Iedere coach zal het beamen. In de golfsport maak je het verschil op een heel korte baan: de afstand tussen beide oren. Want golf is in de eerste plaats een kwestie van mentale veerkracht en concentratie. Iedere golfspeler maakt wel eens een periode mee waarin hij op een verheven niveau staat te spelen. Je zit goed in je vel, je loopt erbij met een brede glimlach en je speelt een leuke score bij elkaar. Iedere topspeler heeft in zijn omgeving ook wel een mental coach die hem leert hoe hij zich moet concentrere...

Iedere coach zal het beamen. In de golfsport maak je het verschil op een heel korte baan: de afstand tussen beide oren. Want golf is in de eerste plaats een kwestie van mentale veerkracht en concentratie. Iedere golfspeler maakt wel eens een periode mee waarin hij op een verheven niveau staat te spelen. Je zit goed in je vel, je loopt erbij met een brede glimlach en je speelt een leuke score bij elkaar. Iedere topspeler heeft in zijn omgeving ook wel een mental coach die hem leert hoe hij zich moet concentreren precies op het moment dat hij zijn swing zal uitvoeren. Alles wat de slag maar op eender welke manier zou kunnen verstoren, gooit hij op die manier van zich af. Als u zich mentaal helemaal kunt ontspannen, leidt dat ook tot een soort neuromusculaire rust die het lichaam de kracht levert om op het juiste moment nog doeltreffender te presteren. Een atleet die zulke technieken perfect onder de knie krijgt, kan in sommige gevallen de stap van de middenmoot naar de top zetten. Golfspelers kunnen dat met de volgende kneepjes. Eén: een profspeler moet tijdens een toernooi proberen op automatische piloot te presteren. Hij beheerst de beweging en heeft de nodige fysieke kwaliteiten voor zijn sport. Als hij iets forceert, loopt hij het risico dat hij technisch in de knoei raakt. Twee: om geestelijk in een constructieve gesteldheid te komen, moet u tegen zichzelf praten en positieve dingen zeggen. Na een goede slag kan dat zijn: 'goed gespeeld, blijf zo voortdoen'. Ook een aanrader: leer de geur van bloemen herkennen, en snuif die genietend op tijdens de wedstrijd. Drie: probeer uzelf voor te stellen terwijl u heel zuiver en soepel slaat, en hoe u de perfecte approach uit uw armen tovert. Probeer een positief beeld van uzelf te hebben. Vier: omdat u sowieso fouten zult maken, moet u zich op die moeilijke momenten voorbereiden, zodat u op de juiste manier kunt reageren. Als u de bal in de rough slaat, weet dan dat zoiets helemaal niet dramatisch is. En dat u uw kaart best kan redden door langs de kortste weg terug te keren naar de fairway. Nadat u drie keer hebt geputt, of wanneer u de bal in de bomen hebt geslagen, is het uit den boze om tegen uzelf te zeggen: 'ik kan niet putten', of 'mijn drive lijkt nergens naar'. Blijf nooit stilstaan bij slechte slagen of dingen die u kunnen irriteren. Denk liever dat er veel mensen de hele dag achter hun pc zitten te werken, of in de file staan, terwijl u lekker (ontspannen) in de natuur toeft. Vijf: u moet zich op iedere afzonderlijke slag opnieuw kunnen concentreren, zonder aan de volgende te denken. Alleen maar denken aan het uiteindelijke resultaat, is altijd nefast. John Baete