eXtra informatie op www.trends.be De recentste adviezen van de NAR over
...

eXtra informatie op www.trends.be De recentste adviezen van de NAR over syndicale vertegenwoordiging kunt u lezen op de Trends-website.Een onderzoek van het Britse advocatenbureau Eversheds was voldoende om het welles-nietesspelletje tussen vakbonden en werkgeversorganisaties een nieuwe impuls te geven. Beide hebben hun eigen visie op de omzetting van een Europese richtlijn betreffende de informatie- en consultatieprocedures voor werknemers. Die richtlijn bepaalt dat tegen maart 2005 ook in kleinere ondernemingen overleg met de werknemers moest worden georganiseerd. Volgens de werkgevers is dat al wel degelijk het geval, de vakbonden echter vinden dat België de richtlijn pas goed toepast als er ook een werknemersvertegenwoordiging komt in vestigingen vanaf twintig personeelsleden. "Eigenlijk gaat de studie van Eversheds zeer ver, want men heeft het over een fundamenteel basisrecht," zegt Marc Leemans, nationaal secretaris van de christelijke vakbond ACV. "Het rapport toont de grote achterstand aan die België heeft op de rest van de Europese lidstaten inzake overleg met werknemers en informatierechten van werknemers. Veel lidstaten hebben die rechten vanaf vijf, zes of tien werknemers, terwijl dat in België alleen geregeld is vanaf honderd werknemers met de oprichting van een ondernemingsraad en vanaf vijftig met een comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW) en verplichte sociale verkiezingen."Het is niet de eerste keer dat de discussie over vakbondsvertegenwoordiging het sociale klimaat vertroebelt. De toepassing van de richtlijn werd al verscheidene keren besproken door de Nationale Arbeidsraad (NAR). "Bespreken is een groot woord," aldus Leemans. "De toepassing van de richtlijn stond op de agenda, maar we hebben er maanden niet over kunnen praten. En verder dan een verdeeld advies zijn we nooit gekomen."Binnen de NAR pleiten de vakbonden voor belangrijke maatregelen die België moet nemen om in overeenstemming te zijn met de Europese richtlijn. Zo dient er een regeling te worden vastgelegd voor KMO's vanaf twintig werknemers. Afhankelijk van de sector zijn er al syndicale delegaties in bedrijven met meer dan twintig werknemers. Leemans: "In de metaalsector is er sprake van een syndicale delegatie bij twintig arbeiders. Maar vooral in bediendesectoren zijn er problemen. Meer dan de helft van de zware arbeidsongevallen doen zich in KMO's voor. De aanwezigheid van de geschikte overlegorganen kan daaraan verhelpen." De zelfstandigenorganisatie Unizo van haar kant verwijst naar enquêtes die aantonen dat het overleg op het niveau van de KMO's via allerlei informele organen vlot verloopt. Zo zijn er de externe regionale overlegorganen waar geschillen tussen werkgevers en werknemers van KMO's kunnen worden besproken. Werkgeversorganisaties zijn om verschillende redenen bevreesd voor een verlaging van de drempels voor vakbondsvertegenwoordiging. Eerst en vooral zouden die een impact hebben op de groei van de onderneming en de aanwerving van nieuwe medewerkers. Wanneer de grens van vijftig en honderd werknemers nadert, zouden bedrijven minder snel geneigd zijn om nieuwe medewerkers aan te werven. Een verlaging van de drempels tot twintig personeelsleden zou eveneens een remmend effect hebben op de tewerkstelling. De oprichting van verschillende overlegorganen en het toelaten van een syndicale delegatie zou het aantal beschermde werknemers immers sterk doen toenemen. Indien de regels in verband met beschermde werknemers worden toegepast voor een bedrijf van twintig werknemers, kan dit leiden tot in totaal twaalf beschermde werknemers die alleen kunnen worden afgedankt om technische of economische redenen of wegens een dringende reden (en dat gebeurt dan via een arbeidsrechter). Hoe komen we aan dat cijfer van twaalf beschermde werknemers? Wel, vertrekken we bijvoorbeeld van twee beschikbare mandaten. Dat kan dan aanleiding geven tot 2x2 beschermde werknemers (effectieve plus plaatsvervangende leden), maal het aantal vakbonden (maal drie dus). En het kan nóg erger. Unizo maakt geregeld berekeningen over het aantal beschermde werknemers in een bedrijf. In ondernemingen met honderd werknemers kan dat cijfer oplopen tot 80 % of meer. Uiteraard is dat slechts theorie. Vakbonden benadrukken dat ze nooit meer dan 10 % van het personeel een beschermd statuut wensen te geven. Er zijn echter niet alleen de vakbondsvertegenwoordigers die het aantal beschermde werknemers de hoogte injagen. Werknemers met zwangerschapsverlof, mensen die tijdskrediet opnemen en medewerkers die klacht neerleggen wegens discriminatie en zij tegen wie een klacht is neergelegd, zijn ook beschermd. Dat kan er in een KMO toe leiden dat het gros van het personeel een beschermd statuut heeft. Ontslag blijft weliswaar mogelijk, maar dan moeten de werkgevers een zware administratieve procedure doorlopen. Bovendien kan de ontslagvergoeding oplopen tot acht jaar loon. "Ik denk dat we op zoek moeten naar een nieuw evenwicht," zegt Pieter Timmermans, directeur-generaal bij het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO). "Er worden al te vaak misbruiken gemaakt. En de voorbije jaren werd het systeem van beschermde werknemers almaar uitgebreid."Er bestaat inderdaad eerder een tendens om het aantal beschermde werknemers te verhogen dan te beperken. In juli boog de NAR zich nog over een wetsvoorstel dat betrekking had op bedrijven waar geen CPBW is opgericht, maar waar de vakbondsafvaardiging ermee belast is de opdrachten van de comités uit te voeren. Volgens dat nieuwe voorstel zouden niet alleen de vakbondsafgevaardigden maar ook hun plaatsvervangers een beschermd statuut krijgen. Zoals te verwachten viel, staan vakbonden en werkgevers ook hier diametraal tegenover elkaar. De eerste zien geen enkel probleem in de uitbreiding van de bescherming. Werkgevers van hun kant waarschuwen voor de gevolgen van zo'n regeling, die het aantal beschermden in één klap zou verdubbelen. Bijvoorbeeld in de grafische sector, waar een vakbondsafvaardiging vanaf vijf werknemers is toegelaten. Met zo'n wetgeving zou België overigens veel verder gaan dan andere landen. In Nederland worden bijvoorbeeld alleen de effectieve leden van de ondernemingsraad beschermd, niet de vervangers. Dat maakt een heel verschil. Alain MoutonEen bedrijf met twintig personeelsleden zou makkelijk twaalf beschermde werknemers kunnen hebben. In ondernemingen met honderd werknemers kan het aantal beschermde personeelsleden oplopen tot 80 % of meer.