun balans vol met kredieten die toegekend zijn tegen erg lage rentetarieven en -marges. Nog enkele jaren en ze zitten opgezadeld met kredietportefeuilles die een ondermaats rendement genereren en op termijn hun winstgevendheid bedreigen. Aan de hypotheekleningen zijn bovendien hoge risico's verbonden. Het uitgeleende bedrag overschrijdt in liefst 40 procent van de gevallen 90 procent van de aankoopsom. Dat is ronduit ongezond. Meer dan een kwart van de globale balans van de Belgische banken is blootgesteld aan de vastgoedmarkt, terwijl vastgoed aan de basis ligt van de meeste bankcrisissen.

Banken zijn de lessen van 2008 vergeten.

De Nationale Bank wil de banken in het gareel krijgen door een extra, tijdelijke kapitaalbuffer van 0,5 procent in te voeren. Eerder opgelegde verhogingen van de kapitaalbuffers leidden precies tot dat, maar niet tot een verandering van het gedrag van de bankiers. Die lijken enkele lessen van de crisis van 2008 al lang vergeten te zijn. Ze nemen weer duchtig risico's en bekijken de zaken op de korte termijn. Volumegroei in kredieten moet de rendabiliteit van het lopende jaar op peil houden. Als de zaken in de toekomst ontsporen, kan de overheid het maar oplossen. Cynischer dan een bankier wordt het niet.