Onder het mom van ecologische bekommernis, wordt de belasting op bedrijfswagens aangepast. De regering beweert dat het nieuwe systeem voordeliger is voor de bedrijven die vandaag al een solidariteitsbijdrage betalen op de bedrijfswagen, maar dat is in de meeste gevallen een enorme leugen. Degenen die er totnogtoe aan ontsnapten, zullen niet de enigen zijn die gestraft worden door de nieuwe forfaitaire belasting, die gebaseerd wordt op de CO2-uitstoot. Zoals blijkt uit de cijfers uit tabel 3 is het nieuwe systeem slechts gunstig in vijf op de twintig gevallen. In twee gevallen is de belasting zelfs ruim verdubbeld.
...

Onder het mom van ecologische bekommernis, wordt de belasting op bedrijfswagens aangepast. De regering beweert dat het nieuwe systeem voordeliger is voor de bedrijven die vandaag al een solidariteitsbijdrage betalen op de bedrijfswagen, maar dat is in de meeste gevallen een enorme leugen. Degenen die er totnogtoe aan ontsnapten, zullen niet de enigen zijn die gestraft worden door de nieuwe forfaitaire belasting, die gebaseerd wordt op de CO2-uitstoot. Zoals blijkt uit de cijfers uit tabel 3 is het nieuwe systeem slechts gunstig in vijf op de twintig gevallen. In twee gevallen is de belasting zelfs ruim verdubbeld. Het 'voordeel in natura' dat een bedrijfswagen oplevert, vertegenwoordigt vandaag nog forfaitair 5000 km per jaar voor loontrekkenden die op minder dan 25 km afstand van hun werk wonen en 7500 km voor de overige werknemers. Het bedrijf betaalt in principe een solidariteitsbijdrage van 33 % op dat voordeel in natura. Het jongste begrotingsconclaaf leverde een nieuw belastingstelsel voor bedrijfswagens op. De regering kleurt de nieuwe maatregel groen én wil iedere werkgever doen betalen die auto's ter beschikking stelt aan personeel. Nu zou twee derde van die werkgevers de solidariteitsbijdrage niet betalen. Zo'n uitlating doet fraude vermoeden. De waarheid is evenwel even eenvoudig als legaal: die werkgevers rekenen de bedrijfswagen door aan hun werknemers en wel precies evenveel als het voordeel in natura. Zo wordt dat voordeel herleid tot nul en 33 % solidariteitsbelasting op niets blijft niets. De werkgever betaalt een sociale bijdrage van 35 % op het loon, de werknemer zelf nog eens 13,07 %. Oorspronkelijk werd het voordeel, dat het gebruik van een bedrijfswagen oplevert, op fiscaal vlak niet op dezelfde manier bepaald als op sociaal vlak. Voor de fiscus bestaat dit 'voordeel van alle aard' niet alleen uit de kilometers die je strikt privé rijdt (bijvoorbeeld om boodschappen te doen of met vakantie te gaan), maar ook uit de trajecten die je tussen je huis en je werk aflegt. De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid ( RSZ) nam op zijn beurt alleen de strikte privé-kilometers als voordeel in overweging. Terwijl de fiscus tevreden was met een forfaitair gemiddelde, had er een individuele aanpak voor de sociale zekerheid moeten komen. Bijgevolg gaven talloze bedrijven de voertuigen niet bij de RSZ aan om de zaak eenvoudig te houden. Sinds 1 januari 1997 is een bedrijfswagen vrijgesteld van gewone sociale bijdragen, maar ze werden vervangen door een 'solidariteitsbijdrage' van 33 %, berekend op het 'voordeel van alle aard'. De valorisatie van het voordeel dat een bedrijfswagen oplevert, is gebaseerd op het fiscale vermogen van het voertuig en op het aantal kilometer dat de loontrekkende ieder jaar voor privé-doeleinden aflegt. Sinds de ministeriële circulaire van 5 februari 2004 zijn deze laatste forfaitair vastgesteld op 5000 km of 7500 km. Een voorbeeld: een VW Golf diesel van 1997 cm3 en 10 pk wordt getarifeerd op 0,2928 euro per km in het barema van de fiscale administratie (een bedrag dat ieder jaar geïndexeerd wordt). Als de werknemer op minder dan 25 km afstand van zijn werk woont, ziet hij 1464 euro per jaar als 'voordeel van alle aard' op zijn loonfiche verschijnen. Woont hij verder, wordt dat 2196 euro. Het bedrijf is een solidariteitsbijdrage verschuldigd van 33 % van dit voordeel: 483,12 of 724,68 euro. Steeds vaker wordt de bedrijfswagen, helemaal of gedeeltelijk, doorverrekend aan de gebruiker via een salarisverlaging. Deze 'facturatie' aan de werknemer vermindert het voordeel in natura of doet het zelfs verdwijnen. Meteen verkleint of verdwijnt ook de solidariteitsbijdrage van de werkgever. Vandaar de voorgestelde hervorming. Het hervormingsvoorstel is echter niet zo stevig gefundeerd. Het bedrijf dat de bedrijfswagen aan zijn gebruiker factureert, wil de minst belaste weg kiezen, merkt Olivier Debray ( Claeys & Engels) op. Dat is logisch, aangezien de facturatie van dit voordeel in natura zich afspeelt op het niveau van het nettoloon. Dat voordeel wordt belast met de gewone sociale bijdragen, die wél zwaarder zijn. Een voorbeeld: voor een hoger kaderlid met een brutosalaris van 100.000 euro, dat op meer dan 25 km afstand van zijn werk woont, geeft tabel 1 eerst de situatie met facturatie weer. Op basis van de uiteindelijke brutokosten die zo voor het bedrijf berekend worden, maakt hij vervolgens de situatie zonder facturatie op. Opvallend: de loontrekkende krijgt nu 207 euro meer uitgekeerd. Dat verschil is te wijten aan de sociale bijdragen. Als het bedrijf factureert, ontvangt de RSZ 45.691,05 euro. Als het bedrijf niet factureert, wordt dat 45.454,87 euro. Zelfs door te ontsnappen aan de solidariteitsbijdrage heeft het bedrijf dat de wagen factureert in dit geval 236,18 euro meer aan de RSZ betaald. Waarschijnlijk zijn lang niet alle bedrijven zich bewust van de soms hogere kosten bij facturatie. De regering lijkt het zeker niet te beseffen (of doet alsof). Nu wil de regering komaf maken met de solidariteitsbijdrage. In plaats daarvan schuift ze de CO2-bijdrage naar voren. Of er nu wel of niet wordt gefactureerd, de CO2-heffing is altijd verschuldigd en ze is forfaitair: er wordt geen enkel onderscheid gemaakt tussen de 5000 en 7500 km per jaar van het fiscale voordeel. Deze belasting is progressief, afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig. Het schema (zie tabel 2) verwijst naar de categorieën A tot G die op deze basis zijn vastgelegd door het ministerie van Leefmilieu in de Gids van de schone auto, die alle in België verkochte modellen vermeldt (te raadplegen op www.minsoc. fgov.be en www.environment.fgov.be). Experts maken brandhout van de ecologische benadering. Op het eerste gezicht gaat het om objectieve principes. Al gauw doemen twijfels op. Allereerst zijn de schijven enorm ruim, wat bepaalde modellen benadeelt of bevoordeelt. Vervolgens wordt alleen de CO2-uitstoot in overweging genomen op basis van het verbruik van de wagen, wat bepaalde wetenschappers als benadering ontoereikend achten. In ieder geval gaat het systeem volledig voorbij aan het werkelijke probleem. "De oude auto's vervuilen het meest. Bedrijfswagens, die meestal om de vier jaar worden vervangen, zijn de milieuvriendelijkste wagens van het park," weet Philippe Casse, woordvoerder van de groep d'Ieteren. De groene verpakking van de maatregel is op zijn minst bedrieglijk te noemen. Het afstemmen van de belasting op de CO2-uitstoot zou evenwel een voordeel kunnen opleveren voor bedrijven. De uitstoot wordt namelijk gestaag minder. Als het huidige schema wordt gehandhaafd en de regering zich niet bedenkt, moet de belasting gaandeweg dalen. Tabel 3 vat de situatie samen via tien modellen om een zo breed mogelijk spectrum van situaties te bieden. Velen hebben beweerd dat het CO2-systeem kleine wagens zou bevoordelen. Klopt, maar er blijkt vooral dat dieselmodellen bevoordeeld worden. Met eenzelfde vermogen verbruiken zij minder en is ook hun CO2-uitstoot minder groot. Voor modellen met een automatische versnellingsbak geldt het omgekeerde. Nog een vaststelling: de werknemer die op meer dan 25 km afstand van zijn werk woont, vertegenwoordigt in de toekomst niet langer meerkosten bij gebruik van een bedrijfswagen. Dat relatieve voordeel, dat zelfs zeer relatief is vergeleken met de totale kosten van zijn wagen, zou bedrijven er niet toe mogen aanzetten om de kandidatuur van een sollicitant die in dezelfde gemeente woont, opzij te schuiven. Op het totaal van de tien vermelde situaties, bedragen de meerkosten van het nieuwe systeem 'slechts' 11,70 % voor deze pendelaars, tegenover 67,40 % voor de 'buren'. Er blijven dus wel degelijk meerkosten voor de bedrijven die vandaag de solidariteitsbijdrage betalen, in tegenstelling tot wat er hier en daar wordt beweerd - dit alles onder voorbehoud dat de gegevens waarover we momenteel beschikken, officieel bevestigd worden. Guy LegrandMomenteel zou twee derde van de werkgevers de solidariteitsbijdrage op bedrijfswagens niet betalen. Dat hoeven ze ook niet. Het nieuwe belastingsysteem is progressief, afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig.