De originaliteit van " Austria im Rosennetz" in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten heeft evenveel te maken met de overvloed van bekende en minder illustere werken, als met het talent van de Zwitserse tentoonstellingsbouwer Harald Szeemann, die op de internationale scène gewaardeerd wordt voor zijn avontuurlijke geest. Zijn tentoonstelling is geen chronologische kijk op de belangrijkste figuren van de Oostenrijkse kunst. Li...

De originaliteit van " Austria im Rosennetz" in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten heeft evenveel te maken met de overvloed van bekende en minder illustere werken, als met het talent van de Zwitserse tentoonstellingsbouwer Harald Szeemann, die op de internationale scène gewaardeerd wordt voor zijn avontuurlijke geest. Zijn tentoonstelling is geen chronologische kijk op de belangrijkste figuren van de Oostenrijkse kunst. Lineair of didactisch is hij evenmin. Het Oostenrijk dat hier verschijnt is dat van wat Szeemann de "zieners" noemt, mensen uit een rijke variëteit van disciplines, van de naïeve kunst tot de criminologie, van de kitsch en de architectuur tot de geschiedenis van het keizerrijk Oostenrijk-Hongarije. Naast kunstenaars die ooit schandaal verwekten (zoals Egon Schiele of Kokoschka) of als vernieuwers werden onthaald ( Klimt, Kubir), toont Szeemann ons nieuwsgierige, non-conformistische geesten. Zo is er een maquette van het Atomium van de Wereldtentoonstelling van 1958, waar een Oostenrijkse boer vijfentwintig jaar aan gewerkt heeft. We maken kennis met de utopistische, verkennende hersenkronkels van Paul Von Rittinger, die het land Fabulistan uitvond en als globetrotter in het rijk van de fantasie een artistiek gezelschapsspel bedacht, het "Spel van Sinbad". De enige link die Szeemann tussen de Oostenrijkse "zieners" legt, is die van een "geest van ontdekking". In één van de zalen worden met tapijt overtrokken bioscoopstoelen van Franz West omringd door filmprojectoren: films en foto's van Von Stroheim, Von Sternberg, Preminger, Pabst maar ook Johnny Weismüller en Arnold Schwarzenegger. Er is geen hiërarchie, er zijn alleen individuen - beroemde architecten, bijvoorbeeld, zoals Hofman en Loos, maar ook de minder bekende Kiesler, die met Marcel Duchamp samenwerkte. De techniek (een auto voor expedities in Azië, de gaslamp) krijgt gezelschap van maquettes van buitenmaatse gebouwen, uniformen van het keizerrijk, pornografische prentkaarten of portretten van beeldhouwer Franz Xaver Messerschmitt die "gecorrigeerd" zijn door de hedendaagse kunstenaar Arnulf Rainer. Werken van Kubin en de exotische dieren van de aquarellen van Aloys Zötl botsen met een heterocliete, bonte assemblage van cassetteradio's, draden, jerrycans en verfblikken. Op deze chaotische, buitensporige, verwarrende en rijke tentoonstelling ontdekken we een Oostenrijk van licht en schaduw. ALAIN DELAUNOIS