Jumia is het Afrikaanse antwoord op het Amerikaanse Amazon of het Chinese Alibaba. Het is een onlinemarktplaats waar mensen in veertien Afrikaanse landen producten kunnen bestellen. Vorig jaar kochten miljoenen klanten 13 miljoen pakjes met smartphones, kleren of tv's, bestelden ze pizza's of boekten ze vluchten. Om te betalen kunnen ze gebruikmaken van de betaalmogelijkheden van JumiaPay, de betaalapp die de Nigeriaanse techstart-up in 2017 heeft gelanceerd. Jumia ontwikkelde ook een rist logistieke diensten om de pakjes snel te leveren. De laatste kilometers worden vaak achterop op een brommertje afgelegd. Jumia heeft 5000 mensen in dienst, van wie 1000 in Lagos. De metropool is niet de hoofdstad, maar met officieel 21 miljoen inwoners het economische hart van Nigeria. Het bedrijf, dat zijn omzet in 2017 zag stijgen tot 94 miljoen euro, vroeg vorige maand een beursnotering aan op de New York Stock Exchange. Een van de eerste investeerders in Jumia was het Duitse Rocket Internet, bekend van Zalando. Jumia haalde volgens de technologiesite Techcrunch inmiddels 768 miljoen dollar kapitaal op. De grootste kapitaalronde kwam er in 2016. Toen investeerden zes partijen - onder meer Rocket, Axa en Goldman Sachs - in totaal 360 miljoen dollar. De Nederlandse handelsinformatiesite Dealroom.co schat dat die investering Jumia een waardering gaf van meer dan een miljard dollar. Dat maakt van het bedrijf een van de weinige Afrikaanse eenhoorns, techstart-ups met een waardering van meer dan een miljard dollar.
...

Jumia is het Afrikaanse antwoord op het Amerikaanse Amazon of het Chinese Alibaba. Het is een onlinemarktplaats waar mensen in veertien Afrikaanse landen producten kunnen bestellen. Vorig jaar kochten miljoenen klanten 13 miljoen pakjes met smartphones, kleren of tv's, bestelden ze pizza's of boekten ze vluchten. Om te betalen kunnen ze gebruikmaken van de betaalmogelijkheden van JumiaPay, de betaalapp die de Nigeriaanse techstart-up in 2017 heeft gelanceerd. Jumia ontwikkelde ook een rist logistieke diensten om de pakjes snel te leveren. De laatste kilometers worden vaak achterop op een brommertje afgelegd. Jumia heeft 5000 mensen in dienst, van wie 1000 in Lagos. De metropool is niet de hoofdstad, maar met officieel 21 miljoen inwoners het economische hart van Nigeria. Het bedrijf, dat zijn omzet in 2017 zag stijgen tot 94 miljoen euro, vroeg vorige maand een beursnotering aan op de New York Stock Exchange. Een van de eerste investeerders in Jumia was het Duitse Rocket Internet, bekend van Zalando. Jumia haalde volgens de technologiesite Techcrunch inmiddels 768 miljoen dollar kapitaal op. De grootste kapitaalronde kwam er in 2016. Toen investeerden zes partijen - onder meer Rocket, Axa en Goldman Sachs - in totaal 360 miljoen dollar. De Nederlandse handelsinformatiesite Dealroom.co schat dat die investering Jumia een waardering gaf van meer dan een miljard dollar. Dat maakt van het bedrijf een van de weinige Afrikaanse eenhoorns, techstart-ups met een waardering van meer dan een miljard dollar. Andela is een andere succesvolle start-up uit Lagos en wordt vaak in één adem met Jumia genoemd. Het in 2014 opgerichte bedrijf haalde begin dit jaar 100 miljoen dollar op. Andela zoekt software-ontwikkelaars, geeft hun een opleiding en brengt hen in contact met techbedrijven uit de Verenigde Staten, Europa of elders die om ontwikkelaars verlegen zitten. Ook Belgische start-ups maakten er gebruik van. Dat overal in Afrika techscenes zijn ontstaan, komt door de verschuiving van IT-opdrachten, zegt Frederik Tibau, directeur internationale relaties van de netwerkorganisatie Startups.be/Scale-ups.eu. "De voorbije 15 tot 20 jaar hebben heel wat westerse IT- en andere bedrijven een deel van hun ontwikkeling en technische ondersteuning uitbesteed naar landen als India en de Filipijnen. De lonen voor ontwikkelaars zijn daar het voorbije decennium zo sterk gestegen, dat er vanuit China en Zuidoost-Azië een outsourcebeweging op gang is gekomen richting Afrikaanse landen als Nigeria, Kenia en Zuid-Afrika. Een gevolg daarvan is dat je in die landen de ene codeerschool na de andere ziet ontstaan. Jongeren ruiken hun kans en grijpen die met beide handen." Een Belgische handelsdelegatie heeft het tech-ecosysteem in Lagos eind maart bezocht. De driedaagse missie van de twee organisatoren, Startups.be/Scale-ups.eu en de sociale onderneming Close The Gap, bracht Belgische techondernemers en ngo's langs de belangrijkste knooppunten van de lokale techscene. Belangrijke haltes waren onder meer de incubator MEST, de co-workingplek CcHub en de Facebook Artificial Intelligence Hub. Een hoogtepunt van de handelsmissie was de pitchsessie bij IFC Worldbank, waar enkele Belgische start-ups hun businessidee voorstelden aan een zevental Nigeriaanse investeerders. Laura Morel, de oprichter van Recy-Call, begon haar presentatie met de observatie dat het de eerste keer was dat ze haar zakenidee verdedigde voor een jury die uit meer vrouwen dan mannen bestond. Ook elders viel het op dat veel techbedrijven en start-uporganisaties geleid werden door vrouwen. In gendergelijkheid lijkt de Nigeriaanse techscene verder te staan dan de Belgische. Een van de investeerders die de Belgische start-ups beoordeelde, was Omobala Johnson, senior partner van Tlcom Capital LLP en de voormalige minister van Telecom in de Nigeriaanse regering. Het fonds waarvoor ze werkt, investeert in start-ups met bedragen van 0,5 tot 10 miljoen dollar. "We hebben een ontluikende, levendige kapitaalmarkt, maar we hebben nog geen beursintroducties gehad. Dit is nog maar het begin. De bedrijven waarin we investeren, zijn nog maar drie tot vijf jaar oud, maar sommige groeien heel snel. Niet iedereen gelooft dat Afrikaanse bedrijven kunnen groeien tot eenhoorns, maar wij zullen het bewijzen. Het grote geld uit Silicon Valley zien we hier niet, eerder Europese investeerders. China is meer geïnteresseerd in infrastructuur." Omobola Johnson is de eerste om toe te geven dat ondernemen en investeren in Afrika geen makkie is. "Het is een heel moeilijke markt. De regulering verandert vaak. Weet waar je aan begint." Een ander groot probleem is de gebrekkige infrastructuur. Niemand schrikt op van weer eens een elektriciteitspanne en de files kunnen legendarische proporties aannemen. En de corruptie bij de politie en de administratie is alomtegenwoordig in Nigeria. "Wie nooit in Nigeria is geweest, ziet het als één groot corrupt land, maar dat wil niet zeggen dat je hier geen zaken kunt doen", zegt Frederik Tibau van Startups.be/Scale-ups.eu. "Google en Facebook zijn hier toch ook actief. Het is de snelst groeiende economie en snelst groeiende techscene in Afrika. Er is enorm veel talent aanwezig, dat meer en meer wordt aangesproken." Ondernemerschap wordt gezien als het antwoord op de kaduke wegen, het slechte elektriciteitsnet en het gebrek aan transparantie bij de overheid. Ifeanyi Okonkwo speelt als medeoprichter van Tizeti in op de infrastructuurproblemen. Het groeibedrijf creëert een netwerk van internethotspots op basis van zonne-energie om snel en betrouwbare wifi te garanderen. Het bedrijf werd begeleid door de Amerikaanse accelerator Y Combinator en heeft 220 mensen in dienst. Er is ook een grote landbouwsector in het land. Volgens een schatting van het Nationaal Bureau van Statistiek was landbouw in het eerste kwartaal van 2018 goed voor 21,65 procent van het bruto binnenlands product (bbp), tegen bijvoorbeeld 9,61 procent voor de oliesector. Dat nu overal agritechbedrijven opduiken - start-ups die technologie voor de landbouwsector ontwikkelen - mag niet verbazen. Crop2Cash is een prille start-up uit Lagos die de logistieke keten met zijn vele tussenpersonen van de boer tot het bord digitaliseert, zodat boeren grotere marges overhouden. CompleteFarmer, opgericht in Ghana, lijkt op het boerderijgame Farmville. Via de website kun je investeren in boerderijen in Afrika. Je kunt online volgen hoe de gewassen worden geproduceerd. Achteraf krijg je volgens de medeoprichter Zoussi Ley tot 30 procent rendement. Het meest bekende initiatief dat ondernemerschap stimuleert, is de Tony Elumelu Foundation. Het magazine Africa Report plaatst de Nigeriaanse ondernemer Tony Elumelu op plaats 69 in zijn recente top 100 van meest invloedrijke Afrikanen. De econoom maakt carrière in de banksector en investeert met zijn stichting in Afrikaanse ondernemers. Hij bedacht de term 'Afrikapitalisme' om aan te geven dat de privésector een significante rol heeft in de ontwikkeling van het continent. Maar dat ontslaat de overheid niet van haar plichten, zegt hij. Met zijn stichting wil Tony Elumelu in tien jaar 100 miljoen dollar investeren en een miljoen banen creëren. Het project bestaat vijf jaar. Ondernemers uit Afrikaanse landen registreren zich op het onlineplatform van de Tony Elumelu Foundation. Gespecialiseerde software beoordeelt de dossiers om objectiviteit te garanderen en fraude uit te sluiten. Per jaar worden duizend ondernemers gekozen, al wordt dat aantal opgevoerd omdat ook partners geld kunnen inbrengen. Wanneer de uitverkoren ondernemers de gratis, maar verplichte opleiding van twaalf weken - een soort mini-MBA - hebben afgewerkt, krijgen ze 5000 dollar zaaikapitaal om hun bedrijf te starten. Ze hoeven dat niet terug te betalen. De eerste geslaagde start-ups uit de stal van Tony Elumelu, die vorig jaar de Franse president Emmanuel Macron naar een ondernemersevent in Lagos haalde, zijn er inmiddels. "Digitalisering is de poort om de economie van Afrika te transformeren", zegt Ifeyinwa Ugochukwu, de CEO van de Tony Elumelu Foundation. "In Japan is 97 procent van de bedrijven een kmo. Wij willen in Nigeria een netwerk van kmo's creëren. Dat zou ook het probleem van illegale immigratie oplossen. We hebben meer handelsakkoorden en meer samenwerking tussen kmo's uit Afrika en Europa nodig." Frederik Tibau ziet de interesse van Belgische en andere Europese start-ups in Afrika gestaag groeien: "Er zijn best veel Belgische start-ups actief in landen als Kenia en Nigeria. Denk aan Overview.finance, Ewala, Accounteer, Elewa, Humainly, Fyteko, Geckomatics en Strategic Water. De lijst is lang en wordt almaar langer." Opvallend is dat niet alleen start-ups meereisden met de missie, maar ook ngo's als Via Don Bosco en Damiaanactie of een non-profitstart-up als Myimpacts.com. Met het Digital for Development-platform (DforD) wilde minister van Alexander De Croo (Open Vld) ontwikkelingssamenwerking en digitalisering met elkaar verbinden. De Croo combineerde beide bevoegdheden, tot de N-VA uit de regering stapte. Hij behield daarna Ontwikkelingssamenwerking, en werd opgevolgd door zijn partijgenoot Philippe De Backer als minister van Digitale Agenda. Op het platform kunnen start-ups en ngo's samen projecten aangaan om met technologie de impact van ontwikkelingssamenwerking te verhogen. Damiaanactie, dat tuberculose en tbc uit de wereld probeert te helpen, legde tijdens de handelsmissie contacten met de meegereisde start-ups Elewa en TIMU om te werken aan een e-learningplatform voor de eerstelijnsverplegers. Een project dat al verder staat is de samenwerking tussen Via Don Bosco en SettleMint (zie kader Blockchaintechnologie verhindert fraude). De digitalisering werkt als een scharnier om ondernemen samen te laten gaan met een positieve impact op de samenleving. Hoogopgeleide Nigerianen komen daarom terug uit de Verenigde Staten of Europa om in Lagos een onderneming op te zetten. Eén ervan, Wecyclers, werd tijdens de handelsreis door de Koning Boudewijnstichting bekroond met de Prijs voor Ontwikkeling in Afrika, ter waarde van 200.000 euro. Bilikiss Adebiyi-Abiola richtte Wecyclers op en fungeerde als CEO, tot haar broer Olawale Adebiyi in 2017 die rol van haar overnam. Beiden kregen hun opleiding aan de Amerikaanse MIT Sloan School of Management. Alles leek erop te wijzen dat ze hun loopbaan in de Verenigde Staten zouden uitbouwen, maar ze wilden de problemen in Nigeria helpen op te lossen. Wecyclers speelt in op de 15.000 ton afval die de inwoners van Lagos elke dag produceren. Slechts 40 procent daarvan wordt opgehaald door de overheid. Mensen kunnen via Wecyclers - het werkt met een sms-platform, omdat niet iedereen een smartphone heeft - plastic flessen ophalen in hun buurt. Voor elke kilo krijgen ze tien punten. Met die punten kunnen ze huishouditems of voedsel kopen. Het plastic wordt vervolgens verwerkt tot een vezel voor matrassen. Deelnemers kunnen de punten die ze verdienen een paar maanden op hun Wecyclers-rekening laten staan waardoor het systeem ook functioneert als een alternatieve bankrekening. Wecyclers telt 17.000 abonnees, creëerde in zeven jaar 200 banen, haalde partners als Unilever en Coca-Cola binnen, en zet in op een franchisingmodel en software-ontwikkeling om zijn inzamelsysteem in heel Lagos aan te bieden. "Het is belangrijk dat de mensen hier beseffen dat ze hun economische ontwikkeling zelf in handen moeten nemen", zegt minister van Digitale Agenda Philippe De Backer. "Het is niet meer de afhankelijkheid van vroeger. Het gaat om ondernemerschap, oplossingen zoeken en business creëren. De privésector neemt het heft in handen. De heel duidelijke doelstellingen van de Tony Elumelu Foundation fascineerden me: zoveel mensen opleiden en zoveel banen creëren. Ik denk dat bij veel mensen nu pas de ogen opengaan over hoe ambitieus en innovatief dat hier gebeurt."