Ik heb een maandelijkse lunchafspraak met iemand die professioneel graag naar de psychologische binnenkant van haar managementklanten kijkt. Helaas moet ik nu met Anne Verheyleweghen op afstand communiceren. Dat is wel goed voor mijn empathie met iedereen die thuis werkt. Ik vroeg haar hoe zij als leiderschapspsychologe de coronacrisis ervaart. Al wat juist is in wat volgt, komt van haar; al wat fout is, komt door de slechte Skype-verbinding, of door mijn groeiende gebrek aan zelfdeterminatie.

Wie werknemers psychologisch wil begrijpen, gebruikt het best de zelfdeterminatietheorie. Gelukkig hebben de bedenkers, Edward Deci en Richard Ryan, ons een handig abc-tje meegegeven. Wij zoeken autonomie, behoren tot ( belonging) en competentie.

Onze autonomie wordt dezer dagen zwaar gefnuikt. Ik kan zelfs mijn kinderen en kleinkinderen niet meer ontvangen, geen koffie bestellen, geen museum bezoeken. Ik hoor professionals klagen dat ze lijden onder micromanagement. Hun bazen krijgen plots te veel tijd en bemoeien zich met alles, deels vanuit hun eigen frustratie, deels omdat ze zich op die manier nuttig voelen en deels om aan de thuisomgeving - want daar zitten ze - te tonen hoe druk ze wel bezig zijn. Autonomie is belangrijk, en als schrijver in mijn eentje aan zee mag ik echt niet klagen. Maar gisteren werkte mijn mailbox niet meer, haperde Skype wat later en het autonomiegevoel was snel verdwenen. En dan hoef ik mijn drie computers - ik krijg er computerschaamte van - niet eens met iemand te delen.

Afstandswerken is de norm, maar je voelt wel dat je efficiëntie daalt.

Het zijn emotionele tijden. Mijn lievelingslied, Het dorp van Wim Sonneveld, is prachtig hertaald in de taal van mijn adoptieve provincie. Dank u, Katrien Verfaille, voor Kunnik nemi na joen komn. Samen met de uitspraak " We'll meet again" van de Britse koningin zijn dat twee hoogtepunten van de drang naar het samenzijn. Skype, Microsoft Teams, Zoom, Facetime, Hangout, ik heb ze allemaal. Ik mag dan tot de risicogroep behoren, ik kan nog nieuwe technologie hanteren. Ik wil behoren, erbij zijn, maar dat lukt niet echt. Net zoals Johan Thijs van KBC mis ik de kwinkslag, de smalltalk. Als gepensioneerde alleenstaande ben ik al jaren gewoon lange periodes alleen te zijn. Maar wat met de mensen die hun ouders niet kunnen bezoeken, geen gesprekken in de wandelgangen kunnen voeren - geen complimentjes, geen welkomstkusje in Brussel, geen steelse blik tijdens de vergadering, dat teamgevoel aan de koffieautomaat, die kleine geste van de collega die een cake heeft gebakken. Ja, introverten lijden nu wat minder, maar ook zij zijn sociale wezens, alleen mag het voor hen wat minder hevig en overweldigend.

En de derde factor? Competentie. Ik ga open zijn, ik word geraadpleegd door experts, ik kan mijn mening al eens in een opiniestuk kwijt, ik hang weleens met influencers aan de lijn, ik hoor en word gehoord. Maar ik besef dat velen de muren oplopen, niet kunnen presteren - niet op het sportterrein, niet in de verkoop, niet in het labo. Afstandswerken is de norm, maar je voelt wel dat je efficiëntie daalt. Je wil eens een echte opleiding volgen, en niet alleen digitaal. Je wil bewijzen dat je wat kan en dat lukt zelden. Vooral ondernemers zien dat micro-initiatieven hier en daar wel lukken - de media proberen ons ermee op te peppen - maar zij zijn professionals, hun competentie ligt niet bij liedjes maken, een app ontwikkelen - die dan toch niet wordt gebruikt - of mondmaskers naaien. Hun economische reflex heeft hen al lang verteld dat we er weldra te veel zullen hebben en dat we dan perfect zullen voorbereid zijn op de vorige crisis.

De kreet die het luidst klinkt is 'ja!' Van Georgia tot Nederland, van West-Vlaanderen tot Namen: ik wil ja zeggen, ik wil ondernemen, ik wil aan de slag, met mijn hotel, mijn boekenwinkel, mijn dienstverlening, mijn productie. En de virologen moeten nee zeggen, vandaar de diepe zucht van premier Mark Rutte.

En ik zucht mee, niet over mijn eigen kansen tot zelfdeterminatie, maar om het verdriet van u, lezer.

De auteur is professor-emeritus aan de Vlerick Business School.

Ik heb een maandelijkse lunchafspraak met iemand die professioneel graag naar de psychologische binnenkant van haar managementklanten kijkt. Helaas moet ik nu met Anne Verheyleweghen op afstand communiceren. Dat is wel goed voor mijn empathie met iedereen die thuis werkt. Ik vroeg haar hoe zij als leiderschapspsychologe de coronacrisis ervaart. Al wat juist is in wat volgt, komt van haar; al wat fout is, komt door de slechte Skype-verbinding, of door mijn groeiende gebrek aan zelfdeterminatie. Wie werknemers psychologisch wil begrijpen, gebruikt het best de zelfdeterminatietheorie. Gelukkig hebben de bedenkers, Edward Deci en Richard Ryan, ons een handig abc-tje meegegeven. Wij zoeken autonomie, behoren tot ( belonging) en competentie. Onze autonomie wordt dezer dagen zwaar gefnuikt. Ik kan zelfs mijn kinderen en kleinkinderen niet meer ontvangen, geen koffie bestellen, geen museum bezoeken. Ik hoor professionals klagen dat ze lijden onder micromanagement. Hun bazen krijgen plots te veel tijd en bemoeien zich met alles, deels vanuit hun eigen frustratie, deels omdat ze zich op die manier nuttig voelen en deels om aan de thuisomgeving - want daar zitten ze - te tonen hoe druk ze wel bezig zijn. Autonomie is belangrijk, en als schrijver in mijn eentje aan zee mag ik echt niet klagen. Maar gisteren werkte mijn mailbox niet meer, haperde Skype wat later en het autonomiegevoel was snel verdwenen. En dan hoef ik mijn drie computers - ik krijg er computerschaamte van - niet eens met iemand te delen. Het zijn emotionele tijden. Mijn lievelingslied, Het dorp van Wim Sonneveld, is prachtig hertaald in de taal van mijn adoptieve provincie. Dank u, Katrien Verfaille, voor Kunnik nemi na joen komn. Samen met de uitspraak " We'll meet again" van de Britse koningin zijn dat twee hoogtepunten van de drang naar het samenzijn. Skype, Microsoft Teams, Zoom, Facetime, Hangout, ik heb ze allemaal. Ik mag dan tot de risicogroep behoren, ik kan nog nieuwe technologie hanteren. Ik wil behoren, erbij zijn, maar dat lukt niet echt. Net zoals Johan Thijs van KBC mis ik de kwinkslag, de smalltalk. Als gepensioneerde alleenstaande ben ik al jaren gewoon lange periodes alleen te zijn. Maar wat met de mensen die hun ouders niet kunnen bezoeken, geen gesprekken in de wandelgangen kunnen voeren - geen complimentjes, geen welkomstkusje in Brussel, geen steelse blik tijdens de vergadering, dat teamgevoel aan de koffieautomaat, die kleine geste van de collega die een cake heeft gebakken. Ja, introverten lijden nu wat minder, maar ook zij zijn sociale wezens, alleen mag het voor hen wat minder hevig en overweldigend. En de derde factor? Competentie. Ik ga open zijn, ik word geraadpleegd door experts, ik kan mijn mening al eens in een opiniestuk kwijt, ik hang weleens met influencers aan de lijn, ik hoor en word gehoord. Maar ik besef dat velen de muren oplopen, niet kunnen presteren - niet op het sportterrein, niet in de verkoop, niet in het labo. Afstandswerken is de norm, maar je voelt wel dat je efficiëntie daalt. Je wil eens een echte opleiding volgen, en niet alleen digitaal. Je wil bewijzen dat je wat kan en dat lukt zelden. Vooral ondernemers zien dat micro-initiatieven hier en daar wel lukken - de media proberen ons ermee op te peppen - maar zij zijn professionals, hun competentie ligt niet bij liedjes maken, een app ontwikkelen - die dan toch niet wordt gebruikt - of mondmaskers naaien. Hun economische reflex heeft hen al lang verteld dat we er weldra te veel zullen hebben en dat we dan perfect zullen voorbereid zijn op de vorige crisis.De kreet die het luidst klinkt is 'ja!' Van Georgia tot Nederland, van West-Vlaanderen tot Namen: ik wil ja zeggen, ik wil ondernemen, ik wil aan de slag, met mijn hotel, mijn boekenwinkel, mijn dienstverlening, mijn productie. En de virologen moeten nee zeggen, vandaar de diepe zucht van premier Mark Rutte. En ik zucht mee, niet over mijn eigen kansen tot zelfdeterminatie, maar om het verdriet van u, lezer.