Virginie Liviau leeft op een wolk. Op 3 december vertrekt ze naar India om daar te helpen bij de heropbouw van vijf kleuterschooltjes die eind vorig jaar werden getroffen door de tsoenami. De dertigjarige Liviau is receptioniste bij Cofidis België, een onderdeel van de 3 Suisses International-groep. "Dat gebeurt maar een keer in je leven," zegt ze. "Ik help graag mensen en houd veel van India. Via Plan International ben ik al sponsor van een kindje in India. Ik kijk er echt naar uit."
...

Virginie Liviau leeft op een wolk. Op 3 december vertrekt ze naar India om daar te helpen bij de heropbouw van vijf kleuterschooltjes die eind vorig jaar werden getroffen door de tsoenami. De dertigjarige Liviau is receptioniste bij Cofidis België, een onderdeel van de 3 Suisses International-groep. "Dat gebeurt maar een keer in je leven," zegt ze. "Ik help graag mensen en houd veel van India. Via Plan International ben ik al sponsor van een kindje in India. Ik kijk er echt naar uit."Samen met haar vertrekken negen andere werknemers - waaronder nog een Belg - van 3 Suisses International naar Tharangambadi in Zuid-India. Ze gaan er muren bezetten, schilderen en andere afwerkingen die door ongekwalificeerde mensen gedaan kunnen worden. In drie jaar tijd zullen er nog vijf andere groepen van tien werknemers vertrekken. 3 Suisses International - dat 11.000 mensen tewerkstelt - wou niet zomaar geld storten na de tsoenami. "Het strategische comité van de groep besliste te kiezen voor een project op lange termijn, waar de werknemers bij betrokken zouden worden," zegt David Louvet, human-resourcesdirecteur van Cofidis België en een van de projectverantwoordelijken. Een aantal medewerkers vormde een denktank en daaruit groeide het idee dat er drie zaken moesten gebeuren: peterschap van kinderen, reconstructie van gebouwen en solidair verlof van de eigen werknemers. Het idee van solidair verlof ontstond bij Louvet, die in contact stond met Agnes Sermeus, partner van headhuntingbedrijf Arani HCIC. Arani begeleidt bedrijven in dit soort sociale projecten. "Dit is geen humanitair toerisme," zegt Sermeus. "Ze gaan erheen om te werken. De werknemers moeten vakantie nemen, en het bedrijf betaalt de reis en de kosten."Veel bedrijven geven geld voor humanitaire en sociale projecten. Maar de opbrengst daarvan is beperkt. "Het mag bekend zijn dat een bedrijf bijvoorbeeld Europalia steunt," zegt Sermeus, "maar over een goed doel mag niet gepraat worden. Integendeel, de weerslag is vaak negatief als een onderneming dat al te nadrukkelijk doet. Zelfs in een land als de Verenigde Staten, dat op dat vlak opener is. En als het wel kan, zoals bij de tsoenami, dan blijft de zichtbaarheid beperkt tot iemand die vijf seconden in beeld komt om een cheque te overhandigen. Weinig blijft daarvan in het geheugen van de kijker hangen en zelfs niet bij de medewerkers van het bedrijf." Ook 3 Suisses International wil met dit project bewust niet uitpakken bij het grote publiek. Sermeus vroeg zich af hoe een bedrijf dan toch zijn schenking kan optimaliseren. "Het doel van een onderneming is geld verdienen, en dus moet er ook op mecenaat een return on investment zijn," zegt ze. "Ik kwam tot de slotsom dat dit soort programma's het best intern wordt uitgewerkt, gericht naar de medewerkers." Daarvoor zijn drie mogelijkheden. Het voorbeeld daarvan is 3 Suisses International. Het succes is groot. Hoewel pas begin september de interne communicatiecampagne begon en tegen 28 september de kandidaturen binnen moesten zijn, kreeg de groep 180 kandidaten voor tien plaatsen. De kandidaten zijn van alle leeftijden, zowel jongeren als ouderen. De verhouding mannen-vrouwen is hetzelfde als die in het bedrijf. En er zitten zowel werknemers van het laagste als van het hoogste niveau bij. "De mensen voelen zich ongelooflijk aangetrokken," zegt David Louvet. "Iemand schreef in zijn kandidatuur: 'Mijn job doe ik om te kunnen eten, mijn ideaal is om iets te doen voor de mensen.' Wij doen dit om ook op het vlak van de bedienden een groepsgeest te creëren. Ze moeten zien dat 3 Suisses International niet alleen kijkt naar rendement en resultaat, maar ook zijn sociale verantwoordelijkheid opneemt."In Duitsland en Zwitserland bestaan programma's voor sociaal en humanitair werk die een onderdeel vormen van een globale opleiding bij aanwerving of promotie. In dit geval is het programma vaak beperkt tot het management- niveau. Het test en ontwikkelt de flexibiliteit van het individu. Vergeet paintball, overlevingstochten in de Ardennen of kitesurfen op zee. Agnes Sermeus stuurt managers of teamleden naar een sociaal werk. "Meestal wordt een dag uitgetrokken voor het werken aan de strategie en een tweede dag voor ontspanning in groepsvorm," zegt ze. "Die activiteit zit vaak in het sportieve. Vaak is dat een negatieve ervaring voor niet-sportieve mensen. Ter vervanging bied ik een sociaal of milieugericht werk aan. Zo heb ik begin dit jaar voor het executive committee van een bedrijf een teambuildingdag georganiseerd. Ik heb ze meegenomen naar een opvangcentrum voor daklozen. Daar hebben ze manueel werk gedaan samen met de daklozen. De reactie achteraf was heel positief. Die dag had iets blijvends nagelaten. 'Ik kijk nu anders naar een dakloze,' zei een van de directeurs achteraf tegen mij."Veel mensen vertellen dat ze nooit hadden durven dromen dat ze dit zouden doen, zegt Agnes Sermeus. "Ze dachten dat alleen dokters of verplegers in aanmerking zouden komen. Ze zijn ook erg fier dat hun bedrijf dit doet. En ze praten er met iedereen over. Dat is goed voor het imago van het bedrijf en een uitstekende return on investment."Guido Muelenaer"Het doel van een onderneming is geld verdienen, dus er moet ook een return on investment op mecenaat zijn."