Bestuurders van vennootschappen die zelf optreden in de vorm van een vennootschap, mogen in de praktijk kiezen om zich wel of niet als btw-plichtigen te laten registreren. Een wijziging van die keuze is slechts uitzonderlijk mogelijk.
...

Bestuurders van vennootschappen die zelf optreden in de vorm van een vennootschap, mogen in de praktijk kiezen om zich wel of niet als btw-plichtigen te laten registreren. Een wijziging van die keuze is slechts uitzonderlijk mogelijk. Wie geregeld en zelfstandig goederen levert of diensten verricht, heeft de hoedanigheid van btw-plichtige. Hij moet dus, normaal gezien, btw aanrekenen en de ontvangen btw doorstorten naar de schatkist. Logischerwijs moet hij ook alle formaliteiten vervullen die met de hoedanigheid van btw-plichtige samenhangen. Daartoe behoren het aanvragen van een btw-identificatienummer, het indienen van periodieke btw-aangiften, enzovoort. De hoedanigheid van btw-plichtige veroorzaakt niet alleen kommer en kwel. Zij heeft ook voordelen. Wie btw-plichtig is, heeft in principe recht op recuperatie van de btw die hij zelf aan zijn leveranciers betaalt. Dat recht bestaat uiteraard alleen zolang men handelt binnen de uitoefening van zijn economische activiteit. Een schoenhandelaar die privé aankopen doet in het grootwarenhuis, kan de betaalde btw niet recupereren. Hij handelt dan niet als btw-plichtige, wel als eindverbruiker. Maar wanneer hij schoenen aankoopt om die verder te verkopen, heeft hij wel recht op recuperatie van de betaalde voorbelasting. Hetzelfde geldt, als hij rekken koopt om zijn voorraad schoenen te stockeren, of een kasregister voor zijn winkel. Dat recht op recuperatie maakt dat onze schoenhandelaar zijn economische activiteit kan uitoefenen, zonder dat de betaalde voorbelasting een kostprijselement vormt. Het maakt zijn exploitatie goedkoper. Normaal gezien, heeft men er dus alle belang bij als btw-plichtige aangemerkt te worden: het geeft toegang tot de fel begeerde recuperatie van de betaalde voorbelasting. Zij het dat het voordeel soms niet opweegt tegen de bijkomende administratieve lasten. Bijvoorbeeld als men maar weinig voorbelasting heeft. Wie in een vennootschap een bestuurdersfunctie uitoefent, heeft normaal gezien het statuut van zelfstandige. Het uitoefenen van zo'n functie impliceert het verrichten van een aantal diensten, waaronder die van een lasthebber. Alle ingrediënten zijn dus ogenschijnlijk aanwezig om vennootschapsbestuurders ook als btw-plichtigen aan te merken. Nochtans is men er altijd van uitgegaan dat zij geen btw-plichtigen zijn. Zeker niet, als zij optreden als natuurlijke persoon. Een kleine twintig jaar geleden veroorzaakte de regering vuurwerk door in het kader van de destijds doorgevoerde btw-hervorming doodleuk aan te kondigen dat bestuurders voortaan altijd als btw-plichtigen aangemerkt zouden worden, ook als het om natuurlijke personen ging. Maar dat brandje werd snel geblust. Hoe? Door te verklaren dat bestuurders die in de gewone uitoefening van hun statutaire opdracht handelen en optreden als orgaan van de vennootschap, op btw-gebied niet de vereiste zelfstandigheid hebben om als btw-plichtigen aangemerkt te kunnen worden. Althans niet voor zover zij optreden als natuurlijke persoon. Zij worden bijgevolg, zoals voorheen, niet als btw-plichtigen aangemerkt. Aan bestuurders die zelf optreden in de vorm van een vennootschap, werd de keuze gelaten: zij mogen, maar moeten zich niet laten registreren als btw-plichtigen. Onlangs heeft de belastingadministratie laten weten dat deze keuze in principe onherroepelijk is. Een bestuurder/vennootschap kan dus niet, naar het uitkomt, nu eens wel en dan weer niet de pet van btw-plichtige opzetten. Eens btw-plichtig, altijd btw-plichtig. En omgekeerd: zodra ervoor geopteerd wordt om buiten het btw-stelsel te blijven, blijft men in principe uitgesloten. Maar de adminis-tratie zet de deur nog wel op een kier: een wijziging kan toch nog, als onomstotelijk bewezen wordt dat de bedrijfseconomische situatie grondig gewijzigd is, en die wijziging een herziening van de initiële keuze rechtvaardigt. De wijziging moet met een gemotiveerd schrijven aangevraagd worden aan het lokale btw-controlekantoor, dat daarover vervolgens zal beslissen. Jan Van Dyck - Advocaat en hoofdredacteur van FiscoloogJan Van DyckBestuurders/vennootschappen kunnen kiezen, maar hun keuze is in principe onherroepelijk.