Niet alleen de politieke partijen zijn druk bezig met de voorbereiding van de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2018. Ook het middenveld schakelt een klein jaar voor de kiesstrijd een versnelling hoger.
...

Niet alleen de politieke partijen zijn druk bezig met de voorbereiding van de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2018. Ook het middenveld schakelt een klein jaar voor de kiesstrijd een versnelling hoger. Gent, met bijna 260.000 inwoners en 74.000 studenten, is de tweede stad van Vlaanderen. De hoofdstad van Oost-Vlaanderen maakt zich op voor een wissel van de macht nu burgemeester Daniël Termont (sp.a) afscheid neemt van de politiek. Voka-Kamer van Koophandel Oost-Vlaanderen heeft er blijkbaar geen goed oog in. De ondernemersorganisatie roept in een open brief 'aan wie morgen Gent wil besturen' op meer ambitie aan de dag te leggen voor ondernemerschap en economie. Het kan verkeren. Zes jaar geleden verkozen ondernemers Gent tot een van de meest ondernemingsvriendelijke steden in Vlaanderen. Vandaag wordt de stad volgens Voka eerder als middelmatig beschouwd en geassocieerd met krakers en mobiliteitsproblemen. Volgens Voka verdampt de internationale ambitie van de Arteveldestad en "lonkt de provinciestad". Wat is er aan de hand met de grootste studentenstad van Vlaanderen? We vroegen het aan Chris De Hollander, de topman van Stora Enso Langerbrugge en voorzitter van Voka-Kamer van Koophandel Oost-Vlaanderen, en Geert Moerman, de gedelegeerd bestuurder van Voka Oost-Vlaanderen. GEERT MOERMAN. "Voor de Gentse politiek is de ondernemerswereld blijkbaar geen factor meer waarmee men in dialoog gaat en rekening houdt. In Gent is het aangenaam wonen en winkelen, maar waar is de ruimte voor ondernemerschap? We willen dat de stad aantrekkelijk blijft voor een internationaal publiek dat hier wil komen werken. We moeten die gezonde ambitie waarmaken. Dat is zelfs geen voorwerp van gesprek op dit moment. En ook geen criterium in allerlei beslissingen die het stadsbestuur neemt over het circulatie- en parkeerplan, in stedenbouwkundige ontwikkelingen, enzovoort." CHRIS DE HOLLANDER. "Het is moeilijk om er precies de vinger op te leggen. We wijzen niet naar de ene of andere politieke partij. Het is een probleem van alle partijen, ook de oppositie heeft daar weinig aandacht voor. We doen de vaststelling op basis van wat onze leden ons vertellen. We vinden dat niet uit. De stad heeft geen aandacht meer voor ondernemingen, dat is een probleem." MOERMAN. "Dat klopt. Ondernemers waren enthousiast over Gent en de burgemeester. Je mag dat zien als het afsluiten van twintig jaar vooruitgang. De stad zat in een positieve spiraal, maar op een bepaald moment is er zand in de machine geslopen. De politiek kreeg het moeilijk met al dan niet vermeende schandalen rond Optima en de intercommunales. Dat heeft sporen nagelaten. Het leiderschap van Daniël Termont kwam onder vuur en ook andere politici temporiseerden omdat blijkbaar alles een probleem zou kunnen zijn. Naast het gebrek aan politiek leiderschap kan de administratie nogal dogmatisch uit de hoek komen. Die kreeg alle ruimte om nog weinig met ondernemerschap rekening te houden." DE HOLLANDER. "Het is ook de tijdsgeest. Kijk naar wat er in Antwerpen gebeurt. Politici worden er scheef bekeken omdat ze naar een feestje van een ondernemer gaan. De slinger mag niet doorslaan. Als een politieker niet meer aan tafel mag zitten met een ondernemer die een probleem wil aankaarten, waar zijn we dan mee bezig? Dan gaan we zodanig in silo's werken dat er niets meer kan. Omdat je elkaar niet meer kent en niet wil luisteren." MOERMAN. "Elke burger verwacht dat politici luisteren naar zijn verzuchtingen, maar naar een ondernemer zou niet geluisterd mogen worden. Dat klopt niet. We hebben behoefte aan een soort accountmanagement voor ondernemingen. Bij grote projecten komen heel veel aspecten kijken. Bij de stad heb je één aanspreekpunt nodig waarmee je kan onderhandelen en die het dossier als één geheel bekijkt. Steden die het goed doen, zijn steden die dingen mogelijk maken." MOERMAN. "Typisch voor Gent is dat bedrijven die groeien, van starters met 2 à 3 man naar groeiers met 10 à 15 mensen, uit het centrum worden gedreven. Het bestuur blijft dat fenomeen ontkennen, maar verschillende bedrijven zitten in die fase. Die groeibedrijven willen in het Gentse ecosysteem blijven, maar kunnen niet om praktische redenen. Medewerkers hebben een flexibele mobiliteit nodig, en dat lukt niet. De groeiers trekken dan naar de rand zoals The Loop, Eilandje Zwijnaarde en Ghelamco, maar omdat de stad daar dezelfde strenge mobiliteitseisen oplegt, is dat geen oplossing. Zulke bedrijven worden eerst uit het centrum geweerd, maar aan de rand vinden ze ook hun gading niet. Zo verdwijnen ze uit het Gentse ecosysteem. Dat is een risico voor de welvaart in Gent." DE HOLLANDER. "De strenge regels duwen ondernemers weg uit de stad. In de zuidrand mag je één parkeerplaats hebben voor zeven medewerkers. De biotechbedrijven bijvoorbeeld werken met zeer mobiele mensen, die werken niet van 9 tot 5. Een flexibel openbaar vervoer is er niet. In de toekomst is dat niet uitgesloten, maar vandaag is dat geen haalbare kaart. Als je zulke eisen oplegt, haken investeerders af. Zo breng je de groeimotor van de Gentse economie in gevaar. Ik hoor de politici heel veel bezig over armoedebestrijding en krakers. Allemaal goed en wel dat je probeert een sociale stad te zijn, maar je hebt ook werkpaarden nodig die de stad economisch voorttrekken." MOERMAN. "Met de principes van het circulatieplan hebben we altijd kunnen leven. Gent dient niet om door te rijden, maar om te bereiken. We hebben heel veel gesprekken gevoerd met de schepen van Mobiliteit Filip Watteeuw. Wij denken ook dat de stad van de toekomst duurzamer en autovrijer moet zijn. We willen niet in de hoek geduwd worden van degenen die overal hun wagen voor de deur willen zetten. Dat is niet onze visie. Maar de schaarste aan parkeermogelijkheden is nefast voor ondernemingen. We hebben voorstellen gedaan om digitale parkeerkaarten voor ondernemingen in te voeren, naar analogie met de bewonerskaarten, maar daar heeft men geen oren naar." MOERMAN. "De Krook is architecturaal een prachtig project. Het gebouw zou niet misstaan in Boston of New York, maar het is de vroegere bibliotheek in een nieuw kleedje. Men doet er wat de bibliotheek vroeger deed. Het is geen economische of creatieve pool geworden die fungeert als vliegwiel voor de stad. De Krook is een bibliotheek die door ambtenaren gerund wordt. Na 18 uur is het er een dooie boel, met als gevolg dat er geen hefboomeffect is naar de ondernemerswereld. Dat is een gemiste kans. Van zo'n investering verwachten we meer." MOERMAN. "Gent wordt wat hautain. De stad denkt dat de prijselasticiteit hier niet speelt. Ze legt almaar meer eisen op en het bestuur gaat ervan uit dat de ondernemingen toch komen. Dat is een arrogante, ongeïnteresseerde benadering." DE HOLLANDER. "Als je denkt dat je een stad leefbaar kunt houden zonder ondernemingen, dan ben je fout bezig. Dat kan niet." DE HOLLANDER. "De stad moet bruisen, niet alleen voor de toeristen en de studenten, ook voor de ondernemingen. Gent moet meer luisteren naar de verzuchtingen van de ondernemingen en er iets mee doen, zodat we kunnen investeren in de stad. Hier is heel veel potentieel, zorg dat dat niet verdwijnt."