Waarom moet u deze wetenschapper kennen?

Christine Van Broeckhoven begon 35 jaar geleden met haar onderzoek naar dementie en de ziekte van Alzheimer aan de UAntwerpen. Sinds 25 jaar leidt ze een van de acht intra-universitaire onderzoekscentra van het VIB. "Ik ben uittredend directeur", zegt ze. "Mijn opvolgster moet geloofsbrieven kunnen voorleggen in managementkennis en de excellentie van haar onderzoek moet buiten kijf staan. Bij mij is dat eerder organisch gegroeid."
...

Christine Van Broeckhoven begon 35 jaar geleden met haar onderzoek naar dementie en de ziekte van Alzheimer aan de UAntwerpen. Sinds 25 jaar leidt ze een van de acht intra-universitaire onderzoekscentra van het VIB. "Ik ben uittredend directeur", zegt ze. "Mijn opvolgster moet geloofsbrieven kunnen voorleggen in managementkennis en de excellentie van haar onderzoek moet buiten kijf staan. Bij mij is dat eerder organisch gegroeid." Van Broeckhovens carrière begon eerder onorthodox. Na een licentie in chemie en een doctoraat in moleculaire biologie, vond ze geen werk. Via een BTK-statuut, wat nu een activeringstraject zou heten, kon ze aan de slag in het Provinciaal Instituut voor Hygiëne. Ze kwam er in contact met de mensgenetica en koos ervoor na haar BTK-traject terug te keren naar de universiteit. "Ik wilde onderzoek doen naar de moleculaire genetica van de mens in het kader van enzymdeficiënties, maar een jonge neuroloog van het Instituut Born-Bunge overtuigde me mijn onderzoek te richten op alzheimer-dementie." De Bunge-kliniek en het Bunge-instituut werden in de jaren twintig opgericht door de neuroloog Ludo van Bogaert, met de steun van Duitse handelaarsfamilies uit Antwerpen. Ze liggen mee aan de basis van het UZA en het Instituut Born-Bunge. Het Bunge-instituut had ook een onderzoeksfonds en was gespecialiseerd in neurologie en cardiologie. "Toen ik er in 1989 werd benoemd, beschouwde men alzheimer nog grotendeels als een ouderdomsverschijnsel en bleef het vaak onbenoemd, laat staan dat sprake was van een erfelijkheidsfactor", zegt Van Broeckhoven. Een paar decennia later is ze coauteur van meer dan 700 wetenschappelijke publicaties. Ze heeft mee aan de wieg gestaan van de identificatie van de eerste genetische factor die een rol speelt in het ontstaan van alzheimerdementie. Haar onderzoek naar neurodegeneratieve dementies en de erfelijke variant van alzheimer is wereldwijd erkend. Amper 1 procent van alle patiënten met alzheimerdementie op jonge leeftijd heeft de erfelijke variant. Toch waren de mechanismen die Van Broeckhoven heeft beschreven jarenlang een spoor voor de zoektocht naar een geneesmiddel tegen de ziekte van Alzheimer, ook op latere leeftijd. Het spreekt voor zich dat alzheimeronderzoek economisch potentieel heeft, maar Van Broeckhoven benadrukt dat ze niet in dienst is van de farmabedrijven. "Soms werk ik samen in een onderzoeksproject, maar dan wil ik goede afspraken over mijn onafhankelijkheid", zegt ze. "Ik wil als wetenschapper altijd vrijuit kunnen zeggen wat ik denk en de ruimte hebben om kritisch zijn. De farma speelt een belangrijke rol, maar academische onderzoekers moeten heel voorzichtig zijn met belangenvermenging." Over octrooien uit haar onderzoek is Van Broeckhoven kort. "Dat is een zaak voor het VIB en UAntwerpen, zij zijn de eigenaar. Maar ik vind het uiteraard belangrijk dat er een return naar het onderzoek gaat." Sinds ze in de jaren tachtig begon, is Van Broeckhovens takenpakket geëvolueerd. Is de wetenschapper veranderd in een manager? "Ik ben 65 en misschien wat minder naïef dan vroeger, maar mijn passie voor wetenschappen blijft. Wetenschap is nooit af. Je zult het laatste puzzelstukje nooit vinden. Het moeilijkste is dat je als VIB-directeur ook een excellente wetenschapper moet blijven. Daarom werk ik zeven dagen op zeven. Managementcursussen heb ik nooit gedaan. Mijn filosofie is: als mensen in een creatieve omgeving en met de juiste ondersteuning werken, dan volgt het succes. "Ik geef de jongste 25 jaar gemiddeld twee lezingen per week. Ik ben er een totaal andere wetenschapper door geworden. Je praat met mensen die met dementie worden geconfronteerd. Als je een gezicht achter de proefbuis kunt zien, dan verandert je motivatie."