Toen Nyrstar in de herfst van 2007 tegen een introductiekoers van 20 euro naar de beurs trok, maakte de zinkverwerker spectaculaire winsten, omdat hij tarieven van meer dan 300 dollar per ton kon aanrekenen. In die tijd stond de zinkprijs nog hoog en waren de mijnbouwgroepen nog bijzonder vrijgevig. Na zijn beursgang stapelde Nyrstar de tegenslagen op. De crisis van 2008 en 2009 deed de vraag en dus ook de prijzen kelderen. Van die klap lijkt de groep nog altijd niet hersteld te zijn.
...

Toen Nyrstar in de herfst van 2007 tegen een introductiekoers van 20 euro naar de beurs trok, maakte de zinkverwerker spectaculaire winsten, omdat hij tarieven van meer dan 300 dollar per ton kon aanrekenen. In die tijd stond de zinkprijs nog hoog en waren de mijnbouwgroepen nog bijzonder vrijgevig. Na zijn beursgang stapelde Nyrstar de tegenslagen op. De crisis van 2008 en 2009 deed de vraag en dus ook de prijzen kelderen. Van die klap lijkt de groep nog altijd niet hersteld te zijn. Eerst leed Nyrstar onder de wereldwijde overcapaciteit in de raffinage, wat de mijnbouwgroepen de kans gaf lagere prijzen te bedingen bij de verwerkers. Die overcapaciteit lijkt weggewerkt. De prijzen zijn dit jaar weer met 10 procent gestegen, tot 210,50 dollar per ton. Minder gunstig is dat die tarieven gekoppeld zijn aan de prijs van een ton zink, die al sinds begin maart onder 2000 dollar noteert. In 2007 was een ton zink nog tussen 3000 en 4000 dollar waard. Die sterke daling is te wijten aan het overaanbod aan ijzererts. Nyrstar is niet bij de pakken blijven zitten. Sinds 2009 heeft het onder impuls van Roland Junck, de voormalige CEO van ArcelorMittal, belangrijke maatregelen genomen. Zo heeft de groep haar traditionele activiteiten uitgebreid met mijnontginning. Na een hele reeks overnames is Nyrstar uitgegroeid tot de vijfde producent van ijzererts ter wereld. Maar toen de productie begon te versnellen, zaten veel van de overgenomen mijnen nog in de opstartfase. Dat veroorzaakte heel wat problemen. Na een moeilijk 2012 is 2013 een echt rampjaar geworden voor Nyrstar. Een exploitatievergunning in Mexico liep af, de financiële situatie van een Finse partner verslechterde en er werden minder rijke ertsen gedolven dan verwacht. In het eerste halfjaar zijn de productiekosten van de mijnbouwactiviteiten opgelopen met 36 procent tot 1572 dollar per ton zink. Van alle mijnen van Nyrstar heeft slechts één de beoogde productiekostprijs van minder dan 1000 dollar voor 2012 gehaald. De mijnbouwactiviteiten van Nyrstar richten zich overigens ook op andere metalen, zoals goud. De productiekosten daarvan zijn in het eerste halfjaar gestegen tot 3763 dollar per ounce, bijna het drievoud van de huidige koers van het edelmetaal. De mijnbouwstrategie, die aanvankelijk goed werd onthaald omdat die de marge per verwerkte ton kon doen stijgen, kan de markten niet langer bekoren. Er zijn twijfels gerezen over de beslissingen van Roland Junck. Patrick Casselman, equity strategist bij KBC Securities, wees Nyrstar onlangs aan als een van de Belgische groepen die op de beurs gebaat kunnen zijn door het vertrek van hun CEO. Goldman Sachs gaf vorige week een verkoopadvies voor het aandeel. Het nieuwe plan van Nyrstar om meer dan een half miljard te investeren in zijn industriële uitrusting om de recuperatie van bijproducten te verbeteren, heeft dus nauwelijks kunnen overtuigen, ook al verwacht de groep dat die investeringen een nettorendement van 25 à 30 procent per jaar genereren. Als dat plan een klinkend succes wordt, kan de operatie de winst van de groep doen stijgen met 160 miljoen per jaar. Een niet te verwaarlozen bedrag, dat niettemin moet worden vergeleken met het nettoverlies van meer dan 90 miljoen in de eerste zes maanden van dit jaar. Sinds vorig jaar staat de zinkprijs onder druk door de wereldwijde overcapaciteit, doordat het aanbod sterker is gestegen dan de vraag. Daartegenover staat dat enkele belangrijke zinkmijnen stilaan aan het einde van hun levensduur komen, wat maakt dat 11 procent van de wereldwijde productie in 2012 verdwenen is tegen 2016. De continue toename van het wereldwijde zinkaanbod zou tot stilstand moeten komen in 2015. Wat de vraag betreft, rekenen de zinkspecialisten uiteraard op China, het eldorado van de grondstoffen. Paradoxaal genoeg is de volwassenwording van de Chinese economie met een vertraging van de groei misschien een goed teken voor zink, dat vooral wordt afgezet in de sectoren van de bouw (50 % van de wereldwijde consumptie), de transportmiddelen en de huishoudelijke producten. Zink wordt voor meer dan de helft gebruikt in de vorm van gegalvaniseerd staal, en het galvanisatieproces slorpt de helft van de wereldwijde zinkproductie op. Momenteel wordt in China 5 procent van het staal gegalvaniseerd, veel minder dan in Europa of de Verenigde Staten, waar het aandeel 18 procent bedraagt. Wereldwijd is ook de oprukkende verstedelijking gunstig voor de zinkvraag, aangezien voor hoogbouw tien keer meer staal per vierkante meter wordt gebruikt dan voor traditionele woningen. Dat staal moet worden beschermd tegen corrosie via galvanisering, die de levensduur van het materiaal vermenigvuldigt met twaalf. Ook al eindigt 2013 met een sterk nettoverlies en lijkt 2014 opnieuw moeilijk te worden, toch zijn de vooruitzichten van Nyrstar op lange termijn veel minder somber dan de koers van 3 euro per aandeel kan doen vermoeden. Zodra de zinkprijs herstelt, kan het dubbel profiteren van zijn historische activiteiten in raffinage en in de mijnontginning. Nyrstar is dus koopwaardig voor een belegging op lange termijn. CÉDRIC BOITTEZodra de zinkprijs herstelt, kan Nyrstar dubbel profiteren van zijn historische activiteiten in raffinage en in de mijnontginning.