Die bewering veronderstelt echter dat de landen buiten de zone bereid zijn om Europese producten te kopen. Intussen blijven de prijzen van de ingevoerde producten stijgen. De stelling geldt dus alleen als het economische herstel wereldwijd is, anders leidt de verzwakking van de euro tot een evenredige rentestijging.
...

Die bewering veronderstelt echter dat de landen buiten de zone bereid zijn om Europese producten te kopen. Intussen blijven de prijzen van de ingevoerde producten stijgen. De stelling geldt dus alleen als het economische herstel wereldwijd is, anders leidt de verzwakking van de euro tot een evenredige rentestijging. Zolang de conjunctuur slabakt, zullen de lidstaten er immers toe verplicht worden hun economie financieel te ondersteunen. Dat zal het budgettaire tekort van elk lid flink de hoogte in drijven. Tot op vandaag vinden de landen vrij gemakkelijk kopers voor hun uitgiften, maar dat hebben ze te danken aan de lakse monetaire politiek gevoerd door de Europese Centrale Bank (ECB). Zij bood de banken tot voor kort heel goedkope kredieten aan. De banken maakten daarvan gebruik om staatspapier op te nemen en van het renteverschil te profiteren. De stopzetting van dergelijke kredietvensters zal de financieringsbron stilleggen. Banken zullen dus kieskeuriger worden bij de aankoop van staatspapier. Ze zullen onvermijdelijk de voorkeur geven aan de beste prijs-kwaliteitsverhouding. Algemeen wordt aangenomen dat een openbare schuld die lager dan 60 % van het bbp uitkomt, probleemloos te financieren is. Zodra die drempel overschreden wordt, begint de rentelast een averechts effect op de staatsfinanciën uit te oefenen. En eens boven 90 % start een vicieuze aangroei, die alleen met drastische fiscale maatregelen te beteugelen valt. Momenteel vertegenwoordigt de algemene staatsschuld van de Europese lidstaten iets meer dan 70 % van het bbp van de eurozone. We hebben de gevarenzone nu dus al bereikt. Om de zaken recht te trekken, zou Europa de komende vijf jaar een aanhoudende economische groei van iets meer dan 8 % moeten kunnen optekenen. Dat is onrealistisch. De geboden rente moet hoe dan ook lager uitkomen dan de verwezenlijkte economische groei. Binnenkort zal dat niet langer zo zijn. Wat erger is: de relatie tussen de rentestand en de economische groei geldt alleen als meer dan de helft van de investeerders residenten zijn. Alleen dan kan de overheid een rentestand afdwingen. Haar leningen fungeren immers als risicoloze beleggingsproducten en worden als maatstaf voor alle andere beleggingsproducten gebruikt. Wanneer de financiering van de staatsschuld in vreemde handen komt, verliest de overheid haar invloed op de rentevorming en op haar capaciteit om de zaken effectief recht te trekken. De Griekse crisis is een voorbode van wat de eurozone te wachten staat als ze niet snel van strategie verandert. Eendracht is absoluut vereist als men de Unie en de euro wil redden. De regeringsleiders zouden vandaag gepaste maatregelen moeten afkondigen om het spaargeld binnen de eurozone doeltreffend naar de financiering van de staatsschulden te kanaliseren. Daarvoor is de tussenkomst van het Internationaal Monetair Fonds volledig overbodig. (C) Door Jean-Pierre Avermaete