28/04/11 om 11:04 - Bijgewerkt om 11:04

Het Waalse model kan op eigen kracht geen sociaaleconomische vooruitgang meer genereren

Ruim 11 miljard euro per jaar. Zoveel bedragen de jaarlijkse financiële transfers van Vlaanderen naar het zuiden van het land. De helft van de transfers zijn de intrestlasten op de uitstaande overheidsschuld.

Je kunt er gif op innemen dat deze nagelnieuwe berekeningen van de denktank Vives op flink wat protest stuiten, zowel van de Franstaligen als van de belgicisten in Vlaanderen. Nochtans zijn de berekeningen niet alleen cijfermatig minutieus doorgevoerd met duidelijke articulatie van de ingebouwde hypothese, ze zijn ook ingebed in de relevante internationale literatuur. Deze studie beschouwen als een provocatie, getuigt dan ook van fundamentele intellectuele oneerlijkheid.

Dat er binnen een federale staat transfers tussen de regio's plaatsvinden, is normaal en zelfs wenselijk. Het feit dat er binnen de eurozone geen budgettaire compensatiemechanismen zijn om landen te helpen die 'een asymmetrische economische schok' ondergaan, vormt een van de belangrijkste tekortkomingen van de Europese monetaire unie. Hét punt over de transfers in de entiteit België is niet dat ze bestaan.

Eerst en vooral bestaat er geen transparantie. Er is geen transparantie over de parameters die aanleiding geven tot de transfers. En er bestaat geen transparantie over de omvang van de transfers, vandaar de noodzaak aan studiewerk als dat van Vives. In Duitsland, bijvoorbeeld, krijgt elke belastingbetaler in het vroegere West-Duitsland op zijn belastingafrekening duidelijk mee hoeveel hij bijdraagt aan de financiële transfers naar het vroegere Oost-Duitsland.

Het tweede ernstige euvel is dat er geen enkel correctiemechanisme bestaat. Dat maakt dat bijvoorbeeld een fundamenteel verschillende aanpak van de arbeidsmarkt rustig blijft voortkabbelen in de beide landsgedeelten. Zeer verschillend van wat zich in degelijk georganiseerde federale staten voordoet, kunnen transfers in België ad aeternam in één richting blijven vloeien.

En de demografie dan? Horen we niet al jaren dat door demografische factoren de richting van de interregionale transfers omslaat? Vergeet het maar. De demografie maakt dat de pensioentransfers van Vlaanderen naar Wallonië inderdaad afnemen en mogelijk compleet opdrogen. Maar zoals blijkt uit ons omslagverhaal vormen die maar goed 5 procent van de totale transfers die jaarlijks van Vlaanderen naar het zuiden van het land vloeien.

Alleen een drastische toename van de tewerkstellingsgraad in Wallonië kan de mogelijkheid van omgekeerde transfers een zekere mate van realisme verlenen. De Waalse werkgelegenheid zit vandaag op 57 procent, de Vlaamse op 67 procent. Om dit gat in de werkgelegenheidsgraad toe te fietsen, dringt zich een totaal ander werkgelegenheidsbeleid op dan dat waar alle politieke partijen in Wallonië vandaag voor gaan.

Hiermee komen we bij de grond van de zaak, niet alleen van de transfers in België, maar ook van de politieke impasse. Ondanks de dagelijkse retoriek van het tegendeel wil de Franstalige elite geen verandering, geen centimeter, zelfs geen millimeter. Dat vertelden ook de vier belangrijkste Waalse partijvoorzitters zwaar verbloemd aan de Vlaamse ondernemers toen ze op bezoek waren bij Voka.

De situatie van Wallonië, inclusief de omvangrijke transfers die jaarlijks uit Vlaanderen binnenstromen, kan alleen maar verslechteren als er wordt gemorreld aan deze status-quo. Dus is de reële strategie van de Waalse elite er een van blokkering en stilstand op de kap van Vlaanderen maar ook, en zelfs meer nog, van Wallonië zelf. Het Waalse model kan op eigen kracht geen sociaaleconomische vooruitgang meer genereren. Het model dat die dynamiek wel in het leven kan roepen, zou op relatief korte termijn trouwens ook een einde maken aan de eenzijdige transfers in België. Een termijn die de politiek-electoraal relevante termijn ver overschrijdt.

Onze partners