590 miljoen euro winst in het tweede kwartaal, dat hadden de beursanalisten verwacht. KBC pakte echter uit met 721 miljoen euro kwartaalwinst. De winstmachine van KBC lijkt niet te stoppen. Ook al baart de lage rente veel banken zorgen. Ook de recente stresstests konden het wantrouwen in de banken niet wegnemen. Veel investeerders plaatsen grote vraagtekens bij de toekomstige rendabiliteit en het businessmodel van de banksector.
...

590 miljoen euro winst in het tweede kwartaal, dat hadden de beursanalisten verwacht. KBC pakte echter uit met 721 miljoen euro kwartaalwinst. De winstmachine van KBC lijkt niet te stoppen. Ook al baart de lage rente veel banken zorgen. Ook de recente stresstests konden het wantrouwen in de banken niet wegnemen. Veel investeerders plaatsen grote vraagtekens bij de toekomstige rendabiliteit en het businessmodel van de banksector. In die zin lijkt KBC een buitenbeentje. De groep bevestigde haar reputatie van performante bank-verzekeraar. Alle landen en alle activiteiten droegen bij tot de winst, onderstreepte CEO Johan Thijs. KBC profiteert duidelijk van de diversificatie van zijn inkomstenbronnen, die zowel komen uit klassieke bankproducten, verzekeringen als beleggingen. Ook in kostenbeheersing is KBC een voorbeeld. Ondanks de lage rente slaagde KBC erin de rente-inkomsten in de eerste twee kwartalen van 2016 stabiel te houden op telkens 1,07 miljard euro. Dat lukte in de eerste plaats doordat de financieringskosten daalden. KBC verlaagde onder andere de rente op zijn spaarboekjes tot het wettelijke minimum van 11 basispunten. Daar zit dus geen rek meer op en dat ontlokte een zure oprisping bij CEO Johan Thijs: "Ik lees dat de overheid geld op tien jaar kan ontlenen tegen 10 basispunten, terwijl ze ons verplicht 11 basispunten rente te geven op geld dat dagelijks opvraagbaar is." Een tweede verklaring is een nieuwe golf van geherfinancierde woonkredieten. In de eerste jaarhelft herfinancierde KBC voor 2,4 miljard euro woonkredieten. Klanten moeten daarop een wederbeleggingsvergoeding betalen, en die boekt de bank direct als inkomsten. Dat leverde 27 miljoen op. Op langere termijn zijn de geherfinancierde woonkredieten negatief voor de rente-inkomsten. Ten derde kon KBC op jaarbasis 4 procent meer kredieten toekennen. Ondanks de commerciële druk gebeurde dat tegen aanvaardbare marges. Enkel in woonkredieten zag KBC zijn kredietmarge dalen, in commerciële en bedrijfskredieten bleef ze stabiel. De netto- rentemarge van KBC Groep bedroeg 1,94 procent in het tweede kwartaal, tegen 1,96 procent in het eerste kwartaal en 2,06 procent in het tweede kwartaal van 2015. Dat toont dat de marge-erosie gestaag voortgaat. In verzekeringen viel vooral de groei van 7 procent in schadeverzekeringen op. In levensverzekeringen was er op kwartaalbasis achteruitgang, maar in vergelijking met het tweede kwartaal van 2015 is er 33 procent groei. Naast de inkomsten presteerde KBC ook sterk aan de kostenzijde. Exclusief de banktaksen slaagde de bankverzekeraar erin zijn kosten stabiel te houden op circa 850 miljoen euro per kwartaal. En dat ondanks de investeringen in de digitalisering en IT, en een loonindexering. "Helaas doet de extra bankentaks van 38 miljoen euro in België al deze inspanningen teniet", klaagde Thijs. Nog een belangrijke factor is de kwaliteit van de kredietportefeuille. Daardoor moet de bank nauwelijks verliezen op slechte leningen afschrijven. In het tweede kwartaal waren er amper voor 7 basispunten aan kredietverliezen. Dat is een historisch laag peil. "We zijn een performante en winstgevende bank-verzekeraar", concludeerde Thijs. "En omdat we vertrouwen hebben in de winstgevendheid, hebben we beslist in november een interim-dividend van 1 euro bruto toe te kennen." KBC blijft bij zijn voornemen om vanaf het lopende boekjaar minstens de helft van de geconsolideerde winst uit te keren. Dat had in principe moeten resulteren in een dividenduitkering in mei 2017. Het interim-dividend is daarop een voorschot, dat volgens Thijs het vertrouwen van het management in de slagkracht van de instelling bewijst. PATRICK CLAERHOUT