Wie gaat cashen op Venezolaanse olie?

Het leven in de Venezolaanse hoofdstad Caracas gaat door post-Maduro | Foto: Getty

Grote winsten vergen grote risico’s, schrijft The Economist over de Amerikaanse dorst naar Venezolaanse grondstoffen.

“Duidelijk koploper.” Zo omschrijft Scott Bessent, de Amerikaanse minister van Financiën, de positie van Chevron in de groeiende groep investeerders die hopen te profiteren van de Venezolaanse olie. De wens om de sector opnieuw open te stellen voor Amerikaanse oliebedrijven speelde een niet te onderschatten rol in de beslissing van president Donald Trump om het einde van Nicolás Maduro’s bewind te forceren. Trumps plannen om Venezuela te ‘runnen’ steunen op de ontginning van de fossiele rijkdommen door Amerikaanse bedrijven. Chevron zal wellicht nog enige tijd de enige oliemajor met een betekenisvolle aanwezigheid ter plaatse zijn. Maar ook tal van avontuurlijkere spelers hopen een graantje mee te pikken.

Chevron zit in een uitstekende uitgangspositie omdat het, in tegenstelling tot ExxonMobil en ConocoPhillips, Venezuela niet verliet, ondanks onteigeningen door het socialistische regime en sancties van opeenvolgende Amerikaanse regeringen. Mike Wirth, de CEO van Chevron, zou al maanden nauw contact onderhouden met Bessent, officieel om uitzonderingen op die sancties te regelen, maar mogelijk ook om het beleid subtiel richting een Amerikaanse inmenging te sturen.

Die strategie heeft geloond. In de eerste week van januari laadde Chevron zowat 1,7 miljoen vaten Venezolaanse ruwe olie op tankers, na de gedeeltelijke opheffing van de Amerikaanse blokkade, het hoogste volume sinds mei 2025. Het bedrijf zal ook profiteren van zijn rol bij de verkoop van 50 miljoen vaten uit voorraden, ter waarde van mogelijk 2 miljard dollar, die de Verenigde Staten van plan zijn in beslag te nemen.

Politieke rugdekking

De uiteindelijke buit kan enorm zijn. De gigantische reserves van Venezuela omvatten niet alleen olie op het vasteland, maar ook een mogelijk offshore-succes, vergelijkbaar met dat van buurland Guyana. De Venezolaanse kustwateren vormen geologisch een verlengstuk van de diepe olievelden voor de kust van Guyana, zegt Luisa Palacios van het Centre on Global Energy Policy van Columbia University – velden waarin ExxonMobil en andere bedrijven meer dan 60 miljard dollar investeren.

Nu de regering-Trump sommige oliesancties begint te versoepelen, mogelijk al deze week, tonen ook andere bedrijven dan Chevron interesse. Indiase raffinaderijen, die zware olie zoals die uit Venezuela verwerken, speuren naar koopjes. Vitol en Trafigura, twee Zwitserse grondstoffenhandelaars, hebben vergunningen gekregen om Venezolaanse olie te verkopen en zullen samen met Chevron de bestaande voorraden op de markt brengen. Maar Amerikaanse miljardairs, financiers en oliebedrijven, aangetrokken door politieke rugdekking, hebben wellicht het meeste te winnen – al zal hun enthousiasme verschillen.

De grote oliemaatschappijen lijken het meest terughoudend. Chevron blijft en groeit, gezien zijn bestaande aanwezigheid: het bedrijf denkt zijn lokale productie – momenteel 240.000 vaten per dag in samenwerking met PDVSA – binnen twee jaar met de helft te kunnen verhogen. Andere majors zijn voorzichtiger. Overhaaste deals kunnen later opnieuw tegen het licht worden gehouden. Helima Croft van RBC Capital Markets noemt het een ‘open vraag’ of de Verenigde Staten zich ook na 2028 zullen blijven engageren om toezicht te houden op de Venezolaanse oliesector, mocht een toekomstige Democratische regering de vandaag gesloten energieakkoorden herbekijken.

Contacten in zowel Caracas als Mar-a-Lago

Politieke bescherming is des te belangrijker, gezien de bittere herinneringen aan het verleden. Exxon en ConocoPhillips zijn nog altijd misnoegd over de onteigeningen onder Hugo Chávez, die leidden tot zware verliezen en slepende rechtszaken. Trump heeft bovendien vraagtekens geplaatst bij compensaties voor vroegere inbeslagnames. “Mooie afschrijving”, sneerde hij toen hij werd gevraagd naar de claims van Exxon en Conoco, eraan toevoegend dat het “hun eigen schuld” was. Zonder een regeling zal nieuw kapitaal slechts mondjesmaat toestromen, waarschuwt een expert. En zolang Venezuela diep in de schulden zit, is zo’n regeling ver weg. Geen wonder dat Exxon-CEO Darren Woods Venezuela ronduit “oninvesteerbaar” noemt onder de huidige omstandigheden.

Toch lijkt dat avontuurlijkere spelers niet af te schrikken. Oliedienstenverleners zoals Halliburton, SLB en Baker Hughes – bedrijven die onder meer nieuwe putten boren en bestaande installaties onderhouden – hebben ervaring in de meest vijandige oliegebieden ter wereld en staan te popelen. Ook kleine olieproducenten tonen interesse. Net als in de Amerikaanse schaliesector telt de bitumengordel in de Orinoco-regio veel kleine velden die met beperkte investeringen kunnen worden aangeboord. “Daar heb je geen balans zoals die van Exxon voor nodig”, aldus een kenner.

Ook magnaten met banden met MAGA-kringen tonen zich gretig. Tot de steenrijke figuren in Trumps omgeving behoort Harry Sargeant, een olie- en asfaltmagnaat met langdurige contacten in zowel Caracas als Mar-a-Lago. Hij zou de regering-Trump adviseren over welke bedrijven Venezuela moeten betreden. Harold Hamm, een pionier van de schalie-industrie uit Oklahoma die nu uitbreidt naar Argentinië, zegt “zeker toekomstige investeringen te overwegen”.

Ook financiers kunnen grote winnaars worden, rechtstreeks of onrechtstreeks. Elliott Investment Management, het hedgefonds van Paul Singer, een belangrijke donor van Trump, behoort tot de investeerders die in november een door de rechtbank opgelegde veiling wonnen van Citgo, een in de Verenigde Staten gevestigde raffinagedochter van PDVSA. Omdat Citgo is afgestemd op zware Venezolaanse olie, drukten de sancties de waarde. Naarmate die worden versoepeld, zou de waarde fors moeten stijgen.

Wall Street-avonturiers

Andere beleggers hopen indirect te profiteren van een herstel van de Venezolaanse olieproductie. Tientallen miljarden dollars aan achterstallige staats- en PDVSA-obligaties, samen met grote onbetaalde arbitragevergoedingen uit vroegere onteigeningen, worden vandaag in feite verhandeld als een optie op toekomstige olieproductie. Als die productie weer aantrekt, wordt de kans groter dat een toekomstige regering oude schulden vereffent. Waar risico en onzekerheid heersen, zijn de avonturiers van Wall Street nooit ver weg.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Expertise