The Economist schat de totale omzet van de begrafenissector in industrielanden op 750 miljard frank. Het is een sector waarin niemand waar eist voor zijn geld, waarin vragen taboe zijn en de klanten-tegen-wil-en-dank blindelings geloven wat de begrafenisondernemer hen voorhoudt. Zoals Henry Wasielewski, een priester uit Arizona die op kruisvaart trekt tegen de misbruiken in de sector, het uitlegt in US News: "Je kunt niet beknibbelen op een contract als Jezus over je schouder meekijkt." Loewen, de Canadese uitvaartgroep die vorig jaar maar net ontsnapte aan een vijandig overnamebod van Service Corporation International (SCI), meldde het zelfs letterlijk in een rapport aan de Amerikaanse Securities Exchange Commi...

The Economist schat de totale omzet van de begrafenissector in industrielanden op 750 miljard frank. Het is een sector waarin niemand waar eist voor zijn geld, waarin vragen taboe zijn en de klanten-tegen-wil-en-dank blindelings geloven wat de begrafenisondernemer hen voorhoudt. Zoals Henry Wasielewski, een priester uit Arizona die op kruisvaart trekt tegen de misbruiken in de sector, het uitlegt in US News: "Je kunt niet beknibbelen op een contract als Jezus over je schouder meekijkt." Loewen, de Canadese uitvaartgroep die vorig jaar maar net ontsnapte aan een vijandig overnamebod van Service Corporation International (SCI), meldde het zelfs letterlijk in een rapport aan de Amerikaanse Securities Exchange Commission (SEC): "Dat de klant niet gaat shoppen, is één van de fundamenteel aantrekkelijke aspecten van de industrie." De ooit gefragmenteerde markt van familiebedrijven in de VS is bikkelharde business geworden, waarin vier beursgenoteerde groepen acquisities verzamelen. SCI - de absolute marktleider-, Stewart Entreprises, Loewen en de SCI-spin-off Carriage Services, hebben een kwart van de Amerikaanse markt in handen. Equity Corporation International (ECI), een vijfde beursgenoteerde groep, werd onlangs door SCI overgekocht. De Grote Drie - SCI, Stewart en Loewen - haalden in 1997 een gezamenlijke winst van 16,5 miljard frank. SCI heeft wereldwijd ruim 3400 begrafenisondernemingen, Loewen een dikke 1000, Stewart 430 en Carriage 120. Daarnaast bezit Loewen bijna 500 crematoria, SCI 480, Stewart 132 en Carriage 20. 166 begraafplaatsen zijn in handen van SCI en 50 van de Loewen-groep. De uitvaartgroepen houden er een agressieve verkooppolitiek op na, kopen volgens criticasters priesters om, verdelen reclamekalenders tijdens de kerkdienst en jagen op contracten met de kerkgemeenschappen. Met succes: in ruil voor een percentage van de winst mag Stewart van het aartsbisdom van Los Angeles zes mortuaria bouwen op de grootste katholieke begraafplaatsen van de stad. De uitvaartgroepen stuwden de begrafenisprijzen in de VS drie keer sneller omhoog dan de levensduurte. Ze lieten de oorspronkelijke eigenaars na acquisitie gewoon in hun stoel zitten en kapitaliseren de goodwill die de oprichters in decennia hebben vergaard, terwijl ze de prijzen kunstmatig opdrijven. Loewen kreeg voor die praktijk van een Amerikaanse rechtbank een boete van 18 miljard frank opgelegd.Europa is het nieuwe doelwit van de megagroepen. In België hebben ze al 4% marktaandeel. Stewart kocht zich in bij Begrafenisondernemingen Donald Bleyaert in Brugge, dat naast verschillende begrafenisondernemingen ook een bloemenwinkel, een kistenmakerij en een eigen kapel heeft. SCI pompt geld in Dethier in Luik, Nuytten in Oostende, Maison Goossens (zes begrafenisondernemingen) in het Brusselse, Timmermans in Antwerpen en de Turnhoutse begrafenisonderneming Van Dooren. Het nam ook Pompes Funèbres Réunies over, een conglomeraat van uitvaartbedrijven in Namen en het Brusselse. Daarmee lijken de interessantste koopjes - op enkele uitzonderingen na - uitgeput op de Belgische markt: de 1200 overblijvende begrafenisondernemingen zijn vooral eenmanszaken, die gemiddeld 150 begrafenissen per jaar regelen en het niet nodig vinden om voor hun beperkte investeringen de financiële hulp van de megagroepen in te roepen. Maar als de ietwat duistere sector - noch de beroepsvereniging Funebra, noch de afgescheurde West-Vlaamse vleugel geven cijfers vrij over de omvang van de sector in België - onder het probleem van de lage volumes uit wil, zijn consolideren of verticaal integreren de enige mogelijkheden. Amerikaanse begrafenisondernemers kozen op dit kruispunt massaal voor de consolidatie: SCI, Stewart en Loewen hebben er 23% van de markt in handen. In het Belgische landschap lijkt de verticale integratie-optie de meest voor de hand liggende: verschillende begrafenisondernemers hebben nu al bloemenleveranciers of kistenmakers in hun portefeuille. Wat hen juist weer interessanter maakt voor de grote groepen. En vice versa. FRANK DEMETS