Houdt u van folklore, dan zijn er in Vlaanderen en Brussel authentieke eethuizen waar de omgeving en de eigenaars voor een portie nostalgisch getint divertissement zorgen.
...

Houdt u van folklore, dan zijn er in Vlaanderen en Brussel authentieke eethuizen waar de omgeving en de eigenaars voor een portie nostalgisch getint divertissement zorgen. In Oostende kunt u terecht bij Stad Kortrijk (Langestraat 119, tel. 059 70 71 89), zonder meer het merkwaardigste restaurant van de kust. Deze veredelde frituur wordt uitgebaat door de eigenzinnige René Coolsaet, die vanuit de kelderkeuken de trap bestormt om boven, in de eetzaal, bestellingen te noteren. Dagverse vis is troef en drank dient u zelf te gaan halen bij het koelmeubel. In Le Brabançon (Gemeentestraat 75, 1210 Sint-Joost-ten-Node, tel. 02 217 71 91) zorgt de 'vinnige' en stokoude Marie-Jeanne Lucas voor het amusement. De spijskaart vermeldt typisch Brusselse gerechten, zoals balletjes in tomatensaus, bloedworst, 'choesels' en 'tet van 't koeike'. De keuken is voor Marie-Jeanne het tegenovergestelde van een auto: hoe zachter hoe beter. In 't Kriekske (Kapittel 10, 1500 Halle, tel. 02 380 14 21) draait alles rond mosselen, wild en... patron Victor. Deze massieve zeebonk was vele jaren kok op de lange vaart. Hij verbouwde het cafeetje bij het Hallerbos tot een fors restaurant dat druk wordt bezocht door oudere mensen. Victor houdt van het leven en van de mensen: daar waar het gezellig is, schuift hij aan tafel. In Den Beer (Handelsstraat 85, 2000 Antwerpen, tel. 03 236 38 86) zijn Guusje en Marcel zo'n beetje de laatste Belgen in de volkse Stuivenbergwijk. Guusje ondervraagt nieuwkomers en serveert in een kitscherige omgeving enorme pannen met bouillabaisse en bereidingen met kreeft. In De Gouden Ecu (Sint-Michielstraat 11, 2000 Antwerpen, tel. 03 232 71 25) is chef-kok en eigenaar Bert De Bruyne de hoofdattractie. Met zijn pientere ogen, grijze bakkebaarden en een paarse blos op de wangen serveert hij royale porties konijn en kip, bereid op grootmoeders wijze. Nieuw voor ons was Viool. Het merkwaardige estaminet met dorps karakter ligt naast een zeventiende-eeuws kerkje en het Franstalige culturele centrum van Sint-Agatha-Berchem. Het cafeetje heeft een dansvloer en podium en werd na de oorlog uitgebaat door Piet, die viool speelde. Wijkbewoners kwamen er dansen en het zag er vaak zwart van het volk. Bijna drie jaar geleden nam Willy Andries de negotie over. De Brusselaar exploiteerde eertijds het zwembad van Molenbeek en, in plaats van met pensioen te gaan, staat hij in de eetzaal aan de vleesmolen eigenhandig américain te draaien. Tussendoor zit hij aan een met tijdschriften en reclamebladen beladen tafel te lezen. In Viool is de eetzaal ook de living. De 67-jarige Willy Andries is blijkbaar bang om zich te vervelen, want hij houdt zijn restaurant alle dagen van de week open. Bereidingen met vlees en mosselen zijn specialiteit. Een rundribstuk van één kilo komt op 22,80 euro en daarbij komen in huis gemaakte frieten en mayonaise. Mosselen worden op vijf verschillende manieren bereid en een pan met 1,5 kg van de kwaliteit 'Golden' kost 15 euro. Wie daar de huiswijn bij neemt, is 10 euro extra kwijt. In Viool zijn er al menu's vanaf 12 euro. Ik koos het menu van 25 euro en at scampi, opgediend in koperen pan in een bad van gesmolten knoflookboter, gevolgd door een dunne en enigszins taaie lap lendenribstuk, opgediend met frieten van goede kwaliteit, sla en mayonaise. Om af te sluiten, was er een flensje met ijs en sinaasappellikeur. Aan de andere kant van de tafel werd 'à la carte' gegeten en verscheen een halve tomaat met flinke porties garnalen (8 euro) en rug van kabeljauw van redelijke kwaliteit met een berg gekookte aardappelen en sla. Op het nostalgische eetgebeuren komen jonge en oude mensen af. Pieter van Doveren