Copyright: The Economist.
...

Copyright: The Economist. Dat de Britse koningin Elisabeth het ridderschap wil toekennen aan de oprichter van Microsoft, Bill Gates, lijkt een passend besluit. In Gates wordt ridderlijke filantropie op een ongekende schaal gekoppeld aan een lang en indrukwekkend krijgsverleden. In de loop der jaren heeft hij komaf gemaakt met menig concurrent, aanvallen van alle kanten afgeslagen en is hij altijd als overwinnaar uit de strijd gekomen. Het opmerkelijkste succes van Microsoft - het feit dat het met zijn Windows-software een monopolie wist te vestigen in de besturingssystemen voor pc's - leidde ook tot de felste strijd van allemaal, toen het bedrijf er door de mededingingsautoriteiten van beschuldigd werd zijn dominante positie te misbruiken. En nu maakt Microsoft zich op voor een afrekening in Europa, waar de onderneming er - eens te meer - van beschuldigd wordt om zijn Windows-monopolie te gebruiken. Ditmaal zou Microsoft zich meester willen maken van de markten voor mediaspelers en servers. Beide partijen zijn zich ervan bewust dat de uitkomst wel eens een invloed zou kunnen hebben op de wijze waarop software ontwikkeld en verkocht wordt, en op de manier waarop consumenten er gebruik van maken. De beslissing zal zeker een invloed hebben op de wijze waarop mededingingsklachten in de toekomst gevonnist zullen worden. De zaak van de Europese Commissie tegen Microsoft wordt uiteengezet in een vertrouwelijk document, dat het Britse blad The Economist kon inkijken. Het document bouwt voort op twee eerdere documenten van de Commissie, waarin het softwarebedrijf ervan beschuldigd werd op twee domeinen de concurrentie te verstoren. In de eerste plaats voert de Commissie aan dat Microsoft probeerde zijn desktopmonopolie uit te breiden naar de markt van de werkgroepservers (file-, print-, mail- en webservers) door de communicatieprotocollen, waardoor de pc en de serverproducten met elkaar kunnen praten, geheim te houden. "Zonder die informatie zou alternatieve serversoftware gelijke kansen ontzegd worden, omdat die dan verstoken blijven van de mogelijkheid om alleen op basis van technische verdienste te concurreren met de producten van Microsoft," waarschuwde de Commissie in 2001. Ten tweede werd Microsoft ervan beschuldigd te proberen zijn monopolie uit te breiden naar de markt van de mediaspelers door zijn Windows Media Player ( WMP) in te bouwen in Windows. Op die manier zorgt het bedrijf ervoor dat de mediaspeler geïnstalleerd werd in meer dan 95 % van alle nieuwe pc's. Rivaliserende producten, zo merkt de Commissie op, genieten dat voordeel niet. Bovendien kon de mediaspeler niet uit het systeem verwijderd worden. "Dat leidde tot een verzwakking van de effectieve mededinging op de markt en... Tot minder innovatie," zo luidde het besluit. Het jongste document toont aan hoezeer de mediaspeler en de server van Microsoft erop vooruitgegaan zijn ten koste van hun rivalen. Het bevestigt dat Microsoft zijn pc-overwicht aanwendt op de markt van de software voor werkgroepservers en dat WMP zijn belangrijkste rivaal op de mediaspelermarkt, RealNetworks, heeft ingehaald. Vernietigend is vooral het commentaar van de leveranciers van media content. Zij zeggen dat de kostprijs om verschillende mediaformaten te ondersteunen (bijvoorbeeld als men videoclips wil aanbieden op een website) leidt tot een winner takes all-markt, waarop een nieuwe mediaspeler maar moeilijk kan binnendringen. Het argument dat de nuttige effecten van de integratie van WMP in Windows veel groter zijn dan de nadelige gevolgen ervan voor de mededinging, wordt van de hand gewezen. De Commissie merkt veelbetekenend op dat de integratie van WMP in Windows "signalen uitzendt die innovatie ontmoedigen" in eender welke technologie die Microsoft in de toekomst eventueel zou koppelen aan Windows. De Commissie stelt een aantal maatregelen voor. De meest simpele daarvan is een boete die "de ernst en de duur" van de inbreuk weerspiegelt. Volgens de Europese concurrentieregels kunnen overtreders een boete oplopen die tot 10 % van hun jaarlijkse wereldwijde omzet kan gaan. In het geval van Microsoft zou dat neerkomen op 3 miljard dollar. Bovendien zou Microsoft verplicht worden om zijn communicatieprotocollen voor servers op een "redelijke en niet-discriminerende" wijze in licentie te geven aan concurrenten. Dat stemt overeen met de regeling die Microsoft in Amerika bereikte. Daar werd het softwarebedrijf ook verplicht om sommige van zijn protocollen in licentie te geven. Microsoft ging er onlangs mee akkoord om zijn licentieprogramma te vereenvoudigen en uit te breiden om ruimere toepassing aan te moedigen. Critici hadden erover geklaagd dat de eerdere licentievoorwaarden zo ingewikkeld waren, dat amper elf ondernemingen erop ingetekend hadden. Na de aankondiging verklaarde de rechter die het Amerikaanse vergelijk superviseert, dat ze tevreden was over de inspanningen die door de onderneming geleverd werden om zich naar de regeling te schikken. Veel controversiëler is echter de maatregel die de Commissie voorstelt om de integratie van WMP in Windows aan te pakken. Ze stelt twee alternatieven voor: enerzijds Microsoft ertoe verplichten om ook een versie van Windows zonder WMP op de markt te brengen en anderzijds Microsoft ertoe verplichten om de mediaspeler van zijn belangrijkste rivalen te integreren in elk exemplaar van Windows. De hamvraag is natuurlijk of Microsoft wel op legitieme wijze andere stukken software in Windows kan integreren. De onderneming voert aan dat ondersteuning voor het afspelen van audio- of videomateriaal deel uitmaakt van de kernfunctionaliteit van Windows. Ze wijst er bovendien op dat pc-fabrikanten gerechtigd zijn om behalve WMP ook mediaspelers te installeren die gemaakt werden door andere firma's. Hewlett-Packard sloot onlangs bijvoorbeeld een overeenkomst om de muzieksoftware iTunes van Apple op zijn nieuwe pc's te installeren. Zulke overeenkomsten zijn echter eerder de uitzondering dan de regel. In december 2003 diende RealNetworks zelf een antitrustclaim van 1 miljard dollar in tegen Microsoft. Het klaagt erover dat het door de koppeling van WMP aan Windows uit de mediaspelermarkt gedrongen wordt, net zoals Netscape uit de browsermarkt gewrongen werd. Eigenlijk bestaat er geen doeltreffend afweermiddel tegen zulke koppelingen, tenzij men het product helemaal zou openbreken. Als Microsoft ertoe gedwongen wordt om spe- ciaal voor Europa een Windows zonder WMP (of een ander onderdeel) op de markt te brengen, dan zouden de Europese consumenten opgezadeld worden met een minderwaardig product. Men kan bezwaarlijk beweren dat zoiets in hun belang is. In elk geval zou het waarschijnlijk leiden tot het ontstaan van een grijze markt waarop volledige versies van Windows worden aangeboden van buiten Europa. Ook de verplichte integratie van concurrerende mediaspelers schept problemen. Want welke andere spelers zijn dat dan? Waarschijnlijk die met het grootste marktaandeel, maar ook dat verstoort de concurrentie. Wat meer is: WMP zou nog altijd alomtegenwoordig zijn. Als het echter niet tot een vergelijk komt en de verwachte negatieve beslissing wordt uitgevaardigd (waarschijnlijk in maart), dan zal Microsoft in beroep gaan. De zaak zal dan eerst voorkomen voor de rechtbank van eerste aanleg in Luxemburg en (aangenomen dat Microsoft opnieuw verliest) daarna verschoven worden naar het Europees Hof van Justitie. En dat zou jaren in beslag nemen. Intussen maakt de onderneming zich op voor de strijd tegen een nieuwe en krachtige concurrent: Google. Google domineert de markt van de internetzoekmachines. Het is de meest bezochte zoeksite, goed voor 35 % van alle bezoekjes aan zoekmachines. De technologie van Google wordt ook gebruikt om opzoekingen aan te drijven op andere sites, zoals Yahoo! en AOL. Als we ook daarmee rekening houden, is Google verantwoordelijk voor 80 % van alle internetopzoekingen. De onderneming bereidt zich nu voor op een beursgang in de komende maanden (zie Strategie, blz. 64). De macht van Google maakt het nu net tot het soort van bedrijf dat Microsoft doorgaans probeert te verpletteren. Op het World Economic Forum in Davos gaf Bill Gates toe dat de opzoektechnologie van Google "veruit beter" is dan die van Microsoft en hij bestempelde internetzoekfuncties als een determinerend aandachtspunt voor zijn onderneming. Microsoft biedt al zoekbewerkingen aan via zijn webportaal MSN (15 % marktaandeel), maar tot enkele weken geleden moest het nog altijd zijn dominantie op de markten van de browsers en de besturingssystemen aanwenden om het toepassingsgebied van zijn opzoekingdiensten uit te breiden. Daarin kwam verandering op 26 januari, toen Microsoft een toolbar lanceerde voor zijn browser, Internet Explorer. Nu kan een gebruiker vanaf eender welke webpagina opzoekingen doen via MSN. Het is een imitatie van de toolbar van Google, die een aanzienlijke bijdrage heeft geleverd tot het succes van de zoekmachine. Het is net als vastgoed: het is de locatie waar het om gaat. Aanvankelijk gaat het bij de MSN-toolbar om een gratis, optionele download, net zoals dat ooit het geval was voor de browser en de mediaspeler van Microsoft. De volgende stap is onvermijdelijk de integratie van die zoekfuncties in Windows. Met het argument dat ze deel uitmaken van de kerntechnologie van het besturingssysteem. Met andere woorden: Microsoft maakt zich eens te meer op om zijn overwicht op het vlak van browsers en besturingssystemen te gebruiken om zichzelf te promoten op weer een afzonderlijke markt, ten koste van zijn concurrenten. Is dat koppeling? Het is best mogelijk dat binnen een aantal jaren de argumenten die nu gehoord worden in de Amerikaanse en Europese zaken opnieuw de kop opsteken omdat er in de tussentijd maar geen oplossing gevonden is. Microsoft zal beweren dat het niets verkeerds gedaan heeft, terwijl de concurrentie schande roept en de verweerde regelgevers nieuwe onderzoeken instellen. En inderdaad, de Europese mededingingsautoriteiten zijn niet het eindpunt. Regelgevers in Brazilië en Israël zijn hun potloden al aan het slijpen en Microsoft wordt ook nog eens geconfronteerd met een aantal hangende burgerlijke rechtszaken. In al die gevallen luidt de aanklacht: misbruik van het Windows-monopolie. Komt er dan nooit een einde aan? Copyright The EconomistDe Europese Commissie wil Microsoft ertoe verplichten om ook een versie van Windows zonder mediaspeler op de markt te brengen of de mediaspeler van de belangrijkste rivalen te integreren in Windows. De MSN-toolbar is nu nog een optionele download, maar de volgende stap is onvermijdelijk de integratie in Windows.