17/06/13 om 06:23 - Bijgewerkt om 06:23

Franse arrogantie drukt zwaar op wereldeconomie

De vergadering van de G8 zou méér dan ooit in het teken van strijd tegen het handelsprotectionisme moeten staan. Ondertussen gijzelt Frankrijk gans de EU met een onzinnig standpunt inzake de audovisuele sector.

Franse arrogantie drukt zwaar op wereldeconomie

© AFP

De vrijwaring van het internationale vrijhandelsregime is één van de punten op de G8-agenda maar het zou wel helemaal bovenaan moeten staan (wat helaas niet het geval lijkt te zijn). Op 17 en 18 juni slaan de leiders van de G8 hun tenten op in het Noord Ierse Lough Erne in het County Fermanagh. De G8 omvat de VS, Japan, Rusland, Duitsland, Groot Brittannië, Frankrijk, Italië en Canada. Overleggen over de grote problemen van de wereldeconomie zonder de gezagsdragers van pakweg China, India en Brazilië mee aan tafel heeft anno 2013 iets wereldvreemds. Maar de G8, origineel de G7, heeft nu eenmaal een traditie die klaarblijkelijk in ere moet gehouden worden.

De wereldeconomie zit vandaag behoorlijk in nesten. De eurozone blijft hardnekkig in recessie, de groei in de VS is beter maar stelt toch teleur en in China en nog andere belangrijke opkomende landen zit de klad er dik in. Japan leeft in grote twijfel over waar het heen gaat met het Abenomics-experiment. Over al deze perspectieven heen hangt een dikke extra mist veroorzaakt door het buitenmatig expansief monetair beleid van vooral de Amerikaanse Federal Reserve (maar zeker niet alleen de Fed; de Bank of England pompte zo mogelijk nog forser vers geld). De vraag waar het met dat monetair beleid in de komende kwartalen heen moet, loopt als rode draad doorheen alle economische discussies van dit moment en zorgt voor heel veel onzekerheid.

Wat de wereldeconomie hier boven heel kort beschreven, kan missen als kiespijn, is een escalatie van handelsprotectionisme. De Grote Depressie van de jaren 1930 vond niet haar oorzaak in handelsprotectionisme. Maar eens er als gevolg van zwaar mistasten op monetair vlak een forse recessie in belangrijke Westerse landen tot ontwikkeling kwam, zorgde een explosie van protectionistische ingrepen wel voor de escalatie van een (zware) recessie tot een heuse depressie (en alles wat daar naar het eind van de jaren 1930 aan ander onheil uit voortvloeide).

Protectionisme is, zo leert de geschiedenis, een praktijk die uitdrukkelijk de neiging vertoont om snel en doortastend te escaleren.

Welnu, ook nu is het handelsprotectionisme zwaar in opgang. De gegevens vervat in het rapport Global Trade Alert kleuren dit weinig fraaie perspectief verder in. Onder meer Simon Evenett, hoogleraar aan de University of St. Gallen, dook uitgebreid in het recent Global Trade Alert Report. Enkele van zijn belangrijkste conclusies:

• In het jaar tot mei 2013 werden 431 nieuwe handelsbelemmerende maatregelen genomen, een forse toename tegenover het vorige jaar. Bovendien zitten nog bijna 200 nieuwe maatregelen in de korte termijn-pijplijn;

• De G8 zijn verantwoordelijk voor 30% van die protectionistische ingrepen, de G20 voor 65%;

• Bij een opdeling van het protectionisme in vier grote deelgebieden staat de EU in drie van de vier deelgebieden helemaal bovenaan de lijst van boosdoeners terwijl van de G8-landen Canada en Japan telkens heel laag scoren. China en India zitten ook in drie van de vier categorieën in de top 10, de VS slechts één keer. Argentinië is ook een topper inzake protectionistische beleidsmaatregelen.

Tegen deze achtergrond is het dubbel spijtig dat de rest van de EU-lidstaten er niet in geslaagd is Frankrijk tot een redelijker standpunt te brengen inzake de audiovisuele sector. De onvoorwaardelijke uitsluiting van deze sector naar de onderhandelingen met de Amerikanen over een nieuw transatlantisch vrijhandelspact toe is een blunder over de hele lijn. Zich in onderhandelingen over bijvoorbeeld die audiovisuele sector stug opstellen is één zaak (en zelfs vrij verdedigbaar), er op voorhand ex cathedra van vastleggen dat er niet kan over gesproken worden, een heel andere. Er kan niet de minste twijfel over bestaan dat de Amerikaanse reactie op die door Frankrijk geëiste houding van Europa furieus zal zijn. In Washington valt nu al te vernemen dat uitsluiting van Europese firma's van Amerikaanse overheidscontracten reeds als een done deal mag beschouwd worden. With more to come.

Deze Franse arrogantie gaat Europa zuur opbreken want het is vooral Europa dat te winnen heeft bij een sterke deal met de Amerikanen inzake vrijhandel tussen de twee Atlantische continenten. Nu rolt men als het ware de rode loper uit voor China om zich tussen de twee Westerse blokken in te friemelen. Zeker na de zonnepaneel-voorval is men in Bejing super-gemotiveerd om van deze maneuvers grondig werk te maken. De Amerikanen laten duidelijk merken dat ze klaar zijn voor deals met de Chinezen.

Europa dreigt compleet aan de zijlijn te belanden. Een sterke deal met de VS had China in een veel minder gunstige positie gebracht.

Het is lang niet de eerste keer dat de EU in de tang genomen wordt door Frankrijk dat nog altijd niet in het reine lijkt te kunnen komen met het feit dat het op het wereldtoneel geen eersterangsnatie meer is, zelfs nauwelijks nog een tweederangsnatie. Met de Toru de France voor de deur doet Frankrijk steeds meer denken aan doorsnee wierrenner die het in een lastige spurt bergop mordicus wil opnemen tegen, pakweg, Peter Sagan. Frustratie en vlucht in goedkope excuses zijn het onvermijdelijke gevolg. Andere EU-lidstaten moeten zich eens dringend bezinnen over de vraag hoe lang ze die onzinnige Franse balorigheid nog blijven aanvaarden.

Onze partners