Dankzij Tax-on-web, de elektronische belastingaangifte, slaagt de fiscus erin de aanslagbiljetten almaar vroeger op te sturen naar de belastingplichtigen. Dat is goed nieuws als u belastingen moet terugkrijgen. Aan het einde van de tweede maand die volgt op de maand dat het aanslagbiljet wordt opgestuurd, moet het geld op uw rekening staan. Als u belastingen moet bijbetalen, is een snellere toezending van de aanslag minder aangenaam, maar ook dan hebt u minstens twee maanden om te betalen. Het is raadzaam dat u uw aanslagbiljet goed controleert. Bent u het niet eens met uw afrekening, dan kunt u overwegen een bezwaarschrift in te dienen.
...

Dankzij Tax-on-web, de elektronische belastingaangifte, slaagt de fiscus erin de aanslagbiljetten almaar vroeger op te sturen naar de belastingplichtigen. Dat is goed nieuws als u belastingen moet terugkrijgen. Aan het einde van de tweede maand die volgt op de maand dat het aanslagbiljet wordt opgestuurd, moet het geld op uw rekening staan. Als u belastingen moet bijbetalen, is een snellere toezending van de aanslag minder aangenaam, maar ook dan hebt u minstens twee maanden om te betalen. Het is raadzaam dat u uw aanslagbiljet goed controleert. Bent u het niet eens met uw afrekening, dan kunt u overwegen een bezwaarschrift in te dienen. Er komen heel wat formaliteiten bij kijken om een bezwaarschrift in te dienen. Maar gelukkig is er ook een andere manier om bezwaar te maken tegen een fiscale aanslag. Gaat het om een zogenoemde materiële vergissing, dan kunt u opteren voor de procedure van de negatieve inkohiering, waarbij de fiscale controleur de fout zelf rechtzet. Een telefoontje of een brief naar de fiscus volstaat dan. Materiële vergissingen zijn schrijffouten, rekenfouten of andere onjuistheden die een gevolg zijn van onoplettendheid en waarover geen discussie mogelijk is, ongeacht of die fouten te wijten zijn aan de belastingplichtige of aan de fiscale controleur. Zo is het mogelijk dat het aantal personen ten laste of het bedrag aan intresten niet klopt. Gaat het om een betwisting met de fiscus die verder gaat dan een eenvoudige vergissing, dan kunt u die enkel rechtzetten door een bezwaarschrift in te dienen. Tegen een aanslag moet u een bezwaar indienen binnen de zes maanden, te rekenen vanaf de derde werkdag die volgt op de datum van de verzending van het aanslagbiljet. Komt het bezwaarschrift één dag te laat, dan is het niet ontvankelijk en wordt het afgewezen. Stel dat uw aanslagbiljet door de fiscus werd verzonden op 15 september 2014. De bezwaartermijn van zes maanden begint dan te lopen vanaf 18 september, of de derde werkdag volgend op 14 september. Hij eindigt op 18 maart 2015. Is de vervaldag een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan hebt u tijd tot de eerstvolgende werkdag. Het bezwaarschrift moet u indienen bij de gewestelijke directeur in het ambtsgebied waar de aanslag is gevestigd. U vindt zijn naam en adres op het aanslagbiljet. Enkel in geval van overmacht kan de termijn van zes maanden worden verlengd. De wet zegt dat u een bezwaarschrift schriftelijk moet indienen, maar nergens staat dat dit aangetekend moet gebeuren. Toch is het raadzaam dat te doen, om over een bewijs te beschikken. Sinds eind augustus hebben vertragingen bij de post geen invloed meer op de tijdigheid van een bezwaar. Verstuurt u uw bezwaarschrift op tijd en aangetekend -- zelfs nog op de laatste dag van de termijn van zes maanden -- dan geldt de datum van de poststempel als de datum waarop uw bezwaar is ingediend. De fiscus is van oordeel dat een bezwaarschrift moet zijn ondertekend om geldig te zijn. In een arrest van juni dit jaar heeft het Hof van Cassatie echter geoordeeld dat een bezwaarschrift zonder een originele handtekening toch geldig is. Dat betekent dat u voortaan in principe ook een bezwaar kunt indienen via e-mail of een fax. Maar om discussies te vermijden, is het raadzaam dat toch te doen met een ondertekende brief. Zodra uw bezwaarschrift bij de gewestelijke directeur is aangekomen, krijgt u daarvan een ontvangstbewijs. Er is geen wettelijke termijn waarbinnen de gewestelijke directeur een uitspraak moet doen. Heeft hij geen beslissing genomen binnen de zes maanden na de ontvangst, dan kunt u het fiscale geschil voor de rechter brengen en een vordering inleiden bij de fiscale kamer van de rechtbank van eerste aanleg. JOHAN STEENACKERSOm te wijzen op een eenvoudige vergissing hoeft u geen bezwaarschrift in te dienen.