De prijs die u betaalt voor Trends omvat geen btw. Ook op dagbladen betaalt u geen btw. Meer dan veertig jaar geleden besliste de btw-administratie een nultarief toe te passen op periodieke publicaties die aan bepaalde voorwaarden voldoen. Een van die voorwaarden luidt, dat het moet gaan om publicaties met een algemeen informatieve strekking. Dat is meteen de reden waarom bijvoorbeeld gespecialiseerde fiscale of juridische publicaties het nultarief niet kunnen genieten.
...

De prijs die u betaalt voor Trends omvat geen btw. Ook op dagbladen betaalt u geen btw. Meer dan veertig jaar geleden besliste de btw-administratie een nultarief toe te passen op periodieke publicaties die aan bepaalde voorwaarden voldoen. Een van die voorwaarden luidt, dat het moet gaan om publicaties met een algemeen informatieve strekking. Dat is meteen de reden waarom bijvoorbeeld gespecialiseerde fiscale of juridische publicaties het nultarief niet kunnen genieten. Een andere voorwaarde luidt, dat de publicatie minstens 48 keer per jaar moet verschijnen. Uw lijfblad voldoet aan deze voorwaarde. Kranten vanzelfsprekend ook. In dat verband kwam in de rechtspraak een tijdje geleden het geval ter sprake van een uitgeverij die zich specialiseert in tijdschriften ten behoeve van de schoolgaande jeugd. Niet betwist werd dat haar tijdschriften een algemeen informa-tieve strekking hebben. Zij kon dus het nultarief genieten. Op voorwaarde dat haar tijdschriften minstens 48 keer per jaar verschijnen. Het probleem is evenwel, dat deze tijdschriften via de scholen verspreid worden. En dat scholen geen 48 weken per jaar open zijn. De uitgeverij meende dit probleem op te lossen door het bundelen van verschillende edities. Voor de vakantiemaand juli bijvoorbeeld werd een nummer uitgegeven dat volgens de informatie op de omslag, liefst vier edities omvatte. Voor augustus deed men hetzelfde. Op die manier werd de grens van minstens 48 edities moeiteloos gehaald. Maar de belastingcontroleur lag dwars. Bij het doorbladeren van deze 'vakantienummers' stelde hij vast dat ze wel een paar bladzijden meer bevatten dan een gewoon nummer, maar dat het zeker niet ging om nummers die vier keer dikker waren dan een gewone editie. Hij weigerde daarom zo'n vakantienummer voor vier edities te tellen. Op die manier werd de grens van minstens 48 edities niet gehaald. De uitgeverij kreeg bijgevolg de rekening gepresenteerd, in de vorm van een stevige navordering van btw. De betwisting belandde uiteindelijk voor de rechtbank van eerste aanleg in Leuven. Die gaf de belastingadministratie, wat de grond van de zaak betreft, gelijk. De manier waarop gegoocheld werd met dubbelnummers, kon volgens de rechtbank niet door de beugel. Niettemin schrapte de rechtbank de navordering van btw. Wat de uitgeverij deed, was niet nieuw. Zij werkte al meer dan dertig jaar met dubbelnummers. In die periode was zij meermaals gecontroleerd. De belastingadministratie had nooit opmerkingen gemaakt. In deze omstandigheden mocht de uitgeverij er volgens de rechtbank op vertrouwen dat de belastingadministratie niet voor het verleden zou terugkomen, op wat de uitgeverij niet anders dan als een vaste gedragslijn van de administratie heeft kunnen aanmerken. In de praktijk werd met belangstelling uitgekeken hoe in hoger beroep gereageerd zou worden op deze uitspraak van de Leuvense rechtbank. Het Hof van Cassatie ziet de toepassing van het 'vertrouwensbeginsel' immers niet zitten in si-tuaties waarin gehandeld wordt in strijd met de wet. Het btw-nultarief is zowat het beste voorbeeld van een regeling die in strijd is met de wet. Nergens in het btw-wetboek komt een bepaling voor die toelaat het btw-tarief te verlagen naar 0 procent. Niettemin bevestigde het hof van beroep in Brussel het vonnis van de Leuvense rechter. Ook de Brusselse raadsheren vonden dat de uitgeverij zich terecht op het 'vertrouwensbeginsel' had beroepen; en dat de belastingadministratie bijgevolg niet voor het verleden kon terugkomen op de toepassing van het nultarief. Vrij verrassend heeft het Hof van Cassatie op zijn beurt beslist, dat het Brusselse hof zijn boekje niet te buiten is gegaan. Maar het herhaalt wel, dat het 'vertrouwensbeginsel' enkel kan gelden als er geen wettelijke regel geschonden wordt. Hoe dit te rijmen valt met het nultarief dat zelfs geen begin van wettelijke grondslag kent? De reden is allicht dat het meer dan veertig jaar oude nultarief ondanks alles toch als een soort wettelijke regeling aangenomen wordt. De auteur is advocaat en hoofdredacteur van Fiscoloog. JAN VAN DYCKVoor het btw-nultarief is vereist dat de publicatie minstens 48 keer per jaar verschijnt.