Altijd voorbereid op het ergste. Zo zijn ze, die economen. Ze hebben alle recessies voorspeld die zich ooit hebben voorgedaan. Op dat vlak is hun trackrecord onberispelijk. Alleen hebben ze nog meer recessies voorspeld die zich nooit hebben voorgedaan. Wie altijd regen voorspelt, krijgt af ten toe gelijk.
...

Altijd voorbereid op het ergste. Zo zijn ze, die economen. Ze hebben alle recessies voorspeld die zich ooit hebben voorgedaan. Op dat vlak is hun trackrecord onberispelijk. Alleen hebben ze nog meer recessies voorspeld die zich nooit hebben voorgedaan. Wie altijd regen voorspelt, krijgt af ten toe gelijk. Misschien is het omdat slecht nieuws en rode cijfers meer aandacht krijgen dan de goede, en dat daarom de ene economenhand (gevuld met slecht nieuws en risicofactoren) een groter gewicht krijgt in de eindbalans dan de andere hand (gevuld met goed nieuws en positieve elementen). En nu de conjunctuur over de top gaat, zal het slechte nieuws snel de overhand krijgen. De waarheid hoeft niet verbloemd te worden - net zoals politici de kiezer geen rad voor de ogen mogen draaien - maar overdreven zwartgalligheid is te missen als kiespijn. Want pessimisme kweekt pessimisme. Sombere bedrijfsleiders en consumenten schrijven aldus zelf het scenario dat ze vrezen. Niemand weet waar het eindigt als de geest uit de fles is. Economie is een gedragswetenschap, en geen econometrisch model kan de hoop en wanhoop in wiskundige formules vatten. Buikgevoel is en blijft een van de belangrijke analyse-instrumenten. In ieder geval zijn er voldoende redenen om optimisme een kans te geven de komende maanden. Ja, er staat een groeivertraging voor de deur, dat staat buiten kijf. De economische afkoeling die in de VS begonnen is, zal zich verspreiden over de hele aardbol, Europa inbegrepen. Maar het gaat om een adempauze, om een knik in de opwaartse cyclus, die begon in 2001, en de komende jaren een verlengstuk zal krijgen. Vraag is: dendert de wereldeconomie verder als de locomotief (de VS) tijdelijk gas moet terugnemen? Want Europa en Japan doen het niet slecht, maar de rol van de VS overnemen, is misschien wat hoog gegrepen. Maar hoeft dat nog wel? Wie weet nemen de ontluikende economieën - China, India, Brazilië en Rusland op kop - de rol van locomotief van de wereldeconomie over. Het zou een primeur zijn dat de jonge garde het voortouw neemt, maar het past perfect in de tijdgeest om van die rol al eens te proeven. Trouwens, de meeste van deze jonge tijgers heeft betere economische fundamentals dan een aantal van de oude leeuwen in het Westen. In een door handel en kapitaalstromen verweven wereldeconomie is een groeivertraging een besmettelijk virus. Maar ook omgekeerd verspreidt de economische dynamiek in Azië of Zuid-Amerika zich als een lopend vuurtje over de wereld. De komende maanden moet duidelijk worden of dit vuur van de ontluikende economieën sterk genoeg is om het recessievirus in de kiem te smoren. De globalisering is nog een relatief nieuwe, onbekende en daarom onderschatte kracht. "Deze keer is het anders," zijn de vijf woorden die de meeste waarde vernietigen op de financiële markten. De conjunctuurcyclus is nochtans niet dood, ook niet in een globale economie. Maar de oude modellen en vuistregels hebben wel een grondige opknapbeurt nodig. De hoge olieprijzen bijvoorbeeld waren tot nu en tot ieders verbazing eerder een zegen dan een vloek voor de groei van de wereldeconomie. De wereldeconomie is geen kaartenhuisje, maar rust op stevige fundamenten. Dat heeft ze de voorbije jaren genoeg bewezen. Daan Killemaes