Premier Bart De Wever over het verleden en de toekomst van de Belgische economie: ‘De slechtste maatregel van de voorbije 50 jaar? Dat zijn er te veel om op te noemen’

Jan De Meulemeester Head of Business News van Trends Z

Toen het eerste nummer van Trends verscheen, was Bart De Wever vijf jaar. Nu is hij vijftig jaar ouder, premier van België en de ideale man om achteruit en vooruit te kijken. Dat deed hij exclusief voor Trends als eregast op het gala van de Manager van het Jaar. “We maken het sociaal contract in dit land fundamenteel rechtvaardiger, want anders klapt ons systeem op termijn in elkaar”, zegt de premier. “Maar we zijn er nog niet.”

We vroegen de premier allereerst welke politiek-economische beslissing België het meest vooruit heeft geholpen. “Dat is devaluatie van de frank in 1982, destijds een zeer onpopulaire maar absoluut noodzakelijke maatregel. Ik heb respect voor politieke keuzes die moed en verantwoordelijkheidszin vergen. De maatregel ging ook gepaard met een pakket aan competitiviteits- en saneringsmaatregelen die zeer urgent waren.”

En omgekeerd: welke beslissing kwam ons het duurst te staan?

BART DE WEVER. “Dat zijn er te veel om op te noemen. Een van de belangrijkste vergissingen was zeker de kernuitstap door de regering-Verhofstadt I in 2003. Een van de beslissingen waar ik het meest trots op ben, is dat deze regering die heeft geschrapt. Maar het zal nog jaren duren voor de schade voor onze energiebevoorrading hersteld is.”

Vijftig jaar geleden verscheen het eerste Trends-magazine, met op de cover eerste minister Leo Tindemans en de boodschap ‘Niemand snapt dat de koek op is’. U verwijst soms naar Jean-Luc Dehaene, maar ziet u ook gelijkenissen met Tindemans en zijn tijd?

DE WEVER. “Ik wens mij voor alle duidelijkheid aan geen enkele voorganger te spiegelen. De enige reden waarom ik soms verwijs naar de jaren negentig, is omdat er toen voor de laatste keer écht grondig is gesaneerd. Dat gebeurde weliswaar hoofdzakelijk met belastingverhogingen, terwijl onder deze regering de belastingdruk globaal zal dalen. En er waren forse rentemeevallers, waarop mijn regering evenmin kan rekenen.

“Leo Tindemans was net als ik afkomstig uit het Antwerpse en zag zijn premierschap gedekt door een hoog aantal voorkeursstemmen – wat zeker niet het geval was voor elke eerste minister in onze geschiedenis. De economische context zag er onder Tindemans ook allesbehalve rooskleurig uit: hij startte te midden van de internationale oliecrisis. Tot daar de gelijkenissen. De regeringen-Tindemans werden vooral gekleurd door communautaire spanningen, waardoor grondige saneringen uitbleven. Dat gebeurde pas in de jaren tachtig onder de regeringen van Wilfried Martens.”

Wie is sociaal-economisch de belangrijkste figuur van de voorbije halve eeuw?

DE WEVER. “Dit land telt heel wat invloedrijke internationale topondernemers, zoals Fernand Huts, of baanbrekende onderzoekers, zoals Robert Caillau, mede-uitvinder van het wereldwijde web. Zij hebben elk op hun manier een belangrijke sociaal-economische stempel gedrukt op de voorbije decennia. Beleidsmatig verdient ook Alfons Verplaetse een vermelding. Hij was een van de architecten van het hervormingsbeleid van de jaren tachtig en later de gouverneur van de Nationale Bank die ons in de eurozone leidde. Dat is niet min.”

Welke sector hebben we in België te lang overschat en welke onderschat?

DE WEVER. “Overschat: met een overheidsbeslag van meer dan 50 procent lijkt de publieke sector mij te lang overschat te zijn.

“Onderschat: de Port of Antwerp-Bruges vormt samen met Rotterdam het logistieke hart van de wereld en huisvest bovendien de grootste en meest veelzijdige chemische cluster van Europa. Die sterkte wordt nog altijd te weinig gekoesterd. De kritiek die ik als burgemeester heb moeten slikken voor het faciliteren van projecten om die krachtige positie te vrijwaren, blijf ik hallucinant vinden.”

Welke moeilijke economische waarheid vindt u te weinig terug in de media en in het publieke debat?

DE WEVER. “De stagnering van onze productiviteit. We zouden voortdurend bezig moeten zijn met hoe we die opnieuw duurzaam kunnen doen groeien. Dat zou ontzettend veel kunnen oplossen. Toch lees je er amper iets over, behalve in De Tijd en Trends. Wellicht omdat productiviteit een te abstract concept is.”

Als u één positieve grafiek van 1975 tot 2026 aan de muur van de Wetstraat 16 mocht hangen: welke zou dat zijn?

DE WEVER. “In de boeken van de vooruitgangsoptimist Johan Norberg staan tal van grafieken die aantonen dat de wereld er de voorbije halve eeuw ontzettend is op vooruitgegaan. Dat inspireert mij om de komende halve eeuw te hopen op en mee te werken aan een gelijkaardige vooruitgang.”

Om in die positieve sfeer te blijven, een moonshot: in welke economie leven en werken we in het beste geval over 50 jaar?

DE WEVER. “The sky is the limit, als de mensheid de innovatiemotor draaiende houdt. Vijftig jaar geleden was er nog geen internet, geen mobiele telefoon: het is bijna niet te vatten hoe anders ons leven er nu uitziet ten opzichte van toen. Dat maakt het bijzonder moeilijk precieze voorspellingen te doen over zo’n verre toekomst.
“Zeker lijkt dat de arbeidsintensiteit van bepaalde sectoren de komende jaren zal afnemen door artificiële intelligentie en automatisering. Dat zal onvermijdelijk leiden tot sociale uitdagingen, maar op termijn zal het een massa menselijke arbeid doen verschuiven naar domeinen waar die nog het meeste toegevoegde waarde heeft: denk aan educatie, zorg, gespecialiseerd technisch werk, de bouw en de dienstensector.”

‘De welvaartsstaat kan niet louter rusten op de inkomens uit arbeid’

U haalde uw slag thuis in de Euroclear-discussie. Maar de EU behoudt zich het recht voor de bevroren Russische assets in extremis toch te gebruiken om de lening terug te betalen.

DE WEVER. “Een reparation loan is niet langer aan de orde, aangezien op de Europese top is vastgesteld dat er geen draagvlak voor is zodra het over de details gaat. Wij eisten immers alle risico’s te mutualiseren, de liquiditeit te verzekeren en álle immobilised assets aan te spreken – niet alleen die van Euroclear. Zo zou er een level playing field zijn met concurrenten in minstens andere Europese landen. Dat bleek voor velen niet zo eenvoudig, waardoor tot mijn vreugde besloten is een veiligere en betere oplossing te kiezen om Oekraïne financieel te ondersteunen.

“Ik vind het een goede zaak dat de druk op Poetin hoog wordt gehouden door de assets zonder deadline vast te zetten, zodat ze deel kunnen uitmaken van een vredes- en heropbouwplan in de toekomst. Dan zou het wel perfect rechtmatig zijn die gelden te gebruiken voor de wederopbouw van Oekraïne. Bovendien heeft Europa nu meer hefboom ten aanzien van Rusland dan als we dat geld eenzijdig hadden gebruikt voor de verdere financiering van de oorlog. You can only have your cake once.”

Heeft de Euroclear-discussie imagoschade veroorzaakt voor Brussel als veilige, neutrale financiële hub?

DE WEVER. “De Belgische staat en Euroclear hebben hand in hand gestreden voor het respecteren van alle Europese en internationale rechtsprincipes en het indekken van alle risico’s voor de Europese financiële instellingen en markten. Dat lijkt mij perfect in lijn met wat investeerders mogen verwachten van een veilige en neutrale financiële hub.”

De voorbije maanden sneuvelden enkele Belgische heilige huisjes, zoals de pensioenmalus en de onbeperkte duur van de werkloosheid. Dat moet van België minstens een meer ‘normaal’ land maken. Gaan we nog sleutelen aan het sociaal contract?

DE WEVER. “We maken het sociaal contract fundamenteel rechtvaardiger. Dat was absoluut noodzakelijk in tijden van vergrijzing en stijgende sociale uitgaven. Anders zou het systeem op termijn in elkaar klappen. Met de huidige hervormingen zetten we een zeer stevige stap om dat te vermijden. Moet er op termijn nog gesleuteld worden? Wellicht wel, want we zijn er nog niet helemaal – tenzij we onverwachts opnieuw periodes van veel hogere economische groei tegemoet gaan, maar de prognoses geven die voorlopig niet aan.”

Volgens de Nationale Bank heeft het regeringsbeleid een aanzienlijke impact, maar blijven het tekort en de schuldgraad de komende jaren onhoudbaar. Komt er deze legislatuur nog een nieuwe sanering?

DE WEVER. “Laten we eerst deze maatregelen uitrollen en de effecten ervan monitoren. Dan zullen we snel zien wat nog nodig is in deze en de volgende legislatuur om de financiën verder op orde te zetten. Uiteraard is het mijn ambitie de dash erin te houden en te blijven doen wat nodig is. Wat dat wordt? Dat zal ik in consensus met mijn regeringspartners bespreken en niet met de fanfare voorop aankondigen in een magazine.”

U voert onder meer de meerwaardebelasting in en maatregelen voor kleine vennootschappen. Waarom zijn die nodig?

DE WEVER. “De welvaartsstaat kan niet louter rusten op de inkomens uit arbeid. Het is dus gerechtvaardigd ook naar het kapitaal te kijken. Maar deze regering waakt erover dat dit evenwichtig gebeurt, met een stevig pakket flankerende maatregelen die ondernemen en investeren in dit land interessanter maken. Daarom zijn de werkgeversorganisaties globaal gezien enthousiast over ons beleid.”

‘Ik heb niet de gewoonte brutaal maatregelen door anderen hun strot te duwen’

Wat is voor u het eindpunt, het ijkpunt? Wanneer zijn we opnieuw een ‘gezond’ land?

DE WEVER. “Er zijn verscheidene ijkpunten. Het eerste is de Europese uitgavennorm. Dat is de lat waar we deze legislatuur minstens onder moeten blijven. Ik ben ervan overtuigd dat het lukt. Daarna komt de Maastrichtnorm, waarvoor we ook de regio’s nodig zullen hebben. En uiteindelijk, wat mij betreft, het begrotingsevenwicht. Maar dat zal, zelfs over twee legislaturen, enkele belangrijke meevallers vergen.”

Zodra we dat eindpunt bereiken, moeten we dan zo snel mogelijk opnieuw belastingen afvoeren en verlagen, zoals nu al beslist is over de verhoging van de belastingvrije som?

DE WEVER. “Ik ben een conservatieve vrijemarktdenker en geloof dus in een lager overheidsbeslag en een lagere globale belastingdruk. Wat mij betreft, moet een bezuiniging op inefficiënte lopende overheidsuitgaven, en pari passu een verlaging van de belastingdruk; hoog op de politieke agenda blijven staan.”

Welke parallellen ziet u tussen uw rol als premier en die van een CEO? Beschouwt u zichzelf als de CEO van de nv België? Is de burger uw aandeelhouder?

DE WEVER. “Dat is min of meer de dynamiek. Alleen heeft een premier formeel veel minder rechtstreekse eigen bevoegdheden en veel minder hiërarchische macht dan een CEO in een bedrijf doorgaans heeft. Politiek leiderschap vergt veel meer overleg dan leiderschap in een bedrijf – zeker in dit land.”

Hoe omschrijft u uw managementstijl?

DE WEVER. “Dat laat ik liever aan anderen om te beoordelen. Maar ik denk dat mensen die met mij hebben samengewerkt, termen zouden gebruiken als ‘consensuszoekend’, of iets in die aard. Ik sta altijd op mijn ideologische strepen, maar ik heb niet de gewoonte brutaal maatregelen door anderen hun strot te duwen. Dat werkt in dit land ook niet.”

Wat is dan de werkelijke macht van de Belgische premier, formeel én informeel?

DE WEVER. “Mijn eigen bevoegdheden zijn in wezen erg beperkt, dus formeel is die macht niet erg groot. Ze is afhankelijk van de meerderheid die je steunt in het parlement. Wél heeft de eerste minister het voorrecht van de regeringsagenda te bepalen. Op die manier kun je prioriteiten stellen en het beleid in een bepaalde richting sturen. Maar theoretisch is het perfect mogelijk zeer weinig macht te hebben als premier in dit land. Het hangt af van de omstandigheden waarin je de functie kan invullen.”

U benadrukte op de Europese top het belang van rationaliteit, dat u zich niet laat leiden door emoties. Maar bepaalde basisemoties drijven toch elke politicus mee aan?

DE WEVER. “Ik onderga veel emoties, maar als aanhanger van het stoïcisme heb ik geleerd dat die mijn functioneren als homo politicus niet mogen drijven of beïnvloeden. Dat ideaal streef ik na.”

Iedereen vraagt het zich af: hoe organiseert u uw tijd? Hebt u nog een streepje vrije tijd?

DE WEVER. “Vrije tijd is zeer relatief in mijn functie. Als het enigszins mogelijk is, probeer ik er tijdens een kerst- of zomervakantie enkele dagen tussenuit te gaan met mijn gezin, maar zelfs dan laat de gsm mij nooit volledig los. Maar ik klaag niet: ik heb zelf gekozen om deze roeping te volgen en heb geleerd alles wat erbij komt te omarmen – de goede en de slechte kanten.”

Partner Expertise