De aanvang van de sociale herfst was vrij hevig. Eerst waren er de gespierde verklaringen uit ABVV- en AVC-hoek over de loonnorm. Doel: de rigiditeit ervan doorbreken. Vervolgens kwamen op vrijdag 11 september 30.000 mensen in de hoofdstad op straat om te betogen voor hogere sociale uitkeringen. De Leuvense professor Roger Blanpain (65 j.) blijft de hele problematiek rond arbeidsverhoudingen en alles daarrond volgen, met evenveel passie en kritische zin, ook al wordt hij begin oktober emeritus. "Toch blijf ik zeggen wat ik denk en denken wat ik zeg," zegt Blanpain. "Maar, celui qui dit la vérité, il doit être executé. Dat besef ik. Het weze zo."
...

De aanvang van de sociale herfst was vrij hevig. Eerst waren er de gespierde verklaringen uit ABVV- en AVC-hoek over de loonnorm. Doel: de rigiditeit ervan doorbreken. Vervolgens kwamen op vrijdag 11 september 30.000 mensen in de hoofdstad op straat om te betogen voor hogere sociale uitkeringen. De Leuvense professor Roger Blanpain (65 j.) blijft de hele problematiek rond arbeidsverhoudingen en alles daarrond volgen, met evenveel passie en kritische zin, ook al wordt hij begin oktober emeritus. "Toch blijf ik zeggen wat ik denk en denken wat ik zeg," zegt Blanpain. "Maar, celui qui dit la vérité, il doit être executé. Dat besef ik. Het weze zo." TRENDS. Zolang de regering de loonnorm toepast, is er weinig of geen ruimte voor salarisverhogingen. Het ABVV liet echter weten dat het hoogtijd is om de loonnorm los te laten, het ACV vindt dat dit op zijn minst bespreekbaar moet zijn. En het VBO zorgde meteen voor lik op stuk: wie aan de loonnorm raakt, zit grondig fout. Is het verantwoord dat de vakbonden zo gretig over de horde van de loonnorm willen springen? ROGER BLANPAIN (KU LEUVEN). Het opleggen van een loonnorm is gewoon een aberratie. Het zijn de bedrijven die best weten wat een werknemer waard is op de markt en wanneer er ruimte is voor een eventuele loonsverhoging. De toegevoegde waarde van de werknemer moet worden beloond en niet zozeer de leeftijd, want dat maakt oudere werknemers onbetaalbaar. De CAO's die de minima vastleggen, zouden er rekening mee moeten houden. Overigens controleert de regering de loonmatiging nauwelijks. Heeft iemand al berekend wat de impact is van de vorming, van de arbeidsduurvermindering of van de index op de lonen? Vandaar de vraag: weet men precies wat de loonkosten zijn? En weet de overheid dat ze zich daarmee niet hoeft in te laten? Reeds in de jaren tachtig werd de regering- Martens-Verhofstadt door de IAO ( Internationale Arbeidsorganisatie) veroordeeld omdat ze zich te veel bezighield met die problematiek. De loonnorm is een intellectuele spielerei van Fons Verplaetse, die meent dat hij daarmee voor een deel macro-economische controle in huis heeft. Terwijl het IAO, qua lonen, pleit voor een vrij autonoom collectief overleg. Het heeft dus ook geen zin meer onze lonen te vergelijken met die van onze buurlanden?Omdat zo'n vergelijking te relatief is, ben ik er niet voor. Wie vergelijkt met wat er net over de grens gebeurt, vergelijkt met gemiddelden. Welke onderneming is in een gemiddeld loon geïnteresseerd? Bedrijven denken niet in termen van gemiddelden. Ik denk dat de wet op de loonnorm niet aan herziening toe is, ze kan maar best meteen worden afgeschaft. Over lonen moet men vrij kunnen onderhandelen, ze moeten niet opgelegd worden van bovenaf.Als u de loonpolitiek volledig decentraliseert naar het niveau van de bedrijven, dan zien de vakbonden de bui al hangen en mag vooral gevreesd worden voor een neerwaartse druk op de lonen. Zijn dit in zekere zin 'Engelse toestanden'?Lonen zijn een competitief gegeven bij uitstek. Het gaat er bedrijven vooral om zo goed mogelijk te produceren tegen de laagst mogelijke kosten. Is dat hier, dan is dat hier. Maar kan het beter net over de grens, dan doen ze dat net over de grens. Het loonvoordeel wordt voortdurend uitgespeeld op het niveau van de verschillende Europese staten. Op dat vlak zijn de lidstaten geen bondgenoten, maar concurrenten. Bij herhaling heb ik gewaarschuwd voor de te verregaande sociale gevolgen van een dergelijke politiek. Een Europees sociaal model dat dient als een vangnet voor de zwaksten, lijkt me daarom een pure noodzaak. Laat ons ten slotte niet vergeten dat de Europese Unie na Maastricht en Amsterdam haar bevoegdheden inzake loonpolitiek en loonkosten bij de lidstaten heeft gelaten. Het sociale Europa moet dat compenseren, door bijvoorbeeld een bovenbouw in te lassen (waarbij de fundamentele rechten worden beschermd) en een onderbouw die de zwakste verdieners alsnog in bescherming neemt. In deze tijd van wild sociaal kapitalisme is dat noodzakelijk. Zoals Renault ons heeft geleerd: sociale dumping is nooit ver af? Elk land in Europa kan bedreigd worden door een asymmetrische schok - experts hebben daarop gewezen. Vooral bij landen of regio's die "competitief" achterblijven omdat de lonen of de loonlasten bijvoorbeeld te hoog liggen, kan een dergelijke schok zich voordoen. En België is daar bepaald niet vrij van. Vroeger kon een land nog reageren met een devaluatie van zijn munt, maar de euro maakt dat onmogelijk. Landen of regio's die het slachtoffer zouden kunnen worden van een dergelijke schok, doen er goed aan buffer funds aan te leggen om hun handicap te financieren. Finland is daarop voorbereid. Maar waar zou België het geld vandaan moeten halen voor een dergelijk fonds? Gesteld dat men eraan zou denken, natuurlijk. Bent u optimistisch of pessimistisch omtrent het Belgische model van sociaal overleg?Noch optimistisch noch pessimistisch, maar wel realistisch. Medezeggenschap is in hoofde van de werknemers steeds meer een illusie. Er is in de huidige context geen plaats meer voor een echt voorafgaand overleg. Alsof dat al niet erg genoeg is, schieten te veel bedrijven ook in hun vormingsplicht tekort. Louis Schweitzer mag wat mij betreft achter de tralies, niet zozeer omdat hij Vilvoorde sluit, maar veel meer omdat de werknemers niet opgeleid waren voor een nieuwe baan. Heeft u het gevoel dat u, na uw kortstondige politieke loopbaan in het parlement, meer heeft kunnen bereiken van aan de zijlijn dan van in ons belangrijkste politieke halfrond?Ik heb in twee jaar parlementaire carrière vijftig tot zestig wetsvoorstellen ingediend, waarvan het gros is afgesprongen. Als parlementair haakte ik af omdat de impact op de besluitvorming quasi nul was. Als prof ben ik het aan mijzelf en de maatschappij verplicht om de academische waarheid te vertellen, onafhankelijk, wars van welke belangengroep dan ook. Pas nadat je de politiek verlaat, merk je hoeveel van je eigen ideeën er sluimerend of stiekem worden geconcretiseerd "onder andere auspiciën". Het antwoord op uw vraag is dus: ja. KAREL CAMBIEN