Een jaar geleden portretteerden onze confraters van Trends-Tendances Albert Frère als Franse zonnekoning op de cover. Ze verwezen naar de indrukwekkende investeringen van de rijkste Belg bij de zuiderburen. Maar welke keizersrol kan Frère nog spelen in Duitsland? Vorig jaar dwong de baron de familie Mohn, eigenaar van mediaconcern Bertelsmann, tot de uitkoop van Frères belang. Vorige week kondigde de gewezen schrootverkoper een alliantie aan met Sal. Oppenheim. Elke partij zal tot 150 miljoen euro in een vennootschap brengen die participaties wil opbouwen in het Duitstalige Europa.
...

Een jaar geleden portretteerden onze confraters van Trends-Tendances Albert Frère als Franse zonnekoning op de cover. Ze verwezen naar de indrukwekkende investeringen van de rijkste Belg bij de zuiderburen. Maar welke keizersrol kan Frère nog spelen in Duitsland? Vorig jaar dwong de baron de familie Mohn, eigenaar van mediaconcern Bertelsmann, tot de uitkoop van Frères belang. Vorige week kondigde de gewezen schrootverkoper een alliantie aan met Sal. Oppenheim. Elke partij zal tot 150 miljoen euro in een vennootschap brengen die participaties wil opbouwen in het Duitstalige Europa. Met die joint venture toont Frère dat hij zijn netwerktentakels niet alleen in Parijs uitstrekt. Sal. Oppenheim is de belangrijkste privévermogensbeheerder in Duitsland. Van de bank wordt gezegd dat ze 4000 van de 40.000 rijkste Duitsers begeleidt. De private bank heeft sinds 1798 Keulen als machtsbasis. Vandaar het vermogensbeheer van families met klinkende namen als Deichmann (grootste schoenendistributeur van Europa) en Schickedanz (referentieaandeelhouder van KarstadtQuelle, dat nu Arcandor heet). De chief executive officer van Arcandor, de grootste warenhuisketen van Europa, is overigens Thomas Middelhoff. Met die voormalige CEO van Bertelsmann (en uiteraard klant van Sal. Oppenheim) onderhandelde baron Frère in 2000 over zijn intrede in Bertelsmann. Sal. Oppenheim staat dus voor discretie, rijkdom en netwerking. In de raad van bestuur en het aandeelhouderscomité krioelt het van de edellieden. De leidende vennoot van de vermogensbank is graaf Matthias von Krockow. Zijn levensloop begon echter onder een ongunstig gesternte. Zijn adellijke Pruisische voorvaders zijn afkomstig uit de buurt van Gdansk. Na de Tweede Wereldoorlog werden ze van hun graafschap in het toenmalige Pommeren gejaagd. Matthias werd in 1949 als armtierig vluchtelingenkind geboren in de buurt van Trier. Zijn vader kwam aan de kost als rentmeester. Matthias studeerde Economie in Keulen - "om zo snel mogelijk rijk te worden" - en specialiseerde zich in banken. Zijn studies financierde hij als bouwvakker, met bijrolletjes in films en klusjes in de landbouw. Maar de rijkdom kwam sneller dan voorzien, want een van de medestudenten was barones Ilona von Ullmann. De moeder van deze miljardairsdochter, barones Karin von Ullmann, bezit een derde van de aandelen in de vermogensbank. Graaf Matthias trouwde met Ilona. Het huwelijk katapulteerde de gewezen vluchteling naar de topfunctie van de bank. Na een opleiding bij Chase Manhattan in New York zwaaiden de deuren van Sal. Oppenheim open. In 1984 werd de graaf vennoot. Sinds 1998 leidt hij het directiecomité. Hij werd de opvolger van Karl-Otto Pöhl, de gewezen voorzitter van de Bundesbank. De familiale relaties speelden uiteraard een sleutelrol bij de steile opgang van de verpauperde graaf. Toch is er slechts zeer sporadisch kritiek. De twee meter lange Pruis is een man zonder complexen of allures. Joviaal in de omgang, zeer direct, houdt van schouderklopjes. Ondanks de zeer discrete faam van zijn bank is hij niet afstandelijk. Hij houdt van rollerskaten met zijn zoon op het plein voor de kathedraal van Keulen, op een steenworp van zijn kantoor. Schijn bedriegt? Discretie is spreekwoordelijk in het hoofdkantoor met zijn elegante koffieservies en pluchen zetels. En in het werkkantoor van Von Krockow hangt een groots uitgevallen schilderij. Een reusachtige leeuw klemt een bloedende gazelle tussen de kaken. Zelf heeft Von Krockow slechts één keer in Afrika gejaagd. Maar bevoorrechte partners nodigt hij wél uit op het kasteel van Krockow. In de jaren negentig maakte hij zich weer meester van het ouderlijke erfgoed. Bovendien opteerde de jager in zaken sinds 1998 resoluut voor groei. Eind jaren tachtig had Sal. Oppenheim zijn verzekeringsactiviteiten verkocht voor een bedrag van 4 miljard Deutsche mark (2,045 miljard euro). Met die spaarpot kocht de vermogensbank diverse lucratieve participaties. Von Krockow maakte van Sal. Oppenheim een van de leidende private banken in Europa. Sal. Oppenheim werd zelfs belangrijker dan illustere namen als het Zwitserse Julius Bär, Rothschild of Cazenove (beheerders van het vermogen van de Britse Queen). Vooral de aankoop (eind 2004) van de vermogensbank BHF in Frankfurt was een handige zet. De graaf lijfde ze in voor de boekwaarde van 600 miljoen euro. Een prikje, want ING had de bank vijf jaar eerder voor 3,6 miljard euro gekocht. Maar het Belgisch-Nederlandse bankconglomeraat kreeg nooit greep op de bank in Frankfurt. Sinds de overname door Sal. Oppenheim is BHF winstgevend en beheert ze het vermogen van 10.000 rijke Duitsers. Later volgden overnames in Zwitserland en China. Groeit Sal. Oppenheim onder leiding van Von Krockow te snel? Zelf beweert hij van niet. De eens verpauperde Pruis moet maar uit het raam kijken en het is meteen gedaan met dagdromen. In het gebouw aan de overkant probeerde graaf Bernhard von der Goltz, topman van de Herstatt-Bank, in juni 1974 tevergeefs een woedende menigte te sussen via een megafoon. De klanten eisten hun geld. Even later was de bank failliet. Die les zit bij Sal. Oppenheim diep in het geheugen gegrift. Wolfgang Riepl